Oorlog tussen koning en koningin

WANNEER DE scheidingsgolf eindelijk koninklijke families bezoekt, geeft dat problemen met de traditionele aanhang. Temeer als er nog een curieuze staatskerk is, zoals in Engeland, alsmede een huilerig-infantiele sensatiepers....

JAN JOOST LINDNER

George IV, eerder 'de regent' (toen zijn krankzinnige vader George III nog als een schim door zijn kasteel waarde), was een onmatig mens in bijna alles en een driftkop. Zijn uitbeelding in de Engelse tv-serie Blackadder III is natuurlijk een persiflage. De echte regent was evenzeer dom en arrogant, maar ook een stuk kwaadaardiger. Zijn voornaamste slachtoffer was zijn wettige echtgenote Caroline van Brunswick (Braunschweig).

Flora Fraser heeft aan deze wel zeer ongelukkige koningin een gedetailleerde, dus lijvige biografie gewijd. Fraser is een kenner van de napoleontische periode, met name de malligheden en de boudoirs. Ze schreef eerder over Emma Hamilton, de bizarre minnares van vlootgenie Horatio Nelson. Bovendien kent de schrijfster de Britse historie van huis uit. Haar moeder Antonia Fraser schreef veel, en erudiet, over de monarchie en grootmoeder Elizabeth Longford maakte onder meer een indrukwekkende Wellington-biografie.

Caroline krijgt van Flora Fraser enig eerherstel. Ze was nogal dom en tactloos, maar vocht moedig tegen alle vernederingen haar door koning en regering aangedaan. En ze wist de harten van het gewone Engeland te winnen. Gebruikt door allerhande liberalen en radicalen werd ze een origineel symbool van verzet tegen een Tory-bewind op zijn bekrompenst.

Het is een wat vreemd boek. Wel geschiedschrijving van aanzienlijke kwaliteit met voldoende achtergrond en vol sappige details, een grimmige zedenschets ook, maar het hele drama schuilt toch wel erg in de marge van de grote napoleontische strijd. Boudoirgekibbel, hoe grappig en leesbaar ook, terwijl de vlammen door belendende straten slaan. De biografie blijft zo iets te veel divertissement.

Caroline's huwelijk is al bij voorbaat mis, wanneer de aanstaande bruidegom bij zijn eerste blik op de gezette Duitse prinses om een glas cognac smeekt. Ook zij vindt de corpulente prins een stuk minder dan zijn portret. Er wordt plichtmatig nog even een dochtertje gemaakt (dat twintig jaar later in het kraambed zal sterven), maar verder hebben de echtelieden - op afstand en met verve - oorlog gevoerd.

Aanvankelijk gaat die niet slecht voor Caroline, want schoonvader (en oom) George III heeft ook al een stevige hekel aan de hedonistische kroonprins. In het hele boek blijven trouwens weinig menselijke relaties gaaf. Maar als George jr regent wordt (1811), is hij aan de winnende hand. Hij verbiedt Caroline meteen hun dochter te zien.

Een moegetreiterde prinses vlucht ten slotte naar Italië. Ze reist nogal opzichtig rond met een tot baron gepromoveerde louche minnaar, terwijl de regent (als steeds) huiselijkheid zoekt bij de fles en een reeks oudere, manipulerende minnaressen. Tijdens al haar (bont geschilderde) omzwervingen houdt Caroline één droombeeld vast: ze zal koningin van Engeland zijn.

Dat wordt ze formeel ook na de dood van George III, maar de nieuwe koning wil meteen van haar scheiden. Op grond van overspel, overigens een kras staaltje van dubbele moraal. Ook mag Caroline niet meer in de anglicaanse gebeden bedacht worden. Zij keert met opgestoken zeilen terug en maakt een zegetocht door een toch al roerig Engeland. Joelende menigten vernielen koetsen en eisen van passerende lords dat deze de koningin bejubelen. Aan Wellington wordt het antwoord 'Leve de koningin, en mogen jullie vrouwen ook zo zijn' toegeschreven. Het werd sportief opgenomen.

Een boeiend aspect van deze biografie is de ongemakkelijke samenwerking van de nieuwe volksheldin met de radicale liberalen, vooral met haar briljante, maar opportunistische verdediger Henry Brougham (naar wie een licht rijtuig is vernoemd). De Whigs gebruikten de eigenwijze koningin graag om de Tory's onder premier Liverpool ten val te brengen, maar tegelijk wilden deze liberalen en radicalen burgerlijk-respectabel blijven. Terwijl Caroline's echte achterban de ruiten liet sneuvelen: 'The Queen for ever, the King in the river.'

George IV eist een wet volgens welke Caroline wegens overspel met haar Italiaanse nepbaron al haar titels en voorrechten verliest. Liverpool ziet het somber in, maar de geobsedeerde koning drukt door. Gevolg: een sensationeel, langdurig proces in het Hogerhuis, waarin alle details van Caroline's losse levenswandel worden uitgeplozen. Een ramp voor de regering, een feest voor land en oppositie. En voor de karikaturisten die de vele intieme relaties van regering én Hogerhuis als contrast gebruiken.

Het wordt - goeddeels dankzij Brougham - een triomf voor Caroline, want Liverpool moet ten slotte de wet intrekken. Dit wordt gevierd met een grootse optocht door Londen onder het spandoek: 'The Queen's Guard: The People'.

Politie slaat op de vlucht en het kabinet vreest zelfs muiterij van het leger. De Franse herinneringen zijn nog vers. Overigens wordt Frasers stelling dat Engeland op de rand van een revolutie stond, niet erg hard gemaakt.

Kort na haar zege begaat Caroline de blunder om grif een veel hogere jaartoelage van vijftigduizend pond (zo'n 2,5 miljoen vandaag) te accepteren van het Lagerhuis. Meteen is ze alle politieke steun kwijt, want het volk vindt haar een duitendief, zoiets als George en zijn kliek. En veel cartoons worden nu (met behulp van enige regeringssubsidie) erg onvriendelijk voor haar.

Bij de plechtige kroning van de koning klopt zij hysterisch en vergeefs op alle deuren van Westminster: 'Ik ben uw koningin' Enkele weken later (augustus 1821) overlijdt ze, overigens zonder haar komend einde te betreuren. Caroline, alleen nog in naam koningin, verbrandt haar dagboeken. Vermoedelijk gunt ze haar echtgenoot geen greintje extra gelijk achteraf. Ook haar einde staat nog in het teken van de miserabele strijd.

Enkele maanden eerder werd de nog ongekroonde koning bericht dat zijn grootste vijand was overleden. Bedoeld werd Napoleon, maar George IV riep uit: 'Is she, by God'

Jan Joost Lindner

Flora Fraser: The Unruly Queen - The Life of Queen Caroline.

Macmillan, import Nilsson & Lamm;

¿ 63,-.

ISBN 0 333 57294 7.

Meer over