Ontvoerde Baskische wethouder vermoord ETA negeert eis van miljoen Spanjaarden

'De ETA heeft ons allemaal uitgelachen', concludeerde José Antonio Ardanza wrang. De Baskische president toonde begrip voor de massaal tot uiting gebrachte woede van Basken en Spanjaarden over de laatste moord van de terreurgroep, maar hij riep de demonstranten op hun democratische waardigheid te behouden: 'Wraak, nee', benadrukte hij tot...

Van onze correspondent

Cees Zoon

MADRID

Zelden in de geschiedenis zijn de Spanjaarden zo massaal de straat op gegaan als zaterdag. Meer dan een miljoen mensen waren op de been, van Santiago de Compostela tot aan Las Palmas. Ze hadden slechts één boodschap: ze smeekten de ETA om Miguel Angel Blanco, de ontvoerde wethouder van een klein Baskisch stadje, niet te vermoorden, maar vrij te laten.

Tevergeefs. Het ultimatum van de terroristen liep zaterdagmiddag om vier uur af. Vijfenvijftig minuten later werd Blanco bloedend gevonden door twee jagers in een bos niet ver van San Sebastian. Zijn handen op de rug gebonden, twee kogels in het hoofd. Hij ademde nog, maar bij aankomst in het ziekenhuis werd de hersendood vastgesteld. Om drie uur 's nachts overleed hij.

Een paar uur later waren de demonstranten in heel Spanje terug op straat, maar in een totaal andere gemoedstoestand. Het nieuws dat de ETA haar dreigement had uitgevoerd en dat Blanco was gevonden met twee kogels in het hoofd, had de smekende menigten veranderd in woedende en agressieve. 'Asesinos! Asesinos', moordenaars, schalde het door het hele land. 'Grijp ze', was het parool dat op tal van plaatsen klonk.

Ze, dat waren de mensen van Herri Batasuna (HB), de politieke tak van de ETA. In Ermua, de woonplaats van de vermoorde wethouder, werd een kantoor van HB in brand gestoken. In Pamplona deden demonstranten een poging het hoofdkwartier van HB te bestormen. Hier ontstond in de vroege zondagmorgen een kleine veldslag tussen demonstranten en en groepjes tegendemonstranten, die zoals gebruikelijk provoceerden met de kreet 'Leve de ETA'. De politie gebruikte rubberkogels om een eind aan de slag te maken.

'De ETA is niet de enige verantwoordelijke voor het gebeurde', zei president Ardanza. 'Hun medeplichtigen, die twee dagen lang schaamteloos hebben gezwegen, zijn degenen die als dekmantel dienen. Ik bedoel natuurlijk Herri Batasuna: het bloed van dit slachtoffer zal ook op jullie geweten drukken.'

De 29-jarige Miguel Angel Blanco, wethouder van de Partido Popular van premier Aznar in het stadje Ermua, werd donderdagavond ontvoerd. Hij was een even willekeurige als makkelijke prooi voor de terroristen, die binnen een paar uur hun eis formuleerden: alle ongeveer vijfhonderd veroordeelde ETA-leden moesten binnen 48 uur worden overgebracht naar gevangenissen in Baskenland, anders zou Blanco worden geëxecuteerd.

Dezelfde eis had de ETA de laatste jaren al vaker gesteld. De regering wil echter onder geen beding wordt toegeven aan gewelddadige chantage. De termijn van 48 uur was derhalve een farce, aldus minister van Binnenlandse Zaken Mayor Oreja: 'Dit was geen ontvoering, maar een in scène gezette moord.' En de Baskische minister Atutxa, verantwoordelijk voor de terreurbestrijding, waarschuwde: 'De ETA komt altijd haar woord na.'

Maar de Spanjaarden en de Basken hadden de hoop niet opgegeven en gingen de straat op om duidelijk te maken dat de ETA hen de keel uitkwam. Het land was nog nauwelijks hersteld van de schok veroorzaakt door de beelden van de bevrijding van José Ortega Lara, een gevangenbewaarder die 532 dagen lang door de terroristen was opgesloten in een hol van twee bij drie meter diep onder de grond. Hij kwam eruit als een zombie, 25 kilo afgevallen en wezenloos om zich heen starend.

Direct na het bekend worden van de nieuwe gijzeling kwamen de eerste spontane demonstraties op gang. Vrijdag waren ze al veelvuldiger en groter, en zaterdag leek heel Spanje op de been. Er was geen stad in het land waar niet op zijn minst een paar duizend mensen zich verzamelden om de vrijlating van Blanco te eisen.

In Madrid vulden rond het middaguur tienduizenden de Puerta del Sol, de Dam van de Spaanse hoofdstad. 'Miguel, te esperamos', stond op de poster die de meesten met zich meedroegen: 'Miguel, we wachten op je.' Het was een bijeenkomst die het midden hield tussen een protest en een smeekbede. 'Basta ya', genoeg, schreeuwden de demonstranten. En 'Basken ja, ETA nee.' Maar ook: 'Laat hem alsjeblieft vrij.'

In Baskenland zelf was Bilbao het centrum van de roep om vrijlating van Miguel Angel Blanco. Rond een half miljoen mensen marcheerden door de stad, aangevoerd door premier Aznar en de leiders van alle politieke partijen. De mars had geen duidelijk begin of einde, het hele centrum van de stad vulde zich met een menigte die ten slotte in een indrukwekkende stilte verviel, alleen verstoord door het geluid van de politiehelikopters.

Ook de televisie sloot zich bij het protest aan. Alle Spaanse zenders vervingen hun logo voor twee etmalen door de blauwe strik, het ingeburgerde symbool van de strijd tegen de ETA-terreur. Om één minuut voor vier gingen alle stations uit de lucht: de laatste minuut voor het verstrijken van het ultimatum vertoonden zij allemaal een foto van Blanco voorzien van de tekst 'Miguel, wij wachten op je.'

Meer over