Onkreukbaar, meedogenloos

In de marge van het tumult over het opstappen van de voltallige Europese Commissie, kondigde demissionair commissaris Karel van Miert zijn vertrek uit de politiek aan....

MENIG bestuurder of directeur moet hebben gesidderd als de naam van Karel van Miert viel. De Belgische Eurocommissaris voor concurrentiebeleid had lak aan reputaties. De top van Boeing, de bazen van Volkswagen, velen kwamen hem tegen. In Nederland kennen ze hem ook. Bij Reed Elsevier en Wolters Kluwer bijvoorbeeld, of bij KPMG en Moret, Ernst & Young. Wie fusieplannen had of staatssteun incasseerde, wist dat Van Miert vanuit Brussel meekeek en soms meedogenloos oordeelde.

In het tumult over de val van de Europese Commissie was het een opmerking in de marge, maar zijn mededeling dat hij geen politieke ambities meer heeft was tamelijk opmerkelijk. Een enkeling opperde deze week nog zelfs zijn naam als opvolger van Commissie-voorzitter Jacques Santer. 'Nee, nee', reageerde hij met een ik-moet-er-niet-aan-denken-uitdrukking op het gelaat.

Wie een ongekreukte reputatie de belangrijkste aanbeveling voor zo'n kandidatuur vindt, zou zijn geld gerust op Van Miert (57) hebben kunnen zetten. Zelfs bij het bedrijfsleven dwong hij uiteindelijk respect af: hij toonde zich ongevoelig voor lobby's en beheerste de dossiers.

In het onderzoek van het Comité van Wijzen naar fraude binnen de Commissie valt zijn naam één keer. In 1994 zou hij als commissaris voor personeelsbeleid onvoldoende zijn opgetreden tegen knoeiende ambtenaren. Een lachertje, zo bestempelde hij deze aantijging in De Morgen. Hij heeft juist aangedrongen op sancties. Maar de vakbonden lieten zich niet zo maar passeren.

Hij toonde zich deze week bitter over de soms onbarmhartige kritiek in het rapport. 'Gisteren ging het nog over peanuts, vandaag is alles één corrupte boel. Maar ik voel me niet aangesproken, in het geheel niet.'

In het Agusta/Dassault-schandaal figureerde Van Miert even iets nadrukkelijker. Hij zou als voorzitter van de Socialistische Partij al vroeg hebben geweten van de pogingen smeergeld te betalen, nog voordat de contracten werden gesloten. Waterdicht bewijs daarvoor is niet gevonden. Een reeks prominenten van de socialistische partij werd veroordeeld, maar Van Miert belandde niet eens op de beklaagdenbank.

De huidige ontreddering in het dagelijks bestuur van de Unie speelt geen rol in de aankondiging van zijn vertrek. Het is na tien jaar mooi geweest in de Commissie, het langdurige sluitstuk van een Europese loopbaan die feitelijk al in 1968 begon, toen hij medewerker was van Sicco Mansholt. Misschien dat hij nog alleen even in een mogelijke interim-commissie van de partij zal zijn.

Het onderwijs lonkt, heeft hij te kennen gegeven. Dat is geen nieuw terrein: van 1978 tot 1994 doceerde hij al aan de Vrije Universiteit van Brussel.

Meer over