Nog eens 30 onderzoekers naar Oost-Oekraïne

Het kabinet stuurt opnieuw mensen naar Oekraïne om onderzoek te doen op de rampplek van MH17. Het gaat om 30 extra onderzoekers. Dat heeft minister-president Mark Rutte vandaag bekendgemaakt op zijn wekelijkse persconferentie.

Redactie
Een lokaal monument voor de slachtoffers van MH17. Beeld afp
Een lokaal monument voor de slachtoffers van MH17.Beeld afp

Op dit moment zijn er 10 á 15 onderzoekers aanwezig. Met de opschaling van de aanwezigen wil het kabinet snel kunnen handelen, mocht de veiligheidssituatie in het gebied verbeteren. Ook missie-leider Pieter-Jaap Aalbersberg is weer in het gebied. Volgens Rutte is het staakt-het-vuren in het gebied een hoopvolle ontwikkeling, maar is op dit moment de situatie nog te fragiel om de missie te hervatten.

'Ik wil geen valse hoop wekken en kan geen garanties geven, maar als we weer kunnen werken op de rampplek zullen we dat doen. Met deze opschaling kunnen we direct handelen', zegt Rutte. Volgens Rutte zal er nooit volledige zekerheid over de veiligheid kunnen worden gegeven, 'maar een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat de onderzoekers onder veilige omstandigheden kunnen werken is genoeg'.

'Er is ons alles aan gelegen om weer toegang te krijgen tot het rampgebied om ons werk te kunnen afmaken dat we helaas begin augustus moesten onderbreken. Dat zijn we aan de nabestaanden verplicht', aldus Rutte.

Veiligheid garanderen
De zelfverklaarde Volksrepubliek Donetsk is bereid de veiligheid te garanderen van deskundigen die onderzoek willen doen op het terrein waar op 17 juli het vliegtuig van Malaysia Airlines neerstortte. Tot nu toe heeft niemand echter contact met de separatistische leiders in Oost-Oekraïne opgenomen, heeft vicepremier Andrej Poergin van de Volksrepubliek tegen het Russische persbureau RIA Novosti gezegd.

'De garanties van de rebellen die illegaal een deel van Oekraïne bezetten is niet genoeg', zegt Rutte. Volgens Rutte verloopt het contact met de rebellen via de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). 'Wij erkennen de rebellen niet en onderhandelen daar niet mee. Dat doet de OVSE, en zij hebben goede contacten met de rebellen'.

Poergin zegt geen idee te hebben waarom de onderzoekers in (de Oekraïense hoofdstad) Kiev blijven in plaats van dat ze naar het oosten van Oekraïne komen. Er zijn volgens hem nog menselijke resten op het terrein waar het toestel neerstortte. 'Dit is een gebied van 20 vierkante kilometer. Er zijn vele resten daar', aldus Poergin.

211 slachtoffers geïdentificeerd
Vandaag werd ook bekend dat er deze week nog eens 18 slachtoffers zijn geïdentificeerd. Daarmee komt het totale aantal geïdentificeerde slachtoffers op 211, meldde het ministerie van Veiligheid en Justitie.

De betrokken nabestaanden zijn hierover geïnformeerd. Van deze 18 hebben er 11 de Nederlandse nationaliteit. Op verzoek van de ambassades van de betrokken landen worden de nationaliteiten van de niet-Nederlandse geïdentificeerde slachtoffers niet bekendgemaakt.

Het team specialisten is nog steeds druk bezig met de identificatie in de Korporaal van Oudheusdenkazerne in Hilversum. Daar werken experts uit meerdere landen. Ze kijken onder meer naar DNA-materiaal, vingerafdrukken en gebitsgegevens van de slachtoffers. Het kan nog maanden duren voordat alle slachtoffers zijn geïdentificeerd.

Meer over