InterviewTuur Elzinga

Nieuwe FNV-voorzitter Tuur Elzinga: ‘Loonmatiging en flex hebben ondernemers lui gemaakt’

Als nieuwe voorzitter van de FNV staat Tuur Elzinga voor een megaklus. De ontwrichte arbeidsmarkt, met de enorme verschillen tussen flex en vast, moet weer in balans worden gebracht. ‘De crisis heeft genadeloos blootgelegd wat we de afgelopen 40 jaar verkeerd hebben gedaan.’

Tuur Elzinga (1969) Beeld Jiri Buller
Tuur Elzinga (1969)Beeld Jiri Buller

Tuur Elzinga (51) heeft een metamorfose ondergaan. Als student stond hij met gekleurde hanekam op de barricades, nu stapt hij voor het FNV-hoofdkantoor perfect gesoigneerd en stipt op tijd uit zijn geblindeerde zwarte Volvo mét chauffeur. ‘Hoort bij de nieuwe functie’, zegt hij ietwat besmuikt. Sinds twee weken is hij namelijk de voorzitter van ’s lands grootste vakbond.

Het is voor het eerst dat niet een PvdA’er maar een SP’er die functie vervult. Elzinga werkte na twee onvoltooide studies, natuur- en sterrenkunde en politicologie, jaren voor de SP-fractie in de Tweede Kamer en was daarna negen jaar lang lid van de Eerste Kamer. Sinds zijn aantreden als vicevoorzitter bij de FNV in 2015 is hij ‘snurkend’ lid van de Socialistische Partij. Toch betekent de aanstelling van Elzinga geen radicale koerswijziging. Bij de FNV-voorzittersverkiezing profileerde hij zich juist als ‘polderaar’ die akkoorden met werkgevers en het kabinet niet uit de weg gaat.

Smokkelen

Zo sloot hij het akkoord over de vernieuwing van het pensioenstelsel, dat nu in wetgeving wordt omgezet. Al kon hij daarbij het actievoeren niet helemaal laten. Tijdens een van de onderhandelingsrondes smokkelde hij twee FNV-leden in de achterbak van zijn auto de parkeergarage in van werkgeversorganisatie VNO-NCW. ‘Ze wilden een groot spandoek neerlaten vanaf de Malietoren, maar werden door de bewaking betrapt. Voor straf mocht ik twee weken niet langskomen.’

Inmiddels is hij weer welkom bij de werkgevers, met wie hij onderhandelt over een herstelplan om de economie na de pandemie uit het slop te trekken. Als ze er samen uitkomen, zullen ze het plan tijdens de kabinetsformatie presenteren. Op Elzinga’s wensenlijst staan onder meer een ‘plaatsmakersregeling’ voor ouderen en meer vaste contracten.

Als de coronacrisis iets over het voetlicht heeft gebracht, dan is dat volgens de vakbondsman wel de tweedeling op de arbeidsmarkt. Flexwerkers en zelfstandigen krijgen de hardste klappen, verliezen baan en inkomen. Werknemers in vaste dienst die door corona minder werk hebben houden hun inkomen, dat bedrijven met steun van de overheid volledig doorbetalen. Uitgeven is lastig, oppotten het gevolg: ze spaarden in 2020 42 miljard euro, het dubbele van het jaar ervoor.

Noodverbanden

Met het kabinet en werkgevers sprak Elzinga’s voorganger Han Busker bijna wekelijks over de coronanoodsteun. ‘We hebben allemaal noodpakketten en noodverbanden moeten aanleggen omdat we een samenleving hadden gecreëerd die niet meer tegen een stootje kan’, zegt Elzinga.

‘Maar wat er veertig jaar niet geïnvesteerd is in de sociale zekerheid van mensen en de maatschappij maak je niet in één keer goed. Er zijn nog altijd mensen die tussen wal en schip vallen. Dat is het gevolg van politieke besluiten. Wij wilden bijvoorbeeld geen partnertoets in de steun voor zelfstandigen, het kabinet heeft die wel ingevoerd.’ Door die ‘partnertoets’ krijgen zelfstandigen, die door corona geen inkomen hebben, geen steun als hun partner inkomen heeft.

