Op het werk (36)

Lijst van uitdrukkingen van managers bij internationale ondernemingen en uit de advocatuur, ingestuurd door bedrijfsjurist R. Harinck uit Rotterdam:..

Dimdammen - Niet ter zake komen.

Aftoepen - Checken.

Over de mat rollen - Stevig onderhandelen.

Hypo - Hypotential, iemand met goede promotiekansen, ook wel high flyer genoemd.

Lopo - Lopotential, iemand zonder verdere promotiekansen.

Blafbrief - Brief bedoeld om te intimideren (advocatuur).

Briefje inblaffen - Dicteren in de dictafoon (advocatuur).

Bokkie staan - Risico lopen.

Over de muur gooien - Zorgen dat een ander iets doet, de verantwoordelijkheid bij een ander neerleggen.

Showstopper - Standpunt waarop onderhandelingen kunnen afbreken.

Pressure cooker - In onderhandelingen de druk opvoeren door te dreigen, meestal bedoeld om vastgelopen onderhandelingen op gang te brengen.

Goeie vent - Bekwame collega of iemand met wie je goed zaken kunt doen.

Zuigen - Als een transactie zo goed als rond is met nog nieuwe punten komen.

Een memootje dichten - Memo schrijven.

Draaikont - Iemand die steeds van mening verandert.

Meters maken - Vooruitgang boeken.

Opruwen - Duidelijk maken.

Opharden - Cijfermatig concreter maken.

Handen en voeten geven - Uitwerken.

In dit gremium - In deze vergadering.

Een vent met ballen in een tent met smoel - Goede manager bij een bedrijf dat zich duidelijk profileert.

Foute das - Opvallende stropdas.

Biggies - Belangrijke onderwerpen.

Bean counter - Manager met financiële verantwoordelijkheid die naar de mening van anderen uitsluitend naar de cijfers kijkt.

Techneut - Iemand in spijkerbroek die iets onbegrijpelijks met computers doet, of iemand van de technische dienst.

Mol - Iemand die altijd alleen en met de deur dicht werkt.

Paladijn - Ondergeschikte, ook wel tassendrager of yes man genoemd.

Bruinwerker - Iemand die door vlijerij hogerop probeert te komen, ook wel holenkruiper genoemd.

Met de stofkam ergens doorgaan - Iets precies uitzoeken, vooral gebruikt door managers die dat zelf niet hoeven doen.

Papershuffelaar - Iemand die veel bureauwerk doet.

Huilebalk - Iemand die veel klaagt of iemand die op zijn rechten staat (bijv. niet meer dan 40 uur per week werken).

Tuinbroek - Man die part time wil werken om meer tijd aan zijn gezin te besteden.

Tuinkabouter - Iemand met een baard.

Die baard - Iemand met een baard.

Die snor - Iemand met een snor.

Koud stellen - Een collega niet meer bij bepaalde zaken betrekken, dit betreft meestal een Lopo.

Dossiertje bouwen - Het bijhouden van het personeelsdossier van een werknemer met het oog op een mogelijk ontslag.

In Op het werk verzamelen we uitdrukkingen, jargon, humor en vreemde woorden uit de wereld van het kantoor en aanverwante werkplekken. Bijdragen aan de reeks worden op prijs gesteld. Ook 'kantoor-art' is welkom: de kunst die vanzelf op papier ontstaat tijdens saaie vergaderingen of lange telefoongesprekken. Richt uw inzendingen aan: De Volkskrant, Dag in Dag uit, postbus 1002, 1000 BA Amsterdam. Fax: 020-5626289.

Meer over