Niks weggooien

Filmmaakster Judith de Leeuw bracht haar bezittingen stuk voor stuk in kaart. 'Het gevoel dat spullen de regie overnemen, vind ik wel beangstigend.'

DOOR LOES REIJMER

Een sneaker telt ruim vijfduizend onderdelen, constateert filmmaakster Judith de Leeuw (30) als ze haar gympen volledig uit elkaar peutert. Tussen de lagen van de zool vindt zij een briefje met een code. Deze vondst betekent het begin van haar afstudeertraject aan de Rietveld Academie, met de installatie Mijn schoen als slotstuk.

Op het briefje blijkt de code van een fabriek in China te staan en ze besluit de fabriek te bezoeken. Tot haar verbazing mag ze overal bij zijn, van diners met de staf uit Los Angeles in chique hotels tot de onderkomens van de fabrieksmedewerkers die met z'n twaalven in een kamer wonen en zestien uur per dag werken.

'Het voelde alsof ik op een plek was waar ik niet mocht zijn. Je hebt wel een idee van de productiewijze in China, maar toch was ik geschokt. De twee miljoen schoenen die de fabriek maandelijks produceert, worden allemaal met de hand gemaakt. Ik stond naast een jongen die de zool bolletje voor bolletje met rubber vulde - 43 minuten per zool. Handgemaakt is het handelsmerk van schoenen uit Italië, maar deze sneakers worden ook volledig door mensen in elkaar gezet.'

Het bevreemdendste van haar tripje naar China: een paar dagen later in HongKong vond ze zichzelf terug in een pashokje. De Leeuw: 'Alsof dat geheel losstond van de werkelijkheid die ik de dagen daarvoor had gezien.'

Die ervaring werd het uitgangspunt voor haar film Overal spullen, die gaat over de relatie tussen mensen en hun spullen en de vraag waarom we altijd meer willen.

In Overal spullen telt De Leeuw opnieuw, ditmaal alle dingen in haar huis. Van tafels tot badhanddoeken, van theelepeltjes tot punaises. Aanvankelijk stapelt ze alles op in haar huis aan het Amsterdamse Singel, tot ze beseft dat ze, als ze alles wil uitstallen, acht keer de oppervlakte van haar huis nodig heeft.

Daarom verhuist ze haar volledige inboedel naar een loods, en telt, bestickert en categoriseert daar een maand lang al haar spullen. Ze wil die 'managen', omdat ze soms het gevoel heeft dat ze als een 'wild beest' op haar afkomen. Huize De Leeuw telt 15.734 spullen, luidt de conclusie na een onderzoek van een maand in de koude, stoffige loods.

Daar blijft het niet bij, want tijdens het tellen vult het lege huis zich weer. Met zwarte sokken, die haar vriend opnieuw koopt terwijl er al 312 identieke exemplaren in de loods liggen. En met een tafel, die de buren brengen omdat ze het spullenloze gezin zo zielig vinden. En met artikelen van de HEMA, die De Leeuw koopt als ze een zwak moment in het warenhuis beleeft.

In je film noem je de HEMA 'een geruststellende plek'. Wat is er zo geruststellend aan de HEMA?

'Het is troostrijk - voor even. Tijdens het tellen in de loods had ik last van een allergie, omdat het daar zo stoffig was. Ondanks mijn voornemen niets meer te kopen, ben ik naar de HEMA gegaan. Je denkt onbewust: alles komt goed als ik nu dat pakje schuursponsjes of die glazen koop. Dat gevoel verdween weer snel nadat ik het had gekocht, maar toch deed ik het steeds weer. Dan ging ik mijn kind ophalen bij de kinderopvang en kwam ik wederom met een pakje schuursponsjes thuis, terwijl er al 36 in het keukenkastje lagen. Het voelde toch alsof het me overkwam; alsof ik er niet voor koos.

'Als ik mensen over mijn filmplan vertelde, dachten ze vaak dat de film over shoppen zou gaan met Sex and the City-achtige taferelen. Mij gaat het juist niet om paarse pumps met naaldhakken, maar om wat wij gewoon vinden. Dat mijn zoon, toen hij net geboren was, al zo veel spullen had dat ze twintig keer zijn lichaamsoppervlakte in beslag namen, is heel geaccepteerd. Of dat een vrouw op zwangerschapscursus zei: 'We hebben een nieuwe auto gekocht. We moesten wel, anders past de kinderwagen niet in de auto.'

Spullen lokken nieuwe spullen uit.

'Ja. Als je een fototoestel koopt, heb je ook een hoesje nodig. Het werkt ook ingewikkelder: Apple heeft een schroefje ontworpen om de batterij van de iPhone mee vast te maken. Er bestaat nog geen schroevendraaier voor. Zo verzekert Apple zich van een monopolie. Of toen ik naar de winkel ging omdat mijn printer stuk was, zeiden de verkopers dat de printer een levensduur van maar drie jaar had. Ze worden bewust zo gemaakt. Dat vind ik beangstigend: spullen zijn eigenlijk gemaakt om het leven makkelijker te maken; om ons dienstbaar te zijn. Maar we zijn op een punt gekomen waarop we in dienst staan van de dingen.'