Nu proberen werkgevers en de vakbeweging dus akkoord te bereiken voor als die coronacrisis straks, hopelijk, wegebt. Dat zal ook over de kloof tussen bevoorrechte werknemers in vaste dienst en rechteloze flexwerkers en zzp’ers gaan. Elzinga doet graag een schot voor de boeg.

‘De steunmaatregelen voor bedrijven die veel omzetverlies lijden, gelden nu tot 1 juli. Verleng die tot het eind van het jaar. Dat geeft duidelijkheid. De belastingschuld van bedrijven moet niet kwijtgescholden worden, zoals De Nederlandsche Bank oppert, maar moet in termijnen betaald worden. Verhoog de winstbelasting tijdelijk, zodat bedrijven die juist van de coronacrisis hebben geprofiteerd, extra betalen. Een coronaheffing.’

Jongeren kregen hardste klappen

Maar Elzinga wil vooral voor werkenden zaken regelen. ‘Als bedrijven straks toch moeten krimpen ondanks alle steun, zorg dan dat ze bij voorrang jongeren in dienst houden. Die hebben de hardste klappen gekregen tijdens deze crisis. En laat ouderen, die dicht tegen hun pensioen aanzitten, eerder met pensioen gaan. Een tijdelijke plaatsmakersregeling.

‘De crisis heeft genadeloos blootgelegd wat we de afgelopen 40 jaar verkeerd hebben gedaan. Loonmatiging en flex hebben ondernemers lui gemaakt. De zorg is zo efficiënt gemaakt dat, als iets onverwachts gebeurt zoals corona, het misgaat. We moeten investeren in werkenden. In de publieke sectoren, de zorg, het onderwijs, de veiligheid, de cultuur. De lonen moeten daar omhoog, het moet aantrekkelijk worden daar te werken. Werkgevers moeten weer verantwoordelijkheid nemen voor hun mensen en niet alle risico’s afwentelen op werkenden via onzekere constructies zoals flex en zzp.

‘Na tien jaar Rutte zijn er 1,1 miljoen zelfstandigen terwijl het de vraag is of dat echt zelfstandigen zijn. En er zijn ruim twee miljoen flexwerkers, van nulurencontracten, oproepkrachten en payrollers tot uitzendkrachten. Terwijl dat ooit alleen bedoeld was voor pieken in de productie of vervanging van zieke werknemers. Een vast contract moet weer de norm worden. Het minimumloon moet fors omhoog en de uitkeringen die daaraan gekoppeld zijn, moeten dan volgen zoals de AOW en de bijstand.’

Niet tornen aan WW

Op hoofdlijnen volgt Elzinga daarmee de aanbevelingen die een commissie onder leiding van oud-topambtenaar Hans Borstlap vorig jaar deed, al ‘poetst’ hij daar de ‘onvolkomenheden’ uit. Zo wil hij niet dat er wordt getornd aan het vaste contract en het beperken van de werkloosheidsuitkering tot een jaar ziet hij niet zitten.

‘Ook in de interne flexibiliteit waarbij de werkgever je met een lager salaris naar huis kan sturen als er tijdelijk geen werk is, zien wij niets. Dan wentel je het bedrijfsrisico weer af op de werknemer. Wij stellen een collectieve verzekering voor werkgevers voor, waaruit zij de lonen kunnen betalen als het even tegenzit.’

Uiteindelijk wil Elzinga een miljoen flexbanen omzetten in vaste banen om zo meer werkzekerheid te creëren. Daarmee hoopt hij de vakbond ook aantrekkelijker te maken voor groepen die nu nog ondervertegenwoordigd zijn in het slinkende en vergrijsde ledenbestand. ‘Als we meer flexbanen kunnen omzetten in vaste banen, weet ik zeker dat we ook aantrekkelijker worden voor jongeren, voor mensen met een migratieachtergrond en vrouwen die oververtegenwoordigd zijn in die onzekere en laagbetaalde banen.’

Meer over