OM: zaak-Brongersma verdient geen schandpaal

Advocaat-generaal E. Myjer van het Amsterdamse Openbaar Ministerie maakte jongstleden vrijdag al bekend dat het OM geen straf zou eisen tegen de huisarts die oud-PvdA-senator E....

Aan het begin van zijn requisitoir verklaarde Myjer zijn handelwijze om al voor de zitting zijn oordeel te geven. Myjer: 'In een voorgesprek met Sutorius kreeg ik bevestiging van wat uit het dossier naar voren kwam: Sutorius is een integere, consciëntieuze arts, met hart voor zijn patiënten.'

In dat gesprek heeft de arts de advocaat-generaal duidelijk gemaakt dat zijn eerlijkheid en controleerbaarheid in deze strafzaak hem in zijn persoonlijk leven erg kwetsbaar hebben gemaakt. 'Het minste dat ik voor hem kon doen', aldus Myjer, 'is tevoren aangeven dat voor het OM in deze zaak slechts jurisprudentiële duidelijkheid telt en niet het op enige wijze aan de schandpaal zetten van Sutorius.'

De vrijspraak van Sutorius, door de rechtbank afgelopen oktober gedaan, geldt als oprekken van het criterium ondraaglijk lijden. Jarenlang heeft de politiek het aan de strafrechter overgelaten de grenzen te trekken op het gebied van de euthanasie en de hulp bij zelfdoding. Inmiddels heeft de politiek de ontstane criteria vastgelegd in een wet, die door beide Kamers is geaccepteerd. Het woord levensmoeheid komt in de wet niet voor.

Sutorius zei het erg moeilijk te vinden dat de discussie over deze zaak zich toegespitst heeft rond de woorden levensmoe en klaar met leven. Die woorden doen volgens hem onrecht aan het lijden van Brongersma, die eerder 'doodop' was dan 'levensmoe'.

'Je kunt niet de hele discussie onder het matje van medisch lijden schuiven', betoogde hij. 'De beoordeling van het lijden wordt minder transparant als we aan de medische diagnose vasthouden.'

Hij wees erop dat al in 1984 de Hoge Raad in de zaak tegen de huisarts Schoonheim 'ontluistering' heeft erkend. Sutorius: 'Ontluisterende ouderdom kan voor de ene mens een ziekte zijn, voor de andere niet. Net zoals een ongeneeslijke ziekte voor de een reden is om dood te willen en voor de ander niet.'

Myjers standpunt is: 'De gifkast mag alleen open als voldaan is aan de criteria van ondraaglijk somatisch of psychisch lijden.'

Het gerechtshof doet op 8 mei uitspraak.

Meer over