Ontbinding euro is geen serieuze optie meer

Euroscepsis had nut om al te rooskleurige verwachtingen af te remmen. Maar in een EU zonder zelfvertrouwen heeft scepsis aan zeggingskracht verloren.

DIRK JAN VAN BAAR

Je hebt tegenwoordig eurosceptici in alle soorten en maten. The Eurosceptical Union, grapte The Economist na de Europese verkiezingen waarin anti-EU-partijen het goed deden. Alsof David Cameron het niet het moeilijkst heeft van alle regeringsleiders. De eurosceptische Britse premier, die de EU wil hervormen richting 'minder Europa', heeft in eigen land concurrentie van de UKIP van Nigel Farage, de Britse Geert Wilders die de EU wil verlaten, en loopt in september ook nog kans dat Schotland voor onafhankelijkheid kiest en uit het Verenigd Koninkrijk stapt. De Schotten willen op hun beurt wel graag EU-lid blijven, een kwestie waarover Cameron de Britten voor 2017 een referendum heeft beloofd. Daarvoor moet hij dan eerst nog wel even worden herkozen. Britse humor? Of zijn de Britten ten prooi gevallen aan de gevreesde Belgische toestanden?

Ooit moest je stiekem de BBC of Radio Londen inschakelen om op de hoogte te blijven van de schuivende frontlijnen op het Europese continent. Vandaag wordt er vanaf de Britse eilanden alleen nog mist verspreid. Dat heeft er niet toe geleid dat onze media, die allemaal zeer voor transparantie zijn, minder Brits zijn georiënteerd.

Nederland is nu in de greep van een euroscepsis die er voor de invoering van de euro niet was. De keuze voor deelname aan de muntunie, waartegen in de jaren negentig weinig bezwaar bestond, heet nu een fout te zijn, een fuik waar we met z'n allen in zijn gezwommen. Zeg maar eens dat het niet waar is, gezien de doorzeurende economische crisis. De Europese elites die aan de euro vasthouden, heten nu met Brits gevoel voor understatement 'eurofielen', alsof het een seksuele afwijking betreft.

Vrijheidspartijen als het Front National en de FPÖ in Oostenrijk, vroeger fascisten genoemd, worden nu tot het eurosceptische kamp gerekend, net als de PVV. Zij zijn tegen de euro en willen desnoods uit de EU. Het wordt gebracht als een respectabele beleidsoptie, wat moet kunnen in een democratisch debat. Terwijl we hier met onvervalste eurobashing te maken hebben, wat iets heel anders is dan euroscepsis.

Als iemand die zelf sceptisch stond tegenover de euro, zie ik deze ontwikkeling met afgrijzen aan. Scepsis houdt intellectuele twijfel in, en in de jaren negentig twijfelde ik of de grote lidstaten bereid waren tot de soevereiniteitsoverdracht die voor het functioneren van een muntunie nodig is. Daar kun je nog steeds aan twijfelen, maar de euro is wel een feit, al meer dan twaalf jaar, en het verloop van de eurocrisis heeft ondubbelzinnig aangetoond dat de Europese elites die niet willen terugdraaien. Begrijpelijk, want de euro is het enige baken in een financieel onzekere wereld. Dat loslaten zou met een enorm vertrouwensverlies en - vooral in Zuid-Europa - gevoel van verraad gepaard gaan. Een gecontroleerde ontbinding van de euro, die in het grootste geheim in zeer select gezelschap zou moeten worden voorbereid, is onmogelijk en na alle noodverbanden die sinds 2010 zijn aangelegd geen serieuze beleidsoptie meer. Wie nu naar nationale munten terugwil, bepleit in feite het opblazen van de hele Europese orde, met alle onheilspellende gevolgen van dien.

Voor de Britten, die buiten de euro staan, ligt dat een slagje anders. Zij hebben nog altijd nationale terugvalposities. Maar dat betekent ook dat de door hen voorgestane hervormingen van de EU, die tot 'minder Europa' moeten leiden, voor landen van de eurozone (waaronder Nederland) nooit een leidraad kunnen zijn. De Britse euroscepsis is voor de eurozone een gepasseerd station. Waarbij nog komt dat euroscepsis aan zeggingskracht heeft verloren in een EU die niet meer het zelfvertrouwen heeft van weleer. Scepsis heeft nut bij het afremmen van al te rooskleurige toekomstverwachtingen. Maar euroforisch is tegenwoordig niemand meer. In Nederland is nu (behalve D66 en GroenLinks) iedereen min of meer eurosceptisch, terwijl er tegenover de eurobashers - die anti-EU zijn - geen heldere afbakening bestaat.

Zo veel terminologische vaagheid is vragen om problemen, zeker als de toekomst niet om minder, maar om 'meer Europa' vraagt. Dat de euroscepsis anno 2014 alleen nog mist verspreidt, laat zich het best illustreren door Groot-Brittannië, waar de conservatieve premier Cameron alle regie kwijt is en zich in bochten moet wringen om zijn koninkrijk bijeen te houden. Misschien moet hij - Remember Belgium! - bij Herman Van Rompuy in de leer.

Dirk Jan van Baar is historicus.

undefined

Meer over