'Ongestuurde vier' sukkelt nog met juiste vorm

'Als je niet wint ben je een sukkel. Als je wel wint is de voorsprong nooit groot genoeg', verzuchtte bondscoach Diederik de Boorder bij de Nederlandse kampioenschappen....

Gelet op de reputatie van de bemanning én de kwaliteit van de tegenstand, was de voorsprong van twee bootlengten op nummer twee te gering. Het eerste bondsteam zou met een grotere voorsprong moeten afrekenen met de verenigingsploegen. Dat gebeurde echter niet.

De ongestuurde vier is gevormd rond Michiel Bartman en Diederik Simon. Zij zijn de meest succesvolle Nederlandse roeiers die nu nog actief zijn. Het koppel maakte deel uit van de Holland Acht die goud won op de Olympische Spelen van 1996. In 2000 zaten zij in de zilveren dubbelvier. Vorig jaar werden zij samen met Dirk Lippits en Geert Cirkel vice-wereldkampioen in de dubbelvier. Dit jaar koos Dirk Lippits echter voor de skiff.

Het overgebleven drietal stapte noodgedwongen naar een ander boottype en zocht naar een nieuwe vierde man. Twee sollicitanten werden uitgenodigd: Geert Jan Derksen en Matthijs Vellenga. Na een korte proefperiode kreeg krachtpatser Derksen de voorkeur.

Twee weken geleden maakte het nieuwe vlaggenschip in Duisburg nog slagzij. Bij de eerste internationale confrontatie miste de boot de aansluiting met de wereldtop volledig. En dat was ver beneden de stand van Bartman, Simon en Cirkel. In de dubbelvier, met twee riemen elk, snelden zij vorig jaar van de ene naar de andere podiumplaats.

Na het Duisburg-debacle namen de coaches De Boorder en Klerks geen halve maatregelen en zette debutant Derksen aan de dijk. De plaats van de krachtpatser werd ingenomen door 'tweede keus' Matthijs Vellenga, die pas vier jaar roeit, maar technisch goed uit de voeten kan. De inbreng van Vellenga resulteerde er bij de NK in dat het vlaggenschip geen slagzij meer maakte. Maar de ploeg lijkt nog niets aan snelheid te hebben gewonnen. De ongestuurde vier verkeert nog steeds in de gevarenzone.

Toch ziet slagman Bartman mogelijkheden om de lager wal-koers van zijn boot te verleggen naar gunstiger vaarwater. 'Het juiste ritme is weer terug, het roeien gaat gemakkelijker dan eerst. Bij de NK wilde we vooral versnellingen uitproberen en dat lukte. Het ging nu niet om de topsnelheid. De basis is er weer, maar we zullen hard aan de slag moeten om progressie te boeken.'

Vellenga heeft alle tijd om te trainen. 'In principe studeer ik economie. Deze overwinning was mijn eerste van het seizoen. Toch scoor ikmet het roeien beter dan met mijn studie. Die teller staat nog op nul.'

Hij had er geen moeite mee om alsnog plaats te nemen in de boot waar hij aanvankelijk voor was afgedankt. 'In de tussentijd heb ik veel bijgeleerd in de skiff, en dat komt in de vier goed van pas. Misschien ben ik een te lieve jongen, maar ik vond de wissel ook zuur voor Geert Jan Derksen', zei Vellenga, die een bijbaantje heeft in de naastenhulp en zijn aandacht verdeelt tussen twee 'thuiszorg oma's'.

Net als haar collega's Dirk Lippits en lichtgewichtroeister Marit van Eupen, deed Hurnet Dekkers op de Bosbaan goede zaken door de skifftitel op te eisen. Anders dan Vellenga ontbreekt het Dekkers aan tijd om zich volledig op het roeien te richten. 'Ik volg een opleiding tot revalidatiearts. Dit betekent dat ik om half zeven op moet staan om op tijd op mijn werk te zijn. Om zes uur 's avonds ben ik op de bosbaan voor de training. Daarna is het nog even eten, vervolgens ga ik slapen. Alleen in het weekeinde heb ik de tijd om twee keer per dag goed te trainen.'

Dat straffe regime weerhield Dekkers er niet van om naast de skifftitel ook nog de dubbeltweetitel binnen te halen. Samen met Marlies Smulders sleepte zij ook die titel binnen. De voorsprong van het gelegenheidsduo op nummer twee bedroeg ruim zes seconden.

Meer over