Oorlogskunst terug naar erven Gutmann

De Nederlandse overheid gaat de volledige Gutmann-collectie 'onverwijld' teruggeven aan de erfgenamen. Dat bevestigt Nick Goodman, de kleinzoon van het in de oorlog omgekomen joodse echtpaar Gutmann....

Goodman ontving dinsdag een fax, waarin staatssecretaris Van der Ploeg van Cultuur hem van de teruggave op de hoogte stelt. Van der Ploegs besluit tot teruggave is gebaseerd op een nog niet publiek gemaakt advies van de Commissie-Polak, die in opdracht van de overheid claims op gerecupereerde oorlogskunst onderzoekt.

De teruggave betreft alle 243 objecten - schilderijen, antiek en kunstnijverheid - die de Nederlandse overheid na de oorlog op de Duitsers heeft teruggevorderd. Met de teruggave is naar schatting enkele tonnen gemoeid.

In het begin van de Tweede Wereldoorlog werd het bankiersechtpaar Friedrich en Louise Gutmann gedwongen delen van hun kunstcollectie te verkopen aan de nazi's. In 1943 werden zij door de Duitsers gedeporteerd naar concentratiekampen en vermoord. De inboedel van hun huis in Heemstede werd geconfisqueerd en naar Duitsland gebracht. Na de oorlog werd een deel van hun bezit door Nederland uit Duitsland teruggevorderd.

De geconfisqueerde voorwerpen werden teruggeven aan de kinderen, Lili en Bernard Gutmann. Maar de Stichting Nederlands Kunstbezit (SNK), die in de eerste na-oorlogse jaren belast was met de teruggave van oorlogskunst, wilde het deel van de collectie dat aan de nazi's was verkocht niet afstaan, omdat deze verkoop vrijwillig zou zijn geweest.

De rechter stelde de SNK in 1954 in het ongelijk: de erfgenamen mochten de voorwerpen terugkopen voor het bedrag dat de Duitsers hadden betaald. Bij negen schilderijen zagen de erfgenamen daarvan af, omdat hen de financiële middelen ontbraken. Deze schilderijen bleven in het bezit van het Rijk.

Lange tijd gold de zaak volgens het regeringsbeleid daarmee als afgedaan. De in 1997 door Van der Ploeg ingestelde commissie-Ekkart, die heeft onderzocht hoe de overheid zich heeft opgesteld bij teruggave van oorlogskunst, pleitte echter voor een soepeler teruggavebeleid. De houding van de SNK was 'kil en bureaucratisch', oordeelde Ekkart.

Sinds begin dit jaar is er een arbitragecommissie, de Commissie-Polak, die een aantal claims opnieuw moet beoordelen. Het advies over de Gutmann-claims is het eerste advies van de commissie. In de fax aan Goodman schrijft Van der Ploeg dat de negen schilderijen in 1954 nooit aan de erfgenamen te koop aangeboden hadden mogen worden, aldus Nick Goodman. Volgens hem noemt Van der Ploeg het overheidsbesluit tot teruggave 'een moreel besluit, niet een wettelijk besluit'.

Daarnaast krijgen de erfgenamen ook de 234 andere voorwerpen terug, die sinds 1998 in Nederlands staatsbezit zijn gevonden en geïdentificeerd als behorend tot de Gutmann-collectie. Nick Goodman heeft geen idee welke waarde de collectie vertegenwoordigd. 'Ik schat enkele honderdduizenden dollars. Maar het zal geen miljoen zijn.'

Het is onzeker wat de beslissing over Gutmann betekent voor andere claims. Ook nazaten van de Goudstikker en Koenigs eisen kunstbezit terug bij de overheid.

Meer over