Nooit genoeg

Bij het jubileum van het Dansersfonds sprak Jessica Voeten met oprichters Alexandra Radius en Han Ebbelaar over hun carrière. Wat ontbreekt, is een oordeel over een kwart eeuw dansgeschiedenis....

Door Mirjam van der Linden

Titel: Springlevend! 25 jaar Dansersfonds '79. Ondertitel: Alexandra Radius & Han Ebbelaar. Maar het had ook andersom gekund. Dit jubileumboek gaat namelijk een beetje over vijfentwintig jaar Dansersfonds en heel veel over het nog altijd beroemdste balletechtpaar uit de Nederlandse dansgeschiedenis, de oprichters van het fonds.

Gouden vondst van auteur Jessica Voeten, die zo voorkomt dat haar verslag over een kwart eeuw fonds dat dansstudenten zomerbeurzen geeft, topdansers met prijzen eert, oud-dansers financieel uit de brand helpt en balletgala's organiseert een duizelingwekkende opsomming van namen en data wordt. Het verhaal over de oprichters is gerichter en persoonlijker. Beter dus. Zeker nu die oprichters 'Han en Lex' zijn, de 'prinsenkinderen' van choreograaf Hans van Manen, de 'Ham-and-Eggs' van danslegende Rudolf Nureyev, 'Les Étoiles' voor hun buren op het Franse platteland. Bovendien blikten zij niet eerder terug op hun roemrijke danscarrière, die zij in 1986 (hij) en 1990 (zij) officieel beëindigden.

Geholpen door lang onaangeroerde dansvideo's van zichzelf, kostuums die in hoezen weggeritst hingen en natuurlijk door Voeten, die hen onder het genot van een heerlijke lunch en een goed glas wijn bevraagt, graven de twee voormalige topdansers in hun geheugen. Hun boerderij in de Pyreneeën hebben ze - als we Voetens huiselijke observaties mogen geloven - met net zoveel passie, perfectie en doorzettingsvermogen verbouwd tot een paradijs op aarde, als ze het dansvak te lijf zijn gegaan. Leven en werk vervlochten in een 'geen nonsens, gewoon keihard werken'-idylle. Een typischer dansimago bestaat niet.

Met veel, soms te veel romantiserende bewondering geeft Voeten een levendig beeld van een bijzondere dansdubbelloopbaan, waarin 'denken en doen' van Radius en Ebbelaar bepaald werden door de gedreven balletmeester Benjamin Harkarvy, de gewiekste zakelijk leider Carel Birnie en de choreograaf van de eenvoud Hans van Manen (van hem dansten ze 32 choreografieën).

Radius en Ebbelaar stonden als zeventien- en zestienjarige aan de wieg van het Nederlands Dans Theater (1959), draaiden in New York mee in de mallemolen van het American Ballet Theatre en schudden Het Nationale Ballet wakker met het pumps-en-blote-voeten-stuk Twilight (1972). Dansen met superstar Nureyev. Televisieoptredens. Gala's wereldwijd, waar ze heel modern en bijzonder waren met werk van Van Manen en Rudi van Dantzig. En nooit was het genoeg. Dus toerden ze ook met eigen programma's door Nederland en richtten ze bij hun twintigjarige jubileum het Danserfonds op, uit het teveel aan donaties voor twee portretten.

Voor wie Radius en Ebbelaar nooit in levende lijve hebben zien dansen, spreken de foto's boekdelen. Wat een intensiteit, expressie, schoonheid!

Zo'n extreme overgave ontroert. Maar roept ook vraagtekens op. Was het ook wel eens níet mooi? Een kritische noot klinkt wel hier en daar - over de belabberde (en nog altijd niet ideale) sociale voorzieningen voor dansers, over de Hollandse mentaliteit die anti-klassiek ballet, anti-sterrendom en anti-geschnabbel was (en is). Diep graaft het echter niet en op het offer dat het lichaam brengt voor dit beroep wordt niet eens ingegaan, hoe logisch en actueel dit thema ook is.

Juist omdat deze dansers zo'n schat aan ervaring hebben, ga je je afvragen of ze niet meer te vertellen hebben. Wat dat betreft voelt het uiteindelijk toch als een gemiste kans dat ze zo weinig beschouwend over vijfentwintig jaar Dansersfonds zijn. Alle gelauwerden staan in overzichten. Hun fotootjes zijn als bladzijnummers door het boek geregen en soms, meestal totaal geforceerd, wordt het verhaal van Radius en Ebbelaar stilgezet voor een dankbaar citaat van een van hen.

Dansers moeten gestimuleerd en gewaardeerd worden. Die boodschap van het Dansersfonds komt over. Maar: Radius, Ebbelaar en de overige juryleden hebben vijfentwintig jaar lang studenten en professionals voorbij zien komen en geoordeeld over talent en kwaliteit. Wat is hen daarbij opgevallen? Welke ontwikkelingen zijn er te benoemen? Is de danser anders geworden, in lijf en leden, techniek, stijl, attitude, ambities? Kortom: dit boek, dat noch een niemendalletje, noch een echte biografie is, smaakt naar meer.

Meer over