Nieuwe vrienden voor Sharon

Vroeger golden de Democraten als Israëls grootste vrienden in de Verenigde Staten, maar Israël kan nu vooral rekenen op de steun van de conservatieven en christelijk rechts, de harde kern van de Republikeinse partij, de partij van president Bush....

Van onze correspondent Bert Lanting

De rechtervleugel van de Republikeinse partij roerde zich luidruchtig, toen Bush Israël opriep zijn troepen 'onmiddellijk' terug te trekken en minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell naar het Midden-Oosten stuurde om te proberen de Israëlische regering te bewegen tot een vergelijk met de Palestijnen. De diplomatieke druk op Israël werd beschouwd als een 'verraad' aan de 'natuurlijke bondgenoot' van de VS in het Midden-Oosten.

De kritiek kwam hard aan bij het Witte Huis, dat sinds de aanslagen van 11 september en de voorspoedig verlopen oorlog in Afghanistan nauwelijks meer gewend is aan kritische geluiden, zeker niet vanuit de Republikeinse gelederen.

Bush kwam onder vuur te liggen van neoconservatieve commentatoren als Charles Krauthammer en George Will, die erop hamerden dat premier Sharon in feite verwikkeld is in dezelfde oorlog als de Verenigde Staten: die tegen het terrorisme. Krauthammer sprak ook de vrees uit dat de regering-Bush zich door de bemiddelingspogingen in het Midden-Oosten zou laten afleiden van het belangrijkste doel, afrekenen met het bewind van de Iraakse leider Saddam Hussein.

Dat is ook de opvatting van de haviken in de regering-Bush - onder wie minister van Defensie Donald Rumsfeld en diens rechterhand Paul Wolfowitz. Zij vonden dat Bush Sharon de vrije hand moest geven. Wolfowitz hamerde er verder op dat de VS zich door de crisis in het Midden-Oosten niet moeten laten weerhouden van actie tegen Irak.

Bush kwam ook onder vuur te liggen in de veel beluisterde radioprogramma's van de oerconservatieve Rush Limbaugh en andere spreekbuizen van christelijk rechts. Limbaugh noemde Sharon 'de enige die zich zonder aarzelen aan de Bush-doctrine houdt'.

De onvrede bleek ook op een pro-Israëlische demonstratie in Washington, waar joodse leiders en vertegenwoordigers van christelijk rechts het opnamen voor het recht van Israël zich te verdedigen tegen de zelfmoordaanslagen van Palestijnen. Ironisch was dat onderminister van Defensie Wolfowitz door joodse activisten werd uitgejouwd toen hij het beleid van de regering-Bush probeerde uit te leggen.

Volgens waarnemers moet Bush meer rekening houden met de pro-Israëlische fractie binnen zijn partij dan zijn vader, die het toen hij president was, herhaaldelijk aan de stok had met de Israëlische regering. Bush sr. schortte zelfs de hulp aan Israël tijdelijk op om de Israëlische regering onder druk te zetten een einde te maken aan de bouw van nieuwe nederzettingen in de Palestijnse gebieden.

Sindsdien is de invloed van de pro-Israëlische conservatieven in de Republikeinse partij echter toegenomen, vooral sinds het vertrek van Pat Buchanan. Deze oerconservatief, die in 2000 uit de Republikeinse partij stapte om een gooi naar het presidentschap te doen, vertolkte de anti-joodse sentimenten onder de uiterst rechtse vleugel van de partij. Maar volgens waarnemers speelt ook mee dat Bush zelf als 'herboren christen' een sterke band voelt met het 'Heilige Land'.

Meer over