Waarom ben je niet als boze consument naar de fabrikan-ten gestapt?

'Ik ben niet boos op de fabrikanten. Ik heb het idee dat we collectief vastzitten. Het klinkt een beetje gewichtig, maar ik denk dat het systeem van ongebreidelde economische groei nu echt aan zijn houdbaarheidsdatum zit. Dat we langzaam beseffen dat we dit niet willen. De taal van het postkapitalistische tijdperk moet nog ontwikkeld worden, maar we weten al wel wat we afwijzen - dat zie je ook aan de Occupy-beweging.

'Ik heb me in de film alleen op mijn eigen gedrag gericht, en niet op de ellende in sweatshops in Azië of ons afval, dat gedumpt wordt in Ghana. Dat is allemaal heel erg, maar voor ons ook geruststellend: het speelt daar, niet hier. Terwijl de spullen wel in ons huis staan, en wij er dus ook onderdeel van zijn.'

Je spreekt vooral het individu aan. Wil je dat ik aan je denk als ik het zoveelste rokje afreken bij de H&M?

'Ja, dat is wel de bedoeling.'

En wat moet ik dan denken?

'Benjamin R. Barber, de schrijver van De infantiele consument, zegt in de film dat je je moet afvragen welke spullen nuttig zijn. Hij vindt bijvoorbeeld dat goede loopschoenen wel nuttig zijn, en hoge hakken niet. Maar hij begrijpt zijn eigen boek niet, besefte ik toen ik hem in een hotel ontmoette en zijn vrouw en hij in het kader van nuttig zojuist ieder vijf paar schoenen hadden aangeschaft. Of iets nuttig is, vind ik geen goed criterium, want alles kan nuttig zijn - ook hoge hakken.

'Zelf pas ik het volgende toe: stel dat de mogelijkheid om artikelen weg te gooien niet bestaat, wil ik iets dan voor de rest van mijn leven bij me hebben? Daardoor heb ik deze maand goed weerstand geboden aan alle HEMA-dingetjes voor in de kerstboom, maar heb ik gisteren wel een nieuwe theepot gekocht. Daar wil ik de komende vijftig jaar wel mee vooruit, denk ik.'

De Leeuw wijst in Overal spullen ook op de socialiserende werking van spullen. Als ze alles heeft uitgestald in de loods, laat ze verschillende types - hypotheekadviseur, expats, en crèchemoeders met King Louie-jurkje - het gezin omschrijven op basis van de inboedel zonder erbij te zeggen dat het om haar spullen gaat. De antwoorden zijn confronterend: 'nogal duffe schoenen; te gezond' (hypotheekadviseur), 'het zijn oude hippies' (de expats), 'het is het net niet, ofzo' (de crèchemoeders). 'Zou je vrienden met het gezin kunnen zijn?', wilde De Leeuw van de aanwezigen weten. Nee, luidde het eensgezinde antwoord.

Dat is pijnlijk.

'Ja, heel pijnlijk. Ik vond het erg dat ze onze schoenen lelijk en ons interieur ongezellig vonden, maar ook dat ze dachten dat we niets om de wereld gaven. Ik zag mezelf altijd als een redelijk bewust iemand. Maar toen ik alle spullen bij elkaar zag liggen, viel dat inderdaad tegen.'

Definieer jij mensen op basis van hun spullen?

'Ja, dat doen we allemaal. Als jij hier zou binnenkomen in joggingbroek en Ajax-shirt zou ik daar raar van opkijken. Maar we definiëren onszelf ook met spullen. Als ik een Moleskineboekje koop, voel ik me ook meteen schrijver. En met mijn MacBook voel ik me ook een echte filmmaker. Hetzelfde geldt voor intelligente boeken in de kast of houten speelgoed, omdat dat verantwoorder is. We hebben ook plastic speelgoed, maar dat ligt in de kast.'

Is het erg, dat we spullen zo gebruiken?

'Ik weet niet of dat erg is. Het verbaast me vooral hoeveel spullen we hebben en toch steeds meer willen. Het gevoel dat spullen de regie overnemen, vind ik wel beangstigend. Problemen zoals arbeidsomstandigheden in ontwikkelingslanden en belasting van het milieu nemen we op de koop toe, omdat de spullen zo fijn voor ons zijn. Maar als we het idee hebben dat we die spullen niet meer kunnen managen, is het misschien tijd geworden om te denken: jezus, waarom doen we dit eigenlijk?'

15.768

Nummers telt de catalogus met spullen die het bezit vormen van de Amsterdamse filmmaakster Judith de Leeuw.

CV Judith de Leeuw

1981 Geboren: 6 december, opgegroeid op Texel

2007

Mijn Schoen (Installatie)

2007

Gerrit Rietveld Academie (Beeld & Taal)

2009 Sandberg Instituut (Ontwerpen)

2011

regisseur Overal Spullen

Uitzending: 31 december om 14:55 op NL 2

undefined

Meer over