Nieuwe leider Spaanse socialisten

Alfredo Pérez Rubalcaba is dit weekeinde verkozen tot de nieuwe leider van de Spaanse socialistische partij (PSOE). De oude rot Rubalcaba (60) bleef op het partijcongres in Sevilla zijn twintig jaar jongere rivale Carme Chácon - die 'een nieuw tijdperk' beloofde - nipt voor.

VAN ONZE VERSLAGGEVER IÑAKI OÑORBE GENOVESI

AMSTERDAM - Rubalcaba kreeg 487 stemmen, tegen 465 stemmen voor Chacón. Slechts eenmaal eerder was de marge binnen de socialistische PSOE nog kleiner: in 2000 moest José Bono met een verschil van slechts negen stemmen zijn meerdere erkennen in José Luis Rodriguez Zapatero. Vervolgens was Zapatero ruim elf jaar partijleider van de PSOE en bijna acht jaar premier van Spanje.

Zapatero, die op het partijcongres nog eenmaal terugkeek op zijn door de crisis gefnuikte premierschap, wilde niet openlijk zijn steun uitspreken voor Rubalcaba of Chacón als zijn opvolger als partijleider. Ongetwijfeld omdat beiden als minister dienden in zijn twee kabinetten tussen 2004 en 2011. Chacón als minister van Volkshuisvesting en later van Defensie, als eerste vrouw in de Spaanse geschiedenis. Rubalcaba als vicepremier, minister van Binnenlandse Zaken en woordvoerder van de regering.

Wel openlijke steun voor Rubalcaba was er van Felipe González, die premier van Spanje was tussen 1982 en 1996, en van Patxi López, de zeer populaire regiopremier van Baskenland. Bovendien leken veel socialisten niet te zijn vergeten dat Rubalcaba zich bij de parlementsverkiezingen van vorig jaar had opgeworpen als lijsttrekker van de PSOE, ondanks een door alle peilingen voorspelde zware stembusnederlaag tegen de conservatieve Partido Popular van Mariano Rajoy.

Rubalcaba en de socialisten kregen in november inderdaad een historisch pak slaag te verwerken. Nog nooit verloor de PSOE bij verkiezingen zoveel stemmen - 4 miljoen. Opmerkelijk genoeg blijkt uit enquêtes van de Spaanse sociologische onderzoeksinstelling CIS nog altijd dat Spanjaarden, links en rechts, Rubalcaba hoger waarderen als politicus dan PP-voorman Rajoy, die in december aantrad als Spaanse premier.

Daarmee lijkt Rubalcaba de strijd met Chacón om wie de komende vier jaar als oppositieleider premier Rajoy het vuur aan de schenen moet leggen, in zijn voordeel te hebben beslist. Wellicht speelde ook mee dat veel socialisten vreesden dat met de keuze voor de 40-jarige Chacón een te grote verjonging en vervrouwelijking binnen de partij zou plaatsvinden, net nu de PSOE worstelt met de toenemende concurrentie om de (centrum-)linkse Spaanse stem, met politieke partijen als Izquierda Unida. Of sociale bewegingen als 15M, de Indignados ('verontwaardigden') die de straatprotesten leiden tegen 'de democratische en economische malaise' in het land.

De vraag is echter wat Rubalcaba ondanks zijn bijna veertig jaar politieke ervaring zal kunnen doen om het premier Rajoy moeilijk te maken. De PSOE heeft slechts 110 vertegenwoordigers in het 350 leden tellend Spaans parlement. Lijdzaam moesten de socialisten bij voorbeeld toezien hoe de nieuwe conservatieve regering heeft aangekondigd de versoepeling van de abortuswetgeving terug te draaien.

Meer succes lijkt er voor Rubalcaba weggelegd in zijn rol als waakhond van Rajoy's bezuinigingsmaatregelen en zijn geplande hervorming van de arbeidsmarkt. Volgens Rubalcaba moet Rajoy van Brussel en internationale financiële instellingen eisen dat zij minder dwingend zijn met hun aan het economisch zwalkend Spanje opgelegde verplichtingen. Ook riep Rubalcaba Rajoy op zijn eigen crisisbeleid niet louter te stoelen op bezuinigingen.

undefined

Meer over