Om de dronkemannen heen vegen en rustig blijven

Na Koninginnedag moet Amsterdam weer schoon en zijn altijd alle verloven ingetrokken. Met Willem op de veegmachine over Damrak en Rokin....

'Mag ik even?', zegt een aangeschoten jongmens in de nacht na Koninginnedag en neemt de bezem van Niko over. Alle kans dat zo iemand een paar jaar geleden een baf voor z'n kanis had gekregen. Nu geeft Niko een tip: door je knieën en meezwaaien, want zo kun je ook naar de mooie meisjes kijken tussen de stromen mensen die het Rembrandtplein voor gezien houden. 'Vinden jullie vuilnismannen ons geen klootzakken dat we zo'n rotzooi achterlaten?', vraagt het aangeschoten jongmens. Welnee.

Het Damrak en het Rokin zijn dan al schoon, het Monument op de Dam en rond-het-Paleis ook. Met Willem (43, twintig jaar stadsreiniger) reed ik mee op de veegmachine. Langs de nog volle terrassen, vier keer langs een straatartiest in Eskimojas die vier keer het hoofd uit zijn bevrorenheid opheft, twee keer vlak langs het paaltje waarop een jongen en een meisje in elkaar geklemd op iets wachten. 'Voor die jongens is het erger', knikt Willem naar de vier oranjerode hesjes, uitzendkrachten, die het restvuil voor zijn wagen vegen. 'Zij staan tot morgenochtend op de bezem.'

Op het cassettebandje belooft André Hazes: 'Ik maak van je leven een sprookje.' Willem heeft weer lol in zijn bestaan gekregen sinds hij met steun van het bedrijf zijn rijbewijs heeft kunnen halen. Zwaar aan de drank was hij, aan de drugs ook. Nu rouleren ze. Een paar uur op de bezem, een paar uur aan het stuur, een paar uur achter op de huisvuilwagen lopen. Je verdient meer, en je kunt meer functies doen. Het was eigenlijk zijn vrije weekend, maar na Koninginnedag moet Amsterdam weer schoon en zijn altijd alle verloven ingetrokken. Ze krijgen er negen uur voor terug en tweehonderd procent uitbetaald.

Tegen middernacht schaften we in de kantine achter het neergehaalde Maupoleum. Soep, broodjes, melk, appelsientje, banaan. De dame van het uitzendbureau informeert haar blanke, bruine en zwarte krachten. 'Giovanni, je mag tot half drie vanmiddag doorgaan, niet langer.' Rasta Sonny zegt dat het goed met hem gaat. Surinamer Bernard knikt als ze hem bij de arm pakt: 'Straks opletten, hè. Niet reageren als dronken mensen vervelend doen.'

De rust is voorbij. Een korte samenzang: 'Louis van Gaal, Louis van Gaal, Louis Louis Louis van Gaal.' Men begeeft zich in de voertuigen. De colonne trekt onder oranje zwaailichten op naar het Muntplein. Ik steek lopend dwarsdoor en sta op de stille Kloveniersburgwal minstens een kwartier te luisteren naar vier jongens die los van elkaar en op polyfone wijze dwars door elkaar als dronken Russen een eeuwig lied improviseren: 'Als je alles weet en je denkt niet na. . .'

Opzichter Jur Vermeulen legt me de logistiek uit van de Koninginnedag-schoonmaak. Elf ploegen van gemiddeld vijftien man zijn vannacht in touw om het centrum van de stad van het feestvuil te ontdoen. Voorop de grote spoelwagens en de vegers die het op hopen zetten. Daarachter de huisvuilwagens en de mannen met schep en bezems. Daarachter de kleine spoelwagens, poetsmachines en vegers om het echt schoon te maken. Een shovel is paraat om het grofste afval onder de grijpkraan bij elkaar te schuiven. De Reguliersbreestraat behoeft voor de finishing touch nog een warmwaterwagen met shampoo, zo glad is die.

De Febo's en andere snackzaken worden belegerd door feestvierders met grote honger. Een man staat stijf van de drank met nietsziende ogen minutenlang in de klodder mayonaise van zijn zak Vlaamse frites te staren. Niko veegt om hem heen en langs een op straat in slaap gevallen jongen en ontwijkt een door een vrouw aan de arm meegevoerde heer die desondanks moeite heeft met een rechte lijn.

Het Rembrandtplein is lastiger, net als het Leidseplein. Veel meer volk, dat Koninginnedag dit jaar nog langer viert omdat er een vrije zondag op volgt, en 'je voor de poten loopt'. En vanwege dat tapijt van plastic bierbekers die zich niet door water laten hechten en alle kanten op blijven springen. 'De Wallen? Rechtdoor', wijst hij twee jongens de weg en roept ze na: 'Weet je moeder ervan?'

Met Ko van Geemert van Stedelijk Beheer rijd ik om een uur of drie een inspecterend rondje door de binnenstad. Iets minder druk geweest dan vorig jaar, is zijn indruk. Maar de echte vrijmarkt verschuift zich naar de Jordaan en in de nauwte daar is het moeilijker schoonmaken. Wat ik van de stemming vind onder de jongens, wil hij weten. De sfeer is sinds kort 'opgebloeid', vertelt hij. Nieuw beleid, ontmanteling hiërarchie, roulatiesysteem, het kweken van zelfrespect, minder ziekteverzuim.

Twintig man van de reinigingsdienst stonden geboekstaafd als 'randdebielen'. Tien van hen hebben inmiddels het rijbewijs, de andere tien over een half jaar: 'Ze hebben weer perspectief.' Om zeven uur waren ze allemaal al present geweest ter voorbespreking van de Koninginnedag-schoonmaak, niemand had zich ziek gemeld. 'En er zijn er bij die om vijf uur straks wel door willen gaan.'

Sietse van der Hoek

Meer over