Ook boer Beulink zwicht voor het geld, helaas

Of hij een boek over Pruisen wilde schrijven, vroeg de uitgever aan Sander van Walsum (1957), sinds 2004 correspondent voor de Volkskrant in Duitsland....

Dus besloot hij een verhaal te schrijven waarbij hij kon putten uit zijn geheugen. En zo schreef hij in de avonduren zijn debuutroman De afslag , over de grote veranderingen die plaatsvonden in een klein dorp in Overijssel in de jaren zestig van de vorige eeuw.

Joost van Pawijck wordt meester aan de lagere school in Burghem (dat eigenlijk het plaatsje Bathmen is waar Van Walsum opgroeide als zoon van de veearts) en treft daar een boerengemeenschap aan die nog bijna vooroorlogs van aard is. Tot er een afslag komt van de snelweg van Deventer naar Hengelo. Dit wordt de levensader van de nieuwe tijd die niet alleen auto’s, forenzen, nieuwbouwhuizen en de supermarkt brengt maar ook het oude boerenleven doet verdwijnen.

In verzorgd Nederlands dat wat plechtig aandoet, maar met gevoel voor historische, politieke en culturele details schetst Van Walsum hoe het dorp onder de ogen van toeschouwer Joost verandert. Hij laat de heer Van den Paavoordt, de dominee Andringa en het schoolhoofd Drooglever in hun keurige gesprekken met Joost wat mijmeren over de toestand. ‘Met de tijdgeest kunnen we de strijd niet aanbinden. Hoe bitter ook’, zegt de een, terwijl de ander over het nieuwbouwhuis van een dorpsgenoot verzucht: ‘Maar waarom gaat zijn sociale opmars met zoveel wansmaak gepaard?’

Ook boer Beulink zwicht voor de verleiding van het geld en verkoopt zijn boerderij, maar twijfelt achteraf: ‘Want dit was wel het enige leven dat wij kenden.’ Uitspraken met het dramatisch effect van een stoplap. Vlees noch vis is dit portret van zijn geboortedorp, dat je nauwelijks een roman kunt noemen.

Er is weinig hiërarchie in de gebeurtenissen en de personages, die braaf hun duit in het zakje doen opdat de lezer van de 21ste eeuw niet vergeet dat er ook nog een leven vóór De afslag was.Edith Koenders

Meer over