Nog altijd in de ban van Big Star

Wat had ik eigenlijk met Alex Chilton? Niet zoveel, geloof ik. Ik werd zelfs altijd een beetje moe als weer iemand over zijn al dan niet vermeende genialiteit begon, en over dat zogenaamde meesterwerk 3rd/Sister Lovers. Best een goede plaat hoor, maar ik vond die eerste twee Big Star platen een stuk leuker.

Wat had ik met Big Star? Ook niet zoveel. Ik kocht eind vorig jaar de vier cd's tellende box Keep An Eye On The Sky en die viel me niet mee. Leuk al die demo's en ook goed gerangschikt. Iedere cd ging in op 1 album, met als vierde cd een live concert uit 1973.

Toch kon ik weer op zoek gaan naar mijn oorspronkelijke Big Star cd's want de box bleek vooral een hebbeding voor zij die alles al hadden en was niet bedoeld als alternatief.

En toen overleed Alex Chilton, zat ik in Austin en werd alles anders. Op Spotify kon ik de eerste twee albums gewoon beluisteren, wat ik 's nachts teruggekomen van bandjes spotten ook deed. Op SXSW was Alex Chilton de meest besproken man en als ik nu aan het festival terugdenk dan denk ik vooral aan die gedenkwaardige memorial in Antone's zaterdagnacht waar ik al eerder over schreef.

Ik genoot ook van de reacties. Deze, door Niels gepost, van Congressman Steve Cohen, is de allermooiste. Maar ook die van boeker Rob Berends die met Chilton gewerkt heeft stemde tot nadenken.

Ik geloof inderdaad dat ook Chilton zelf een beetje moe werd van al die Big Star-dwepers en liever werd herinnerd aan de Box Tops of gewoon aan zijn solo-werk. Ik heb me de afgelopen dagen sufgezocht naar zijn elpee Like Flies On Sherbert, maar nog niet gevonden. Wellicht is ie verzonken geraakt tussen stapels drum & bass 12 inches uit 1996-1999, die ga ik deze paasdagen nog wel eens doorspitten.

Wel kwam ik zijn elpee High Priest tegen uit, ik gok want het staat er niet op, 1987. Lollige plaat wel, vond ik toen ook al gaf de fraaie klaphoes de doorslag vermoed ik. Veel verwijzingen naar Memphis- en andere r&b-hits uit het verleden. Maar niet echt een plaat met een duidelijke focus.

Daar deed Chilton in die jaren ook niet meer aan, begreep ik van Bruce Eaton. Deze Eaton reageerde nogal furieus op een blog van de veelgelezen 'insider' Bob Lefsetz. Ik begreep niet helemaal waarom, want zo negatief was Lefsetz niet. Hij vertelde liefdevol hoe een jonge Chilton ook zijn leven veranderd had.

Hij stelde hooguit vast dat Chilton een 'loser' was geworden die niet meer voor zichzelf kon zorgen en vergeten was door de mensen die ooit fan van hem waren. Onzin stelde Eaton. Chilton kon heel goed voor zichzelf zorgen, maar maakte alleen nog die muziek waar hij zelf zin in had. In 1981, na zijn productiewerk voor The Cramps en zijn solo-magnum opus Like Flies On Sherbert trok hij zich terug uit de popbusiness om alleen nog maar te gaan doen waar hij zelf zin in had. Dat leidde tot wisselvallige optredens en platen, maar was wel iets waar Chilton aardigheid in had. Interviews geven deed hij ook niet meer.

Daar kwam ik zelf ook achter in, wat was het, 1993 of 1994. Chilton was in Amsterdam te spreken en ik zou een uur met hem krijgen. Ik was nog betrekkelijk nieuw in het vak en dacht dit varkentje wel even te kunnen wassen.

Vergeet het maar. Chilton zat met een zonnenbril op het entresol van Americain. Groette vriendelijk maar zei verder niks anders dan 'daar heb ik geen zin in om over te praten' of 'dat kan ik me niet herinneren'. Toen viel de naam Teenage Fanclub en was hij enthousiast. Hij had net iets met ze opgenomen en het leek hem wel wat om een bandje daarvan even op mijn recorder in zijn kamer te laten horen.

'Kom maar mee'.

Ik had geen keus, hij had de recorder al van tafel gegrist. Zeker vier keer zou ik een versie van Free Again als ik het wel heb, horen. Ik zie hem nog met zijn hoofd op de maat bewegen.

Het interview was afgelopen. 'Goed he, man wat kunnen die spelen', was het enige wat er nog uit kwam. Een verhaal is het nooit geworden, maar passie had ie wel, die Chilton.

Die Bruce Eaton is het overigens onlangs wel gelukt Chilton aan het spreken te krijgen wat leidde tot het zeer vermakelijke boekje in de 331/3 reeks van Continuum gewijd aan Radio City, dat ik in Austin kocht bij Book People.

Het is wat mij betreft het meest enthousiasmerende wat ik de laatste tijd over Chilton en Big Star las. Je krijgt onmiddellijk zin al die platen te gaan draaien wat ik sinds mijn terugkeer ook doe.

Over de kwestie Lefsetz-Eaton en veel meer schrijft Eaton op deze blog, waarin ook verwijzingen staan naar de tekst die Chiltons weduwe Laura op de Memorial liet voorlezen.

Sinds deze SXSW ben ik fan van Alex Chilton en Big Star. Hij is me als persoon steeds meer gaan fascineren en de muziek van Big Star onthult iedere keer weer meer mysterieën. Koop die box of beluister 'm op Spotify.

Meer over