'Normen uitleggen, dat is bij uitstek rechterlijk werk'

De president van de rechtbank die bij de burgemeester op de koffie gaat. Het wekt bij juristen verbazing, maar in Rotterdam gebeurt het. 'Wij verschansen ons wat minder snel achter onze onafhankelijkheid'...

Van onze verslaggevers Peter de Greef en Ron Meerhof

Nadat Erik van den Emster in november 2000 was benoemd tot president van de Rotterdamse rechtbank deed hij meteen iets revolutionairs: hij belde burgemeester Opstelten van Rotterdam en ging bij hem op de koffie. Sindsdien treffen de twee elkaar minstens tweemaal per jaar.

Hoe bescheiden de stap ook lijkt, in de juristerij wordt er met verbazing naar gekeken. Kan dat wel, contacten tussen het bestuur en de rechterlijke macht? Botst dat niet met de rechterlijke onafhankelijkheid? Hoe zit het met de scheiding van machten?

Het kan niet alleen, het moet zelfs, betoogt Van den Emster. 'In de jeugdsector straf viel het ze op een gegeven moment op dat ze de jeugdzaken niet meer konden verstouwen. Wat bleek: in de driehoek was afgesproken dat de aanpak van jeugdcriminaliteit geïntensiveerd zou gaan worden. Is dat even handig als de rechterlijke macht dat niet weet?'

'Tien jaar geleden had dit niet gekund. Toen was er een heel ander idee van rechtstatelijkheid, andere mores. Maar dat is veranderd en dat zal de komende jaren alleen maar in deze richting verder veranderen', zegt Van den Emster. 'Wij verschansen ons wat minder snel achter de notie van onafhankelijkheid.'

De Rotterdamse rechtbank lijkt voorop te lopen waar het de banden met de driehoek - korpschef, Openbaar Ministerie (OM) en burgemeester - betreft. Het gemeentebestuur heeft zelfs al een paar maal bij de rechters aangekondigd welke maatregelen op stapel stonden. Bijvoorbeeld de gebiedsverboden voor overlastgevende verslaafden in de Rotterdamse deelgemeente Delfshaven.

'Dat is toch logisch', zegt Ludo Goossens, voorzitter van de Rotterdamse sector strafrecht. 'Het bestuur experimenteert met een nieuwe maatregel en wil daar zo snel mogelijk een rechterlijke toetsing van. Wij kunnen dan alvast gaan nadenken en ons voorbereiden.' Dat dit de onafhankelijkheid geenszins in de weg staat, bleek wel uit de uitkomst van deze zaak. Het vonnis luidde dat de gemeentelijke acties veel te ver gingen en bovendien onzorgvuldig waren voorbereid en uitgevoerd. Burgemeester Opstelten werd teruggefloten.

Dergelijke zaken zijn de krenten in de pap, vinden beide rechters. 'Normen uitleggen, dat is nou bij uitstek rechterlijk werk', zegt Goossens. Relatief simpele zaken, heterdaadjes of andere zaken waar het bewijs overweldigend is, zullen in toenemende mate worden overgelaten aan anderen. De officier van justitie kan bijvoorbeeld zelf aan de verdachte een transactie voorstellen. In kleinere zaken zou de politie de kwestie kunnen afhandelen.

Dit geeft rechters, aldus Goossens, de ruimte zich vooral te buigen over zeer zware zaken en zaken waar principes in het geding zijn. Of over kwesties waarover in de maatschappij beroering of onduidelijkheid bestaat.

Van den Emster: 'Die zaak van die Albert Heijn-medewerkers, bijvoorbeeld. Ik kan mij zeer goed voorstellen dat het Openbaar Ministerie ervoor kiest juist zo'n zaak voor de rechter te brengen. Juist omdat die zaak voor veel mensen helemaal niet zo duidelijk ligt. Het gaat er natuurlijk helemaal niet om of eigenrichting nou wel of niet mag. Het draait erom hoe vaak je iemand in zo'n situatie dan mag slaan, en onder welke omstandigheden. Dat moet voor de rechter. Dat zegt niets over het standpunt van het OM. Ik zou mij bijvoorbeeld best kunnen voorstellen dat een officier van justitie in zo'n zaak vrijspraak eist. Maar om nou op voorhand te seponeren in zo'n ernstige discussie. . .'

In de Raad voor de Rechtspraak en het college van procureurs-generaal wordt een notitie aan de minister van Justitie voorbereid over de overheveling van strafrechtelijke taken. 'Wij willen dat die discussie nu eens niet wordt gevoerd vanuit het argument van schaarste, maar veel principiëler', zegt Van den Emster. 'Wij willen dat wordt nagedacht over wie nu eigenlijk wat moet beslissen.'

Meer over