Ondergang Titanick intrigerend spektakel

Titanick. Regie: José van Tuijl in zomerfestival Karavaan te Schagen. Titanick is 13 t/m 15 juli in het Over het IJ Festival in Amsterdam-Noord....

Met theater is het net als met voetbal. Liefhebbers slaan eind mei, als de toneelgroepen en de voetbalclubs de loketten sluiten, een zucht van verlichting. De bekers zijn binnen, de dompers weggeslikt. Na maanden vol spanning volgt een pas op de plaats.

Met een schuin oog gericht op de transfermarkt verzet de liefhebber zijn bakens. Wielrenners en tennissers nemen de scepter over van de voetballers, bewegende beeldentuinen en zingende objecten vallen in voor toneelspelers. Tevergeefs. De zomer is nog geen twee touretappes en anderhalf theaterpark oud, of het verlangen naar het echte werk laat zich alweer voelen. Een vrije trap van Frank de Boer. Een monoloog van Tom Jansen. Alleen in de mooiste juli-dromen staan ze op het programma.

Groot is daarom de schrik wanneer op zomaar een zomerse dag twee meevallers zijn te noteren. Jacco Eltingh in de kwartfinales van Wimbledon en Titanick als openingsact van zomerfestival Karavaan. Op papier lijkt Titanick niets meer dan een openluchtspektakel waarvan er dertien in een dozijn gaan. Want wat mag je verwachten als 'een groep internationale kunstenaars zich laat inspireren door de geschiedenis van het luxe passagiersschip dat in 1912 na een botsing met een ijsberg op de bodem van de oceaan verdween?' Een olijk waterballet, gromt het vooroordeel.

En water stroomt er, op het moment dat de boot in Schagen ten onder gaat. Twintigduizend liter, weet de wervingsfolder zeker. Ver voor die apotheose heeft Titanick echter al bewezen een smaakvol spektakel te zijn.

De openingsscène overtuigt onmiddellijk. Enkele muzikanten, in normale doen jazzmusici te Leipzig, scheppen het geluidsdecor van een groot dok. Aldaar takelen typetjes (de directeur is dik, het personeel mank of gebocheld) het achtersteven van de oceaanstomer omhoog.

Onoverwinnelijk wanen ze zich, de bouwers aan dit bewijs van Vooruitgang, niemand kan hen stoppen. Zelfs niet wanneer de boot, na een met vuurwerk opgeluisterde doop, bij het te water gaan een tikkeltje teveel water maakt.

Terwijl een matroos in de machinekamer het lek met bezemstelen tracht te dichten, zit de reder met zijn liefje op het bovendek aan het diner. Totdat de brandslangen zich bollen en het water blijft komen.

Wat deze performance boven de vele andere zomerspektakels doet uitstijgen, is de wijze waarop het gezelschap kunsten uithaalt met de theatertechniek. Ingenieuze metaalconstructies koppelen de illusie van een inferno aan de romantiek van de meccano-doos. Ook de acteurs mogen er zijn. Hun groteske personages blijven intrigeren, zelfs naast een om aandacht smekende vlammenzee.

Ronald Ockhuysen

Meer over