nieuws

Onderzoek onder zorgmedewerkers: tweederde krijgt griepsymptomen na prik met AstraZeneca

Tweederde van de zorgmedewerkers die deelnamen aan een onderzoek naar bijwerkingen, kreeg een dag na inenting met AstraZeneca te maken met griepsymptomen. Bij veel mensen waren die symptomen zo fiks dat ze niet konden werken. De negatieve berichten over AstraZeneca komen ongelegen nu de vaccinatiecampagne toch al zo moeizaam verloopt.

Marieke Grefelman werkt in een woonzorginstelling voor gehandicapten. ‘Je bent voorbereid op mogelijke bijwerkingen. Maar zo hevig had ik het niet verwacht.’ Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Marieke Grefelman werkt in een woonzorginstelling voor gehandicapten. ‘Je bent voorbereid op mogelijke bijwerkingen. Maar zo hevig had ik het niet verwacht.’Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

‘Yes, we mogen!’, dacht Marieke Grefelman (32) vorige maand, toen ze aan de beurt was voor een afspraak voor een vaccinatie. Als woonbegeleider in een instelling voor zwaar lichamelijk en verstandelijk gehandicapten had ze meegemaakt hoe verwoestend corona kon zijn. Dolgraag wilde ze ingeënt worden.

Maar dat ze zo ziek zou worden van de prik met het vaccin van AstraZeneca had ze niet verwacht. Zo’n 12 uur na na de vaccinatie kreeg ze hoofdpijn, spierpijn en gewrichtspijn. Licht kon ze nauwelijks verdragen. Haar temperatuur steeg boven de 39 graden. En ze voelde zich doodmoe.

Anderhalve dag was ze er ziek van, daarna voelde ze zich weer beter. ‘Dit valt natuurlijk in het niet bij corona’, relativeert ze. ‘Ik ken mensen die een half jaar na hun coronabesmetting nog klachten hebben. Dat is natuurlijk veel erger.’

De ernstige, zeer zeldzame bijwerkingen van AstraZeneca – bloedstolling in combinatie met een zeer laag aantal bloedplaatjes – leiden tot veel onrust. Duitsland is om die reden tijdelijk gestopt met toediening van dit vaccin aan personen jonger dan 60. Minder aandacht is er voor de ‘gewone’ griepachtige bijwerkingen, die, zo blijkt uit onderzoek van bijwerkingencentrum Lareb, opvallend vaak voorkomen.

Overvallen

Grefelman werkt in een woonzorginstelling voor gehandicapten in Raalte van organisatie Zozijn. Daar zag ze veel van haar collega’s, overwegend jonge vrouwen, omvallen na de prik. ‘Ik schat zo’n zes op de tien. Sommigen hadden nergens last van.’ Het overviel hun een beetje, zegt Grefelman. ‘Je bent voorbereid op mogelijke bijwerkingen. Maar zo hevig had ik het niet verwacht.’

Zozijn heeft inmiddels een intern bericht rondgestuurd dat het vaccin mogelijk bijwerkingen geeft. En dat daarmee rekening moet worden gehouden bij het invullen van de roosters.

Ook bijwerkingencentrum Lareb, die de bijwerkingen van de vaccins in de gaten houdt, merkt op dat gevaccineerden na een eerste prik van het vaccin van AstraZeneca vaak bijwerkingen ervaren, aanmerkelijk vaker dan bijvoorbeeld bij inenting met het Pfizer-vaccin. Dat bleek uit een vragenlijstonderzoek, dat werd ingevuld door gevaccineerde zorgmedewerkers, voornamelijk vrouwen tot 65 jaar.

Tweederde van de deelnemers had na een prik met AstraZeneca hoofdpijn, spierpijn, vermoeidheid of voelde zich algeheel niet lekker. Na de Pfizer-vaccinatie had slechts eenderde van de geprikten zulke bijwerkingen. Ook hadden gevaccineerden met AstraZeneca aanmerkelijk vaker koorts: bijna vier op de tien, bij Pfizer een op de twintig.

Dit kan een overschatting zijn, zegt directeur Agnes Kant van Lareb. Iemand die bijwerkingen ervaart, zal vaker een vragenlijst invullen. ‘De aard van deze bijwerkingen valt mee, maar het percentage gevaccineerden dat deze ervaart is behoorlijk’, zegt Kant. ‘Daarom brengen wij deze gegevens naar buiten. ‘Dat is onze taak en dat geeft ook vertrouwen. Doel is dat mensen niet worden overvallen door de bijwerkingen. Dat mensen na een vaccinatie met AstraZeneca er extra rekening mee houden dat ze een dag niet lekker kunnen zijn.’

Stollingen

Voor de duidelijkheid: deze veelvoorkomende ‘griepachtige’ bijwerkingen staan los van de ernstige en extreem zeldzame mogelijke bijwerking van het vaccin van AstraZeneca. Die leidden ook in Nederland deze maand tot een tijdelijke prikstop. In meerdere Europese landen deden zich, voor 18 maart, in totaal 25 opgespoorde ernstige gevallen voor, van bloedstolling in combinatie met een zeer laag aantal bloedplaatjes. Negen van hen overleden. Voor het perspectief: zo’n 20 miljoen mensen kregen het vaccin de afgelopen maanden toegediend en Europa en het Verenigd Koninkrijk.

Na onderzoek concludeerde het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) 18 maart dat het vaccin van AstraZeneca ‘veilig en effectief’ was. Hierop besloot minister Hugo de Jonge (volksgezondheid) dat het prikken ermee weer kon worden hervat.

Maar in Duitsland is nu deze week toch besloten het vaccin van AstraZeneca niet langer toe te dienen aan personen onder de zestig jaar. Dit na een nieuwe reeks incidenten met bloedstolsels in het hoofd na toediening van het vaccin. De Duitsers viel het op dat deze zeldzame bijwerking aanmerkelijk vaker lijkt op te treden bij vrouwen onder de 55 jaar.

Nederland ziet geen reden om, in navolging van Duitsland, de koers met AstraZeneca bij te stellen, zegt de woordvoerder van minister De Jonge desgevraagd. In Nederland zijn er tot nu toe drie meldingen geweest na een vaccinatie met AstraZeneca van de combinatie trombose met een verlaagd aantal bloedplaatjes. ‘Op dit moment blijkt uit de diagnostiek niet dat dit om hetzelfde beeld gaat als in de meldingen in andere landen', zegt Kant.

Op dit moment enten de GGD’s vooral zorgmedewerkers in met AstraZeneca, en het merendeel van hen is vrouw. Kant: ‘Daarbij kunnen jongeren door de werking van hun immuunsysteem wat meer reageren op vaccins dan ouderen.’ Lareb zet nu het onderzoek voort onder andere doelgroepen.

Grote bereidheid

De negatieve berichten over AstraZeneca komen ongelegen in een vaccinatiecampagne die toch al moeizaam verloopt. In bijvoorbeeld de gehandicaptensector hopen ze dat werknemers zich er niet door laten afschrikken en zich in groten getale laten vaccineren. ‘We hebben onze leden erop gewezen dat er niet te veel mensen van één afdeling tegelijkertijd naar de prikstraat moeten gaan’, zegt woordvoerder Johan van Ruijven van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland. Van Ruijven valt het juist op hoe weinig onrust er is over het vaccin. ‘Zorgmedewerkers zien hoe belangrijk deze bescherming is om uit de pandemie te komen.’

Ook in de gehandicapteninstelling in Raalte bleef de bereidheid tot vaccinatie groot. ‘Mijn meeste collega’s namen de griepachtige bijwerkingen voor lief’, zegt woonbegeleider Grefelman. ‘Ik denk niet dat wij het op ons geweten zouden willen hebben dat wij iemand zouden besmetten, terwijl wij de kans hebben gehad om dit te voorkomen.’

Maar niet allemaal. Een collega van Grefelman van in de 60, die niet met haar naam in de krant wil, vertelt dat ze even afziet van vaccinatie. Eerst aarzelde ze toen ze de griepachtige bijwerkingen zag van dit vaccin bij haar collega’s. In de periode dat haar collega’s werden gevaccineerd heeft zij extra uren gewerkt. ‘Mijn halve team lag toen op apegapen.’

Toen deze zorgmedewerker vervolgens hoorde van de zeer zeldzame bijwerking bloedstolling in combinatie met een zeer laag aantal bloedplaatjes, wist ze zeker dat ze zich niet zou laten prikken met AstraZeneca, vertelt ze. ‘Een lastige beslissing. Je voelt je toch voor het blok gezet in de zorg. Alsof je de vaccinatie niet kunt weigeren. Dat je je dan straks schuldig gaat voelen als je iemand besmet.’

Liever wacht ze nog even af. Misschien dat ze over een paar maanden wel een prik kan bemachtigen met het vaccin van Pfizer, hoopt ze. ‘Die hebben de bewoners van onze instelling gehad. Die hebben nergens last van gehad. Gelukkig maar.’

Meer over