Analyse

Omtzigt keert terug als waarheidsserum en wil de partijpolitiek ontstijgen

Pieter Omtzigt is teruggekeerd in het hart van de landelijke politiek. Met een explosieve mix van dadendrang en twijfel zet hij rechtvaardigheid centraal en richt hij zich in eerste instantie op huisvesting en bestaanszekerheid.

Pieter Omtzigt ontvouwt zijn politieke plannen als eenmansfractie, in de Balie, waar het programma 'Plein 		Publiek' wordt opgenomen. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Pieter Omtzigt ontvouwt zijn politieke plannen als eenmansfractie, in de Balie, waar het programma 'Plein Publiek' wordt opgenomen.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het zal niemand ontgaan zijn: dit was de week waarin Pieter Omtzigt terugkeerde in het hart van de ­politiek. Zo wilde hij dat zelf ook, door met volle inzet mee te doen aan het Afghanistandebat, de week af te sluiten met een lezing bij de Balie en als vanouds de pers op te zoeken om informatie uit te wisselen over dossiers. Helemaal als vanouds was het niet: dezelfde pers vond hij nogal hinderlijk toen hij woensdagochtend voor het eerst in een half jaar het gebouw van de Tweede ­Kamer betrad en werd opgewacht door camera’s en microfoons. ‘Dit voelde niet heel fijn op een dag dat ik terugkom na een burn-out’, liet hij weten. Om die reden zei hij niet in talkshows te verschijnen en geen kranteninterviews te doen. Een dag later schoof hij aan bij Nieuwsuur, waar hij zijn emoties ternauwernood in bedwang kon houden.

Dus ja, Pieter Omtzigt is terug, met een explosieve mix van dadendrang en twijfel, en van beide heel veel. Dat bleek ook vrijdagmiddag, toen hij naar de Balie in Amsterdam kwam om een lezing te geven, waarin hij de kern van zijn boodschap nog eens uiteen zou zetten.

Rekenmeester

Een massieve, doorwrochte lezing was het. Met rechtvaardigheid als ­leidend principe en huisvesting en bestaanszekerheid als de eerste prioriteiten waarop hij zich wil richten. Hier sprak Omtzigt de rekenmeester. Maar eerst wat anders. ‘Je moet goed bestuur hebben om daarna de problemen te kunnen oplossen. Die hervormingen zullen er niet komen als we niet eerst de gecorrumpeerde en op beeldvorming gerichte bestuurscultuur veranderen.’

Het was niet allemaal nieuw wat hij zei. Veel ideeën staan in zijn boek, Een nieuw sociaal contract, en duidelijker nog in Samenvatting van een manifest: naar een beter bestuur van en voor Nederland die hij vorige week op zijn site publiceerde. Misschien nog het meest interessant is de positie die Omtzigt zichzelf toekent. Hij presenteert zich als een metapoliticus die de partijpolitiek ontstijgt en zijn collega’s voor wil gaan. Zo eindigt ook zijn manifest: ‘Laten we als ­Kamerleden de eerste stap zetten en gezamenlijk deze verandering beginnen.’ Zijn oplossing voor de vastgelopen formatie sluit daar naadloos bij aan. Omtzigt wil een extraparlementaire regering, dus buiten partijen om en niet door coalitievorming – overigens zonder zichzelf daarin een plaats toe te kennen. Dat hij de partijpolitiek wil ontstijgen, rijmt ook met zijn potentiële achterban. Volgens een peiling van Maurice de Hond zou hij 25 zetels halen met stemmen die komen van SP tot PVV.

Procesbegeleider

Omtzigt plaatst zichzelf dus niet tegenover, maar naast de bestaande partijen en klinkt soms eerder als een procesbegeleider dan als een politicus. Ook zijn voorstellen zijn veelal eerder praktisch of zelfs technisch van aard dan ideologisch geladen. Zo wil hij een Grondwettelijk Hof dat wetgeving toetst aan de Grondwet. Er moet een staatscommissie voor de rechtsstaat komen en een nieuw kiesstelsel waarin elke provincie zetels krijgt. De focus van de Kamer moet worden verlegd van spoeddebatten naar ‘grondig handwerk’. De modellen van planbureaus moeten openbaar worden gemaakt. Omtzigt wil ook minder voorlichters en meer ­onderzoeksinsti-tuten.

Dat is geen licht ontvlambare politieke materie, maar structurele verandering, bedoeld om de democratie beter te laten werken en de burger vertrouwen in de overheid te geven. Daarover ging ook zijn vraag in het Afghanistandebat: ‘Vanaf de bank in Enschede lijkt de relatie tussen Kaag en Rutte ijzig. Is er wel vertrouwen?’ In het manifest geeft hij zijn antwoord: ‘Als politici in hetzelfde kabinet elkaar niet vertrouwen, waarom zouden ­burgers de overheid dan nog vertrouwen?’

Dossiervreter

Dat is de Omtzigt waarmee Den Haag de komende tijd rekening heeft te houden. Een parlementariër die van zijn burn-out terugkeerde met een groot gezag, en alleen al daardoor in de landspolitiek als een waarheidsserum kan werken. Want dat is de rol die hem het best past: die van dossiervreter, die niet loslaat voordat de waarheid boven tafel is – en dat zonder aanziens des persoons. Het momentum, dat na de verkiezingen bij Kaag en haar belofte van nieuwe leiderschap lag, ligt nu bij de nieuwe bestuurscultuur van Omtzigt. Hoe dat kan uitpakken liet hij al zien in het ­Afghanistan-debat, waar hij de machinaties van de coalitie blootlegde.

Het CDA heeft van hem niets meer te verwachten, zo bleek ook uit zijn stemgedrag: vóór de moties van afkeuring, tégen de coronapas. Ayfer Koç, de echtgenote van Omtzigt die al vele jaren CDA-raadslid is in Enschede, maakte deze week bekend zich niet herkiesbaar te stellen. Daarmee ­worden de laatste formele banden doorgesneden.

Meer over