‘Ook de imam zegt: ga naar de schapenmarkt’

Brussel heeft waarschijnlijk een wereldprimeur: een markt waar 6000 schapen te koop zijn voor het islamitische offerfeest. Dinsdag worden ze er ter plaatse ritueel geslacht....

Een meisje van een jaar of vier steekt een handje stro door het hek. ‘Papa, déze is lief!’, roept ze naar haar vader. Maar hij heeft het te druk met het uitkiezen van een schaap voor het islamitische offerfeest van dinsdag. De kleuter beseft niet dat de duizenden schapen die hier worden verkocht, volgende week ritueel worden geslacht.

Met een grote schapenmarkt probeert Brussel een einde te maken aan illegale slachtingen bij moslims thuis. Maximaal zesduizend schapen kunnen worden verkocht en vervolgens door professionele krachten worden geslacht in de oude loodsen van een houtfirma, gelegen aan een kade van het kanaal in Brussel. Handelaren uit heel België komen hierheen om hun schapen te verkopen.

Volgens Emir Kir is het initiatief een primeur voor Europa en waarschijnlijk zelfs voor de wereld. ‘Er wonen 175 duizend moslims in de negentien gemeentes van het Brussels hoofdstedelijk gewest’, zegt de staatssecretaris voor Openbare Netheid van Brussel. ‘Vorig jaar werden bij het offerfeest ongeveer 17 duizend schapen geslacht. Daarvan waren er maar 1291 slachtingen in de vijf gemeentelijke slachthuizen van Brussel. Het merendeel gebeurde dus bij de mensen thuis.’

Dat is wettelijk verboden, zegt Kir, zelf van Turkse origine. ‘Dat heeft natuurlijk te maken met dierenwelzijn, volksgezondheid en hygiëne. Door de thuisslachtingen kwam er veel slachtafval tussen het gewone huisafval terecht of werd het zelfs illegaal gedumpt. Daar willen we een einde aan maken.’

De totale organisatie kost ruim 300 duizend euro. Een ton wordt betaald door het Brussels hoofdstedelijk gewest. De kopers betalen per slachtcertificaat 25 euro, de handelaren dragen per verkocht schaap 10 euro af.

De sfeer in de enorme houten loods is gemoedelijk. De vrieskou maakt dat veel kopers ook weer niet al te lang over hun aankoop willen nadenken. Alleen de schapen hebben het, met hun wollen vacht en dicht opeengepakt, niet koud.

Handelaren en veeboeren hebben hun dieren in geïmproviseerde kooien staan, tussen hoge hekwerken, op stro. Er zijn dierenartsen aanwezig om de schapen in de gaten te houden. De kopers mogen zelf de hokken in om te keuren, kijken en kiezen. De dieren ondergaan het rustig: er valt geen geblaat te horen.

De meeste kopers zijn groepjes mannen, maar sommige gezinnen hebben er een uitstapje van gemaakt. Kinderen spelen met een groep bokjes, terwijl ouders hun keuze bepalen.

Eenmaal verkocht krijgen de dieren met een spuitbus een nummer op hun vacht en worden ze op een andere plek gezet in de loods. ‘Je krijgt ze dus niet mee naar huis’, zegt koper Samir Aydouni. ‘Het slachten kan je ook veel beter hier laten doen. Er zijn wel mensen die ervaring hebben met zelf slachten in de achtertuin en dat ook keurig doen met de juiste spullen. Maar dat is nu eenmaal tegen de wet en onze religie schrijft ons ook voor de wereldlijke wetten te gehoorzamen.’

Aydouni heeft zijn oog laten vallen op een niet al te grote ooi. Nog altijd goed voor ruim 25 kilo vlees. Hij heeft een klein gezin: zijn vrouw en een baby’tje van een jaar. ‘We gaan dat schaap niet helemaal alleen opeten. Je deelt het in drieën. Eenderde is voor je gezin, eenderde deel je met familie en vrienden en eenderde geef je aan de armen. Ik ga informeren bij het Restaurant du Coeur, voor daklozen, bij ons in Sint-Gillis.’

De handelaars zijn redelijk tevreden over de markt. ‘De organisatie is goed en ik heb al aardig wat schapen verkocht’, zegt Sen Kapaklikaya. ‘Ik had alleen gehoopt dat het iets drukker was. Als deze markt een traditie wordt, zal er over een jaar of twee vast nog meer toeloop zijn.’

Schapenboer Jan van Uffel uit Aalter, tussen Gent en Brugge, heeft honderd schapen meegenomen, die tussen de 120 en 170 euro per stuk kosten. ‘De Turken willen vooral een ram, de Marokkanen kiezen eerder voor ooien’, zegt hij. De mannetjes zijn het duurst. ‘Ze wegen meer en ze hebben minder vet.’ Ja, er wordt afgedongen, maar met zo veel aanbieders zijn de prijzen volgens hem al scherp.

Alles lijkt donderdag gesmeerd te lopen. Maar de belangrijkste dag is pas dinsdag, tijdens het offerfeest zelf. Alle kopers komen dan met hun aankoopbewijs om hun schaap op te halen. Daarmee gaan ze naar een tweede loods waar vier slachtinstallaties klaarstaan.

Vervolgens gaan ze naar lange stalen tafels. Daar wordt de hals van de al gedode dieren doorgesneden en het bloed opgevangen. Duizend gloednieuwe, groene kruiwagens staan in het gelid voor het transport naar een van de bijna tweehonderd rekken, waar de dieren kunnen worden opgehangen en uitgebeend.

‘De mensen krijgen alleen vlees mee naar huis’, zegt Vincent Jumeau, kabinetsmedewerker van staatssecretaris Kir. ‘In die containers daar worden de schapenhuiden en de ingewanden gescheiden opgeruimd.’ Er staan vier immense zeecontainers klaar van Net Brussel, de schoonmaakdienst van het hoofdstedelijk gewest. ‘Er zijn er nog meer’, zegt Jumeau.

Hij maakt zich geen zorgen over dinsdag. ‘Het wordt natuurlijk enorm druk, we rekenen op drieduizend auto’s en een veelvoud aan bezoekers’, zegt Jumeau. ‘Iedereen wil liefst meteen na het ochtendgebed in de moskee komen slachten. Dat lukt natuurlijk niet. Maar omdat iedereen vooraf te horen krijgt op welk tijdstip van de dag hij wordt verwacht, kunnen we de toeloop aan.’

Er zijn ook moslims die de schapenmarkt en de massale slachtingen aan het Brusselse kanaal maar niets vinden. ‘Dat is vooral de oudere generatie. Maar het staat niet in de koran voorgeschreven dat je het thuis moet doen’, zegt koper Samir Aydouni.

Ook zijn grootvader stoort zich enorm aan deze grootse aanpak. ‘Hij vindt het onpersoonlijk, maar hij weet dat hij geen keuze heeft. Ook de imam heeft in de moskee aangeraden de rituele slachting hier te doen. De meeste mensen hebben liever hier een massaal offerfeest, dan bloederig gedoe thuis.’

Meer over