‘Onnodige sterfte vroeggeborenen door te weinig doorverwijzen’

Er sterven onnodig pasgeborenen omdat artsen zwangere vrouwen bij complicaties te weinig doorverwijzen naar speciale klinieken. Die zijn beter toegerust als een kind te vroeg geboren dreigt te worden, stelt een groep kinderartsen en gynaecologen vandaag in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG)....

Van onze verslaggever Broer Scholtens

De specialisten analyseerden 512 bevallingen in de regio’s Utrecht en Nijmegen van prematuur geboren baby’s (na 22 tot 31 weken zwangerschap). Uit het onderzoek blijkt dat artsen bij een duur van minder dan 25 weken niets deden om het overlijden van het kind te voorkomen. Bij een zwangerschapsduur van 25 weken werd in een kwart van de gevallen iets gedaan. Al deze prematuur geboren baby’s zijn overleden, grotendeels al in de verloskamer.

Ook na een zwangerschap van 26 weken bleken specialisten nog terughoudend om pasgeborenen te behandelen, schrijven de specialisten van de universitaire ziekenhuizen in Utrecht en Nijmegen. Terwijl baby’s van 26 weken wereldwijd worden beschouwd als ‘levensvatbaar’. Het risico op een ernstige afwijking is wel groot.

Ook in de Nederlandse richtlijn voor gynaecologen staat dat vrouwen met dergelijke premature baby’s naar een specialiseerde kliniek moeten worden verwezen. Veel artsen houden zich blijkbaar niet aan hun eigen richtlijn, stellen de artsen in het NTvG.

In een commentaar stellen kinderartsen van de Isala-klinieken in Zwolle dat de gynaecologenrichtlijn strijdig is met een richtlijn van de vereniging van kinderartsen. Die adviseert baby’s na een zwangerschap van minder dan 25 weken niet te behandelen.

Meer over