Nimmermensdag in september

Het is een prachtig beeld: de filosoof Martin Heidegger die in juni 1967, inmiddels 78 jaar oud, alle boekhandelaren in zijn woonplaats Freiburg bezoekt om hen over te halen de boeken van de joodse dichter Paul Celan prominent in de etalage te leggen....

Deze fraaie anekdote is te lezen in de nieuwste Armada, tijdschrift voor wereldliteratuur, dat geheel gewijd is aan de in 1970 gestorven Celan. Dit ter gelegenheid van het verschijnen van de indrukwekkende Nederlandse vertaling van Celans complete poëzie door Armada-redacteur Ton Naaijkens. Met gastredacteur en filosoof Ger Groot stelde Naaijkens deze Armada samen, een welkome aanvulling vol achtergrondinformatie bij de 'hermetische' poëzie van Celan.

De anekdote over Heidegger en Celan komt uit een artikel van filosoof Awee Prins met een analyse van de problematische verhouding tussen Heidegger en Celan. Meerdere malen hebben ze elkaar ontmoet, maar een mogelijke vriendschap werd bemoeilijkt doordat Heidegger niet bereid was opheldering te verschaffen over zijn kortstondige omarming van het nationaal-socialisme in de vroege jaren dertig.

Hetzelfde probleem komt naar voren in een artikel van documentairemaker Ronald Bos over de moeizame ontmoetingen tussen Celan en de filosoof en leeftijdgenoot Emil Cioran. Ze werden in dezelfde streek in Roemenië geboren en verhuisden beiden naar Parijs. Daar bleven ze elkaar gedurende twintig jaar ontmoeten. Celan vertaalde zelfs het eerste boek van Cioran in het Duits.

Toch was ook dit contact moeizaam, omdat Cioran nooit heeft willen toegeven dat hij in Roemenië lid was geweest van de 'IJzeren Garde'. Deze fascistoïde en antisemitische club was opgericht door een 'kapitein' die Cioran in een portret 'belangrijker dan Christus' had genoemd.

Het zijn merkwaardige contacten voor een dichter die er om bekend stond dat ieder woord dat hij schreef doordrongen was van de holocaust. Of van, zoals hij zelf zei, de 'twintigste januari', wat verwijst naar 20 januari 1942, toen de nazi's op de Wannseekonferenz beloten tot 'Die Endlösung der Judenfrage'.

Van Barbara Wiedemann, die dit jaar een becommentarieerde Duitse uitgave van de gedichten van Celan verzorgde, heeft Armada een lezing opgenomen die steeds terugkeert naar deze twintigste januari. Wiedemann toont op buitengewoon knappe wijze dat het verwijt van critici dat Celan in de jaren zestig de realiteit steeds meer uit het oog verloor, onterecht was. Celan was juist zeer concreet, alleen zagen de critici dat niet . Een van de talloze voorbeelden die Wiedemann geeft, is de uitdrukking 'nimmermensdag in september'. Een ogenschijnlijk verzinsel, maar wel één met een duidelijke oorsprong: op 15 september 1935 werden de Neurenbergse rassenwetten van kracht.

Naast de lezing van Wiedemann biedt Armada nog drie artikelen van buitenlandse Celan-specialisten. Opvallend is dat de acht Nederlandse bijdragen veel helderder zijn. Wat uit Engeland, Duitsland en Frankrijk komt, moet minstens zo vaak worden herlezen als de duistere poëzie die het beoogt te verklaren.

Meer over