Onweer, een sleets noodgebouw en een laken: ontsnapt

In de nacht van dinsdag op woensdag trekt een zwaar, uren durend onweer over Noord-Brabant. In Breda, in de schaduw van de roemruchte koepelvormige gevangenis, staat een noodgebouw....

Contact met de buitenwereld mag hij niet hebben, om het onderzoek naar zijn activiteiten in Nederland niet te dwarsbomen. Buiten gaat, door het onweer, keer op keer het alarm. Als D. naar buiten kijkt, wordt zijn blik in het duister niet gehinderd door tralies. Veiligheidsglas moet hem binnen houden.

De constructie rond het glas vertoont sporen van slijtage. Het gebouw is een product van de bouwwoede van de gevangeniswereld begin jaren negentig. Zoals zo vaak is een noodgebouw een permanent gebouw geworden.

D. kan het raam openwrikken door spullen uit zijn cel in het onluchtingsgat van het raam te steken. Hij klimt naar buiten met behulp van een of meer lakens. Dan klautert hij over de muur de vrijheid in. Een alarmmelding wordt door het personeel genegeerd. Het al enkele jaren oude alarmsysteem reageert naar de smaak van de gevangenbewaarders wat al te makkelijk op het onweer.

Zo is het gegaan, zeggen goed ingevoerde bronnen. Heeft D. een donderslag afgewacht om over de muur te klimmen?

Begin jaren negentig werd de gevangeniswereld getroffen door een reeks zeer gewelddadige ontsnappingen. Personeel werd gegijzeld. Met wisselend succes werden zelfs helikopters ingezet om gevangenen weg te plukken. Tegelijkertijd groeide de verontwaardiging over het cellentekort. Heenzendingen van criminelen werden niet meer getolereerd.

Het leidde tot een ongekende bouw- en beveiligingsgolf. Treurig kroonjuweel is de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught, de nationale bajes voor zeer vluchtgevaarlijk gedetineerden. Een en ander resulteert in een scherpe daling van het aantal heenzendingen en uitbraken.

'Breda' staat in de gevangeniswereld relatief goed bekend. Het personeelstekort en het ziekteverzuim rijzen er niet de pan uit, zoals in de Randstad. En juist deze oude bajes heeft in de loop der decennia zijn zwakke punten kunnen verbeteren. Maar dat geldt niet voor noodgebouwen.

Algerijn D. was niet de meest geschikte kandidaat voor detentie in een noodproduct, zeggen ingewijden. Bij de beoordeling van vluchtgevaar werken bewaarders doorgaans met vaste criteria. Daartoe behoren de herkomst van de gedetineerde (hoe verder buiten Nederland, hoe verleidelijker een vluchtpoging) en de aanwezigheid van een criminele organisatie die hem bij een uitbraak kan helpen. Ook vuurwapengevaarlijkheid en de aanwezigheid van kapitaal, waarmee hulp eventueel kan worden ingekocht, tellen mee bij de risico-analyse.

De ontsnapte D. scoort, als de beschuldigingen aan zijn adres kloppen, aardig hoog op die kenmerken. De beslissing tot plaatsing in een extra beveiligde cel kan bovendien worden bespoedigd als een ontsnapping kan leiden tot maatschappelijke onrust. Ook dat lijkt bij D. nu het geval, gezien de reacties in het parlement op de ontsnapping.

De ontsnapping trok mede de aandacht door het klassieke gebruik van een of meer lakens. Het kan nóg klassieker. In december vijlden in Groningen drie gedetineerden, voor zij er langs lakens vandoor gingen, hun tralies door. Niet bekend is of de vijl in een taart was binnengesmokkeld. De mannen zijn, net als Algerijn D., nog voortvluchtig.

Meer over