Ook in vreedzame gebieden Israël nemen spanningen toe

Jaffa heeft een reputatie hoog te houden als stad waar Joden en Arabieren in harmonie naast elkaar leven, maar ook hier nemen de spanningen toe. 'De politie begint de Arabische bevolking te behandelen als vijand. Er wordt geschoten om te doden'

Israëlische politieagenten begeleiden Arabieren in het oude centrum van Jeruzalem. Beeld epa
Israëlische politieagenten begeleiden Arabieren in het oude centrum van Jeruzalem.Beeld epa

'Mijn zoon is in koelen bloede doodgeschoten. De politie had hem kunnen arresteren, maar vuurde zes kogels op hem af. Zes!' Jamal Saadi (44) kijkt met een verbeten blik om zich heen, naar rouwende familieleden en vrienden.

Een rouwbeklag onder een haastig gespannen zeildoek, de aanwezigen in plastic stoelen rondom de nabestaanden: het tafereel is bekend. Onder Palestijnen. Maar Saadi is een Israëliër. Een Arabische Israëliër, wel te verstaan.

Plaats van handeling is niet Jeruzalem, of de bezette Westelijke Jordaanoever. Saadi woont in Jaffa, een kustplaats die onder het bestuur van Tel Aviv valt. Een aanzienlijke minderheid van de bevolking is van Arabische afkomst. Jaffa heeft een reputatie hoog te houden als stad waar Joden en Arabieren in harmonie naast elkaar leven. 'Mijn Joodse buurman was een van de eersten die ons kwam troosten, we zijn al dertig jaar vrienden', zegt Jamal Saadi. 'We hebben bewezen dat we in vrede kunnen leven.'

Het is zondag, daags nadat zijn zoon door de politie werd gedood en de gemoederen in Jaffa hoog opliepen. Honderden inwoners, vooral jongeren, gingen uit protest tegen het optreden van de politie de straat op, staken autobanden en vuilnisbakken in brand en blokkeerden wegen.

Volgens de politie zou de omgekomen Mahdi Saadi (20) betrokken zijn geweest bij een schietpartij 'met een criminele achtergrond'. De vader kent de toedracht niet, hij zegt dat hij door de politie in het ongewisse wordt gelaten. Maar dat de jonge Madhi een bedreiging vormde voor de schietende agent of agenten, lijkt hem ondenkbaar. Op de vraag van een Israëlische journalist of de zoon wellicht een agent had willen aanvallen, antwoord hij stellig, en geërgerd: 'Nee, nee.' Hij ontkent ook enig verband met de spanningen afgelopen weken rond de Al Aqsa-moskee in Jeruzalem.

Een lokale islamitische leider, Mohamed Adreie, ziet wel een verband. Dat jongeren in Jaffa woedend de straat op gingen 'was te verwachten'. Er bestond volgens hem in de stad 'grote steun' voor het wekenlange protest van de Palestijnen tegen de controle van Israël over de islamitische heiligdommen in Jeruzalem. In de straten van Jaffa hangen plakkaten met, in het Arabisch, de oproep om de Al Aqsa-moskee 'open te houden'. Een opvallend beeld tussen de vele advertenties, in het Hebreeuws, voor luxueuze appartementen die in hoog tempo verrijzen.

Die nieuwbouw is ook een bron van spanningen in Jaffa. 'Israëliërs kopen huizen en grond op, wij moeten wijken', zegt een familielid van de omgekomen Saadi - doelend op bedrijven en particulieren die de eeuwenoude havenstad willen veranderen in een luxe badplaats. Het is volgens hem te vergelijken met Joodse kolonisten die in het Arabische deel van Jeruzalem onroerend goed verwerven, goedschiks of kwaadschiks.

Maar wat de inwoners van Jaffa nu vooral bezighoudt, is het optreden van de plaatselijke politie. 'De politie begint de Arabische bevolking te behandelen als vijand. Er wordt geschoten om te doden', tekende het Palestijnse persbureau Ma'an dit weekeinde op uit de mond van Amir Badram, de advocaat van de familie Saadi.

De krant Haaretz meldde maandag nog een recent incident rond een Israëlische Arabier, zij het zonder dodelijke afloop. Een 14-jarige jongen werd in Jeruzalem door voorbijgangers onder handen genomen omdat hij zich verdacht zou hebben gedragen. 'Ze besloten dat deze Israëlisch-Arabische tiener een terrorist was, en vielen hem aan', luidde de kop.

Arabische inwoners van Israël klagen sinds jaar en dag over 'etnisch profileren', discriminatie en achterstelling door de autoriteiten. Rechtse politici zien deze staatsburgers als sympathisanten, zelfs handlangers van Palestijnen die naar geweld grijpen. Dat beeld werd bevestigd toen drie Israëlische Arabieren op 14 juli twee agenten doodschoten bij een ingang van de Al Aqsa-moskee. Het was voor Israël reden om detectiepoortjes en veiligheidscamera's te plaatsen, en dat was weer de aanleiding voor aanhoudende protesten.

De Arabische fractie in de Knesset, het Israëlische parlement, waarschuwde na de dodelijke schietpartij in Jaffa dat het optreden van de politie alleen maar leidt tot meer geweld. In de nacht van zondag op maandag ging het in de stad weer mis. De politie arresteerde vijf demonstranten, onder wie drie minderjarigen, wegens vandalisme.

Israëlische Arabieren

De meeste Israëlische Arabieren zijn in Israël geboren, als nazaten van Palestijnen die tijdens de Israëlische onafhankelijkheidsstrijd (1947-'48) niet verdreven werden of op de vlucht sloegen. Hun aantal ligt momenteel boven de 1,5 miljoen; ze vormen ongeveer twintig procent van de bevolking. Een bundeling van Arabische partijen, de Gezamenlijke Lijst, vormt sinds de verkiezingen van 2015 de op twee na grootste fractie in het parlement. Op verkiezingsdag sprak premier Benjamin Netanyahu waarschuwend over 'horden Arabieren' die naar de stembus togen. In binnen- en buitenland kreeg hij het verwijt dat hij de rechtsstaat en de democratie niet serieus nam. Het hield hem niet van de overwinning af.

Meer over