Onleesbaar boek

In het dikke Duitse boek Postdramatisches Theater probeert de auteur Hans-Thies Lehmann de angsten voor modern theater weg te nemen....

'Wat jammer dat de zangeres zoveel minder mooi acteert dan de actrice', mopperde een vriendin die ik naar Vuile dieve had gestuurd. In die Hollandia-voorstelling speelt Elsie de Brauw een stokoude vrouw en 'zingt' Jannie Pranger een softe zakenvrouw. Ik zei mijn vriendin dat je het spel van de zangeres niet moet afzetten tegen het formidabele acteertalent van Elsie de Brauw. Pranger is een prachtige zangeres. Haar wervelende coloraturen vullen de Lage Druk centrale op het Hoogovencomplex, waar het stuk gespeeld wordt. En Pranger heeft een sterke présence op het toneel. Als ze slechter geacteerd had, zou er nog geen man overboord geweest zijn. Een zangeres beoordeel je in de eerste plaats op de expressiviteit van haar muzikale prestatie. In het moderne theater moet je meerdere meetlatten op zak hebben en niet bang zijn voor stijlheterogeniteit. In het postdramatische theater is er niet zo veel zucht om verschillende disciplines op elkaar af te stellen.

Ik had mijn teleurgestelde vriendin graag meegenomen naar een rustige plek om haar voor te lezen uit Postdramatisches Theater, een dik Duits boek dat veel angsten voor modern theater wegneemt. Hans-Thies Lehmann, de auteur, heeft ook in Nederland rondgezworven want het wemelt Hollandse namen in het register.

In het postdramatische theater, zo schrijft Lehmann, is de tekst al lang niet meer alleenheerser. Tekst is er niet meer dan 'een laagje autonome theatraliteit'. Soms is de dialoog vervangen door 'spraakvlakken' die gebruikt worden zoals je kleuren gebruikt in de schilderkunst. Het postdramatische theater is erop gericht bij de toeschouwer een actieve fantasiestroom op te wekken. De associatiemachine werkt er met de grilligheid van de droom. Soms zijn er helemaal geen referenties meer en wordt het 'concreet theater'.

Volgens Lehmann is theater in onze tijd geen massamedium meer. Het postdramatische theater bedient zich van een niet-hiërarchische esthetiek. Het toont meer instabiele systemen dan gesloten kringlopen. In de turbulentie van de chaos ontstaan nieuwe theatertalen. Door de heterogeniteit van het aangeboden materiaal, kom je tot een geïntensiveerde waarneming van details, zegt Lehmann. Uit het aangeboden materiaal stelt de toeschouwer zijn eigen voorstelling samen.

Eigenlijk doet Lehmann niet anders dan Koningin Beatrix doet in het Stedelijk Museum in Amsterdam. De methode van Hare Majesteit om abstractie te pousseren is alleen veel efficiënter. Ook veel postdramatischer. Zij verklaart niks, ze hangt het gewoon bij elkaar. Lehmann heeft meer dan vijfhonderd bladzijden met soms verstikkend Duits dramaturgenjargon nodig om tot zijn intelligente kronkels en briljante rijtjes te komen. Voor de dramaturg Gefundenes Fressen, voor anderen: onverteerbaar.

'Theater ist gemeinsam verbrauchte Lebenszeit', schrijft Leh mann. Een heerlijke uitspraak die ook geldt voor het conventionele drama. Dus als u in 2001 gaat genieten van felle Macbeth-voorstellingen die in de maak zijn bij Toneelgroep Amsterdam, het rotheater en Het Toneelhuis, hebt u toch wat van Lehmann geleerd zonder zijn boek te doorworstelen.

Meer over