Ook het pensioen moet door twee

ZELFS MENSEN DIE DACHTEN HUN SCHEIDING GOED GEREGELD TE HEBBEN KUNNEN BIJ HUN PENSIOEN NOG ONAANGENAAM VERRAST WORDEN...

Vrouwen gaan verontrustend nonchalant met hun pensioen om. De overgrote meerderheid van de vrouwen denkt pas aan het pensioen bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd of het overlijden van de partner, zo leert het onderzoek Vrouwen en hun pensioen. Een zorg voor later? dat de Stichting Pensioenkijker.nl afgelopen woensdag presenteerde.

'Rijkelijk laat dus', stelt Emilie Schols van Pensioenkijker.nl. Veel vrouwen vertrouwen erop dat alles wel goed geregeld zal zijn, hebben geen zin zich erin te verdiepen, en worden pas wakker als het te laat is. Als hun ex vroegtijdig overlijdt bijvoorbeeld, en ze tot hun schrik geen enkel recht op een nabestaandenpensioen blijken te hebben.

Ook denkt de overgrote meerderheid van de niet-verdieners (meest vrouwen dus) het bij scheiding ook wel zonder het pensioen van de ex te kunnen stellen. En terwijl volgens Schols slechts 40 procent van alle vrouwen met een inkomen groter of gelijk aan 70 procent van het minimumloon economisch zelfstandig is.

Van de bijna 150 duizend Nederlanders die dit jaar 65 worden heeft 10 procent een of meerdere scheidingen achter de rug. Dat zijn vijftienduizend mensen die hun ex misschien al twintig jaar niet hebben gezien en zich nu opeens moeten afvragen hoe ze dat toen eigenlijk hadden geregeld. Wat als hij niets van zich laat horen? Moet je hem bellen? Of schrijven? Of het pensioenfonds? En waar heeft hij toch allemaal gewerkt?

Wie na 1995 is gescheiden, heeft het relatief makkelijk. Standaard wordt het samen opgebouwde pensioen eerlijk verdeeld: Ieder de helft van het gedurende het huwelijk opgebouwde pensioen, ongeacht of je nu in gemeenschap van goederen getrouwd was of niet. Een simpel formuliertje volstaat om het pensioenfonds opdracht te geven het pensioen rechtstreeks naar beide exen over te boeken.

Voor wie te laat was met dit formulier (moet binnen twee jaar na de scheiding) of al langer gescheiden is, wordt het een stuk lastiger. 'Wie geen aanvullende regeling heeft getroffen, zal zijn ex zelf moeten bellen of schrijven', zegt familierechtadvocaat Kyra Pijls, bestuurslid van de Verenging voor Familierechtadvocaten en Scheidingsbemiddelaars (VFAS). De pensioenfondsen van zijn oude werkgevers hebben alleen met hem te maken en zullen zich bij navraag van een ex beroepen op bescherming van zijn privacy.

Maar exen hebben wettelijk recht op hun deel. Als de ex zich in stilzwijgen blijft hullen of met vage, zelfgemaakte berekeningen komt, is volledige openheid af te dwingen met een brief van een advocaat en zonodig met een kort geding.

Waar je precies recht op hebt hangt in de eerste plaats af van wanneer je gescheiden bent. Wie er al voor 1981 een punt achter heeft gezet en geen aanvullende regeling heeft getroffen, kan nu fluiten naar zijn geld.

Pijls voorziet dan ook vooral problemen bij de enorme groep die tussen 1981 en 1995 is gescheiden. De gezonde gewoonte om bij scheiding standaard goede afspraken te maken over de verdeling van het pensioen, was zeker begin jaren tachtig nog niet ingeburgerd. Wie na twintig jaar nog eens verhaal komt halen, zal het daar in een eventuele rechtszaak nog moeilijk mee hebben.

De groep van vóór 1995 is in meerdere opzichten in het nadeel. Wie niet in gemeenschap van goederen getrouwd was – 'koude uitsluiting' – kan eveneens fluiten naar zijn geld. Ook de mogelijkheid om het pensioenfonds direct aan de ex uit te laten keren was geen recht, maar een gunst.

Veel mensen kopen de pensioenrechten bij echtscheiding af, met een bedrag ineens of bijvoorbeeld een groter aandeel in het te verdelen huis. Anderen kiezen ervoor om het pensioen bij de echtscheiding te converteren: het gemeenschappelijke pensioen wordt omgezet in twee gescheiden pensioenpolissen.

'Maar pas vooral op als er kinderen in het spel zijn', waarschuwt Pijls. Conversie betekent afstand doen van een eventueel nabestaandenpensioen. Je hebt letterlijk niets meer met elkaar te maken en als de tot dan toe trouw alimentatie betalende ex op zijn 45ste plotseling overlijdt, sta je totdat je zelf 65 wordt met lege handen.

Mensen die voor 1995 onder huwelijkse voorwaarden zijn getrouwd en alles strikt gescheiden dachten te hebben, moeten ook opletten. Bij scheiding kan de ex toch de helft van het samen opgebouwde pensioen opeisen. Wil je dit voorkomen, dan moet je nogmaals naar de notaris om hem uitdrukkelijk een 'uitsluiting van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding' in de huwelijkse voorwaarden te laten opnemen.

Regel daarom liefst meteen bij scheiding een scheidingsconvenant. Vergeten of onduidelijke afspraken? Geen nood, maar ga niet rustig nog eens vijftien jaar zitten wachten tot de ander 65 wordt. n

Meer over