Oefening in geduld over 42.195 meter

De baanspecialisten op de 10.000 meter Kenenisa Bekele en Mo Farah staan voor hun marathondebuut. Advies: niet te snel starten.

De 10.000 meter is zelfs voor olympisch kampioenen vaak een opstapje naar de marathon. Ze weten dat de 42.195 meter hun onvermijdelijke lot is. Die mythische afstand zal bepalend zijn voor hun plek in de sportgeschiedenis.

Er staat deze weken dus wat op het spel voor Kenenisa Bekele en Mo Farah, op de baan de beste lange afstandslopers van het afgelopen decennium. Ze maken hun lang verwachte debuut op marathon.

De Ethiopische olympisch kampioen 10.000 meter van 2004 en 2008 bijt zondag het spits af in Parijs. De Britse olympisch kampioen 10.000 meter van 2012 waagt zich een week later in Londen aan de afstand.

De verwachtingen zijn hoog gespannen, vooral door de succesvolle overstap van Haile Gebrselassie. Die Ethiopiër ontwikkelde zich tussen 1995 en 2008 van wereldrecordhouder op de 10.000 tot de snelste man op de marathon. De vraag is of Bekele en Farah in staat zijn die stap ook te maken.

Beide baanatleten maken hun debuut onder verschillende omstandigheden. De 31-jarige Bekele is in Parijs, dat niet bekend staat om zijn snelle parcours, de sterattractie. Hij is de enige atleet van naam en de gedoodverfde favoriet. De wedstrijd zal op hem worden toegesneden. Hij streeft niet naar een verbetering van het wereldrecord, wel naar een nieuw parcoursrecord. Dat staat sinds 2012 op 2.05.12.

'Ik heb een goede kans om te winnen', kondigde Bekele in Parijs aan. 'Ik heb me goed voorbereid. Ik ga lopen om te winnen. Ik kan me niet veroorloven te verliezen.'

De 31-jarige Farah weet zich volgende week in Londen omringd door toplopers. Hij moet het opnemen tegen zeven atleten die sneller dan 2.05 hebben gelopen, onder wie de Keniaanse wereldrecordhouder Wilson Kipsang (2.03.23). Ook de Oegandese olympisch en wereldkampioen Stephen Kiprotich is van de partij. De 40-jarige Gebrselassie is aangetrokken als tempomaker. Het is de bedoeling dat hij tot 30 kilometer zal 'hazen' op het schema van het wereldrecord.

Het is lastig te voorspellen waartoe Bekele en Farah bij hun debuut in staat zijn. De baankampioenen hebben weinig ervaring op de halve marathon, naast de 10.000 meter een belangrijke graadmeter voor marathonsucces. Bekele heeft pas eenmaal een halve marathon gelopen, Farah viermaal - hij viel flauw na afloop van zijn laatste wedstrijd, half maart in New York. Onder de 60 minuten doken ze geen van beiden, terwijl de meeste toppers een toptijd van 58 minuten hebben staan.

Voor Bekele en Farah was het geen optie om meer ervaring op te doen op de halve marathon. Zij hinken allebei op twee gedachten. Moeten ze definitief kiezen voor de marathon, of richten ze zich bij de Zomerspelen van 2016 opnieuw op de 10.000 meter? Ze hopen snel een antwoord te vinden op die vraag.

Gebrselassie liep in zijn eerste marathon, in 2002 in Londen, de snelste debuuttijd: 2.06.35. Met die tijd behoort de Ethiopische olympisch kampioen 10.000 meter van 1996 en 2000 niet eens meer tot de twintig snelste debutanten. Jonge Kenianen en Ethiopiërs, veelal zonder opvallende carrière als baanatleet, zijn flink sneller gaan lopen. Met 2.04.16 is de Keniaan Dennis Kimetto nu officieel de rapste debutant.

Officieus was zijn landgenoot Moses Mosop nog sneller. Hij eindigde in 2011 als tweede bij de marathon van Boston, in 2.03.06. Dat was sneller dan het wereldrecord, maar zijn tijd wordt niet erkend vanwege het afwijkende parcours. Start en finish liggen te ver van elkaar, waardoor lopers soms lange tijd rugwind hebben. Dat was in 2011 het geval.

De lat ligt voor Bekele en Farah dus flink hoger dan voor Gebrselassie, ruim tien jaar geleden. Zij beseffen dat het veel atleten tijd kost om de marathon te doorgronden. Wat er na 35 kilometer met hun lichaam gebeurt, is ongewis. Ze moeten zich inhouden, minimaal anderhalf uur lang trager lopen dan ze kunnen, om het mysterieuze slotstuk te kunnen doorstaan.

Kipsang in Berlijn

Wilson Kipsang liep het wereldrecord vorig najaar in Berlijn in zijn negende wedstrijd. Zijn voorganger Patrick Makau kwam in 2011 tot zijn toptijd in zijn zevende poging. En Gebrselassie en diens voorganger Paul Tergat slaagden in hun vijfde wedstrijd. Gebrselassie ging in zijn eerste marathons steevast te snel weg en moest die inspanning bekopen.

'Bekele moet geduldig zijn', zegt Jos Hermens, de manager van Bekele en Gebrselassie. 'Alles draait bij de marathon om geduld. Hij moet energie sparen voor het einde. Maar hij is tactisch erg slim.'

Bekele is gebrand op succes na enkele jaren van tegenvallende prestaties. Toch lijkt hij de marathon nog niet in zijn hart te hebben gesloten. Hij beklaagde zich in Parijs over de vele kilometers die hij had moeten maken, soms wel 240 per week. 'Saai', noemde hij die eindeloze loopsessies. Hij stond erom bekend met weinig trainingskilometer te kunnen uitblinken op de 10.000 meter.

Behalve met eerzucht heeft de overstap naar de marathon ook te maken met geld. Nergens kunnen Bekele en Farah meer verdienen. De Brit incasseert volgens sommige Britse media meer dan een half miljoen euro voor zijn debuut. Het is onbekend wat Bekele opstrijkt. Maar het was voor Londen, de marathon met het hoogste budget, in elk geval te duur om beide giganten van de baanatletiek aan de start te krijgen.

Kenenisa Bekele

1982 Geboren op 13 juni in Bekoji, Arsi

Olympische titels: 3 (5.000 en 10.000 meter, in 2004 en 2008) Wereldtitels outdoor: 5 (5.000 meter en 10.000 meter, tussen 2003 en 2009)

Wereldtitels veldlopen: 11 (korte en lange afstand)

Wereldrecords: 5.000 en 10.000 meter in- en outdoor en olympisch recordhouder 10.000 meter

Debuut marathon: 6 april 2014 in Parijs

Mo Farah

1983 Geboren op 23 maart in Mogadishu

Olympische titels: 2 (5.000 en 10.000 meter in 2012) Wereldtitels outdoor: 2 (5.000 meter in 2011 en 10.000 meter in 2013)

Europese titels outdoor: 3 (5.000 meter in 2010 en 2012 en 10.000 meter in 2010)

Europese records: 1.500 meter, 10.000 meter en 5.000 meter indoor

Debuut marathon: 13 april 2014 in Londen

undefined

Meer over