Nieuw politiek correct

Het begrip politiek correct is van inhoud veranderd. Het is politiek correct geworden om de multiculturele samenleving en islam te verketteren....

Peter Giesen

ARME Job Frieszo. Voor de camera's van het NOS-Journaal wapperde hij met een exemplaar van het programma van de Centrum Democraten, uitgevoerd in vrolijk rood-wit-blauw. Vervolgens trok hij de - juiste - conclusie dat Pim Fortuyn in zijn interview met de Volkskrant dezelfde taal bezigde als de gewraakte CD-leider Hans Janmaat.

Na de moord op Pim Fortuyn werd Frieszo bedreigd en bewaakt door veiligheidsmensen. Hij zou Fortuyn 'gedemoniseerd' hebben. En toen zijn hoofdredacteur Nico Haasbroek in het BNN-programma Storing lichte kritiek op Frieszo uitoefende, moest hij vertrekken. In een oorlog moeten de rijen gesloten blijven. In een gepolariseerd klimaat zijn de verhoudingen verziekt. Het zijn weer politiek-correcte tijden, zoals Maarten Huygen in NRC Handelsblad constateerde.

Alleen heeft het begrip 'politiek correct' in korte tijd een totaal andere lading gekregen. Het is politiek correct geworden om elke vergelijking van Fortuyn met Janmaat, Haider of andere extreem-rechtse kopstukken van de hand te wijzen. Het is evenzeer politiek-correct geworden om de multiculturele samenleving als een illusie van de hand te doen en de islam te verketteren. De mensen van de Lijst-Pim Fortuyn, die zelf onbekommerd met modder gooiden ('Borst is erger dan Bin Laden'), behoren met alle egards behandeld te worden. Voor Nova registreerde verslaggever Willem Lust hoe LPF-leider Mat Herben tot drie keer toe een citaat van Winston Churchill verhaspelde. Wat in normale tijden als een amusante journalistieke schelmenstreek zou zijn beschouwd, heet nu de schandalige behandeling van een nieuwkomer door het establishment. 'Het zijn de Willem Lusten en de Nova's van dit beroep die medeverantwoordelijk zijn voor de argwaan en de steeds diepere kloof tussen beneden en boven Nederland', brieste Sylvain Ephimenco in dagblad Trouw.

Verrassend genoeg hanteerde Trouw deze keer de botste bijl. Vlak na de moord op Pim Fortuyn presenteerde het katern Letter & Geest een 'rapsodisch geheel' van drie stukken die geschreven waren 'uit één geest'. 'De publicist Paul Frentrop klaagt degenen aan die Pim Fortuyn hebben gedemoniseerd. De dichter Afshin Ellian klaagt het linkse establishment aan: Melkert, De Graaf en Rosenmöller moeten aftreden. En Sylvain Ephimenco klaagt de multiculturalisten aan: Willen ze eindelijk de waarheid onder ogen zien?'

Voor een 'rapsodisch geheel' hadden de stukken een merkwaardig bittere toon. Linkse politici en journalisten vormden een zelfingenomen elite die het contact met het gewone volk kwijt was geraakt. Elke kritiek op de multiculturele samenleving plachten zij te beantwoorden met een verwijzing naar racisme en Tweede Wereldoorlog. Zo ontstond een akelige kloof tussen de zoetsappige ideologie van het multiculturalisme en de grimmige praktijk op straat. Maar dankzij Pim Fortuyn barstte de zweer open: eindelijk mocht gezegd worden 'waar het op stond'.

De verschuiving naar een nieuwe vorm van politieke correctheid hing al geruime tijd in de lucht. Na 11 september nam de kritiek op de islam en het multiculturalisme alleen maar toe. 'Ik ben nooit van standpunt veranderd, maar ik ben steeds meer dissident geworden', zegt Chris Keulemans, schrijver en oud-directeur van politiek'cultureel centrum De Balie in Amsterdam. 'Tegenwoordig is het politiek-correct om tegen de multiculturele samenleving te zijn', zei criminoloog Frank Bovenkerk in februari in een interview met de Volkskrant.

Sinds de moord op Fortuyn is er geen houden meer aan. Het debat draait niet langer rond de zielige allochtoon, maar rond de kleine blanke burger die zijn buurtje ziet verpauperen. 'Op zichzelf vind ik het goed dat we die omzichtigheid kwijt zijn. We mogen zeggen dat er grote problemen zijn met migranten in de grote steden. Maar we schieten meteen door naar het andere uiterste. Het Nederland is vol-geluid', zegt Godfried Engbersen, hoogleraar sociologie in Rotterdam.

Anders dan vaak wordt beweerd, berichtten de media allang niet meer over de multiculturele samenleving als eeuwigdurend swingfeest met lekkere hapjes. 'De media hebben de onvrede wel degelijk opgetekend. De Volkskrant heeft bijvoorbeeld een tijd lang verslaggevers gestