Olympiërs vrezen een koningsdrama

Deze week buigt het IOC zich in Lausanne over het omkopingschandaal. De sessie wordt, volgens president Samaranch, de belangrijkste in de geschiedenis van het IOC....

AVERY BRUNDAGE had een vervelende boodschap voor Lord Killanin, toen hij in 1972 de voorzittershamer van het International Olympisch Comité aan hem overdroeg. 'De Spelen zijn bankroet', vertrouwde de Amerikaan de Ierse Lord toe, 'er zullen nooit meer Olympische Spelen worden gehouden.'

Toen de Ier op zijn beurt in 1980 de hamer doorgaf aan Juan Antonio Samaranch luidde de boodschap min of meer gelijk. De Spelen waren de speelbal geworden van nationale regeringen met hun boycots, het dopingprobleem woekerde voort, terroristen misbruikten het olympische podium voor hun acties.

Niemand had na het bloedbad van 1972, de Afrikaanse boycot van 1976 en de door het westen gemeden Spelen van Moskou nog trek in het organiseren van Olympische Spelen. Denver had de Winterspelen van 1976 al teruggegeven aan het IOC, Teheran bedankte voor de Spelen van 1984.

'Los Angeles' was het keerpunt in de geschiedenis van de Olympische Spelen. De Sovjet-Unie en zijn satelliet-staten bleven weliswaar weg, de Spelen van Californië werden desondanks een enorm commercieel succes. Dankzij Peter Ueberroth, die sponsors als Coca-Cola, Levi-Strauss en IBM binnenhaalde, plus de verkoop van televisie-rechten, werd een winst behaald van meer dan tweehonderd miljoen dollar.

Was Los Angeles in 1978 nog de enige kandidaat geweest voor het organiseren van de Spelen van 1984, nadien wilde elke zich respecterende stad het grootste sportevenement van de wereld binnen de stadsgrenzen halen. De IOC-leden die de uiteindelijke keuze moesten maken, werden bij hun bezoeken aan de kandidaatsteden na 1984 op alle mogelijke manieren in de watten gelegd.

Vroeger, zegt het vooraanstaande Canadese IOC-lid Dick Pound, voorzitter van de commissie die de huidige schandalen onderzoekt, gingen de Olympische Spelen naar 'de stad die het meeste geld wilde verliezen. Nu, na Los Angeles, wil iedereen instappen. Kandidaatsteden spenderen geld als dronken zeelui aan wal, om de IOC-leden te plezieren. Het is volledig uit de hand gelopen.'

De stemmen van een aantal IOC-leden bleken te koop. De bal ging rollen na publicaties in Salt Lake City, vervolgens klapte het gerenommeerde IOC-lid Marc Hodler uit de school, waarna de deksel helemaal van de beerput ging. Ook Sydney bleek met smeergeld en achterbakse praktijken richting concurrent Peking de Spelen te hebben verworven.

De televisiemaatschappij NBC, dat miljarden spendeerde voor de uitzendrechten tot ver in de 21ste eeuw, en grote sponsors als Coca-Cola, Mercedes en IBM, wachten nerveus in de coulissen. Ze hebben geen baat bij schandalen. Ze zullen, als de speciale IOC-sessie in Lausanne niet tot grote veranderingen besluit, ongetwijfeld hun contracten tegen het licht houden.

Nieuwe sponsors zijn nu al huiverig, zo bemerkte Athene, de olympische stad van 2004, de afgelopen week. Daar waar al miljoenen binnen zouden moeten zijn, is nog nauwelijks een drachme binnengehaald.

Het zou te simpel zijn om de schuld van het lopende corruptie-schandaal louter en alleen bij Juan Antonio Samaranch te leggen, maar het huidige drama is wel deels het gevolg van zijn handelen. De Catalaan immers haalde enorme sponsor- en televisiegelden binnen, waarmee ook olympische steden winst konden maken.

DE GRONDLEGGER van de moderne Spelen, Baron Pierre de Coubertin, nodigde rijke adel in 'zijn' IOC. Mannen - vrouwen werden tot 1981 in het geheel niet toegelaten - die zo veel geld bezaten dat ze immuun waren voor politieke en financiële invloeden.

Een latere IOC-president als Avery Brundage rekende eens voor dat zijn presidentschap hem 150 duizend gulden per jaar kostte. (Voor niks ging in die jaren trouwens ook al alleen de zon op: De Amerikaanse bouwtycoon investeerde maar wat graag in de olympische familie, hij hield er immers voldoende lucratieve bouwcontracten, met onder meer nazi-Duitsland, aan over.)

Was Brundage nog een voorstander van het amateurisme (de Amerikaan nam tienkamper Jim Thorpe ooit diens gouden medaille af, omdat hij voor 25 dollar had meegedaan aan een partijtje honkbal), Samaranch nodigde álle sporters - amateurs en professionals - op de Olympus. Het eertijds heilige woord 'amateur' werd uit het olympisch charter geschrapt.

Samaranch haalde vrouwen binnen het IOC, hij verwelkomde de Afrikaanse atleten terug op het podium, hij introduceerde de Paralympics. Hij organiseerde (vanaf 1994) de Zomer- en Winterspelen in aparte jaren (meer aandacht is meer geld!) en de Catalaanse markies financierde met miljoenen dollars de sport in ontwikkelingslanden.

Volgens Pound worden er van elke honderd dollar die het IOC binnenhaalt, er 94 uitgekeerd aan nationale sportorganisaties. De Olympische Spelen werden genivelleerd: twintig jaar geleden ging negentig procent van alle medailles naar een klein aantal westerse en communistische landen, nu hebben ook landen als Burundi en Sri Lanka kansen op eremetaal.

Wat betreft de verkoop van de televisierechten had de Catalaan het tij mee. Tijdens zijn heerschappij kwamen er meer zenders en werd de commerciële impact van sportevenementen als WK voetbal en Olympische Spelen door grote bedrijven herkend. Brundage, die wel in meer zaken geen profeet bleek, merkte in 1956 in Cortina D'Ampezzo nog op dat 'het IOC het de afgelopen zestig jaar zonder televisie had gered, en dat het ook de komende zestig jaar wel zou lukken'.

Samaranch laat zijn kroonprins Dick Pound sinds de jaren tachtig onderhandelen met de grote Amerikaanse televisie-maatschappijen. Met stijgend succes. Gingen de Spelen van München nog voor twintig miljoen over tafel naar ABC, in 1996 werden de rechten op vijf Olympische Spelen aan NBC verkocht, voor liefst 3.57 miljard dollar.

Brundage's IOC had een aparte commissie die misbruik van de vijf olympische ringen moest bestraffen, Samaranch verkocht het beroemde logo voor vele miljoenen dollars via marketingsbedrijf International Sport & Leisure (ISL, ooit opgericht door Adidas-grondvester Horst Dassler). In de jaren tachtig kochten onder meer Visa, het onvermijdelijke Coca-Cola, Kodak en Panasonic voor vele miljoenen het recht om de vijf ringen te mogen gebruiken.

Vóór het tijdperk-Samaranch was het IOC een aristocratische, amateuristische organisatie, met een stevige Europese basis. Zonnekoning Juan Antonio maakte er een mondiale organisatie van. Onder zijn heerschappij werd het IOC flink uitgebreid, met leden uit Azië, Oceanië en Afrika. Zo haalde de Spanjaard Jean-Claude Ganga in huis, de Congolees die in 1976 de Afrikaanse boycot van de Spelen van Montreal leidde.

Hij is een van de Afrikanen die zich verrijkt zou hebben als IOC-lid. Drie zijn er in januari uit eigen beweging al opgestapt, Ganga gaat woensdag en donderdag de strijd aan tijdens de IOC-sessie die zich over zijn ontslag moet buigen. 'Het is oorlog', meldde de man, die zich ooit een 'grote vriend' van Samaranch noemde. 'Maar hij offert nu zijn vrienden op.'

Vooral in de VS zijn geluiden opgegaan dat Samaranch (die nog tot 2001 in functie is) voortijdig dient terug te treden. Tijdens het (min of meer mislukte) internationale dopingcongres vorige maand, zat de anders zo almachtige president aangeslagen achter de voorzitterstafel, na alle Europese en Amerikaanse kritiek die hij had moeten aanhoren. Eén wrang grapje kon er nog wel af: 'Er zijn nu negentien Amerikaanse kranten die mijn aftreden eisen. Een wereldrecord.'

De Catalaan zal nog wel eens met weemoed terugdenken aan 'zijn' Spelen van Barcelona in 1992. Als hij toen na de slotceremonie was afgetreden, op het toppunt van zijn roem, dan was hij als de meest succesvolle IOC-president de geschiedenis ingegaan.

Maar de megalomane sportbestuurder, die ooit droomde van de Nobelprijs voor de Vrede, wilde door. Hij verlengde in 1995 zelfs de tot dan geldende maximum-leeftijd van 75 tot 80 jaar - tot groot chagrijn van kroonprins Dick Pound. Alle IOC'ers - 92 van de 114 zijn door hem persoonlijk benoemd - roepen deze weken dat Samaranch vooral dient aan te blijven.

Niemand is op dit moment gebaat bij een fel koningsdrama om de zetel van de baas. Pound: 'Het schip vaart door een zware storm. Als de kapitein nu van boord gaat, zijn we reddeloos verloren.'

De voormalige bokser, die luisterde naar de bijnaam Kid Samaranch, staat de komende week voor het zwaarste gevecht uit zijn leven.

Er wordt van hem verwacht dat hij verregaande hervormingen doorvoert, die van het IOC een democratische en moderne organisatie moeten maken. Lukt dat niet, dan gaat de olympische familie én de mondiale sport een bijzonder kommervolle tijd tegemoet.

Meer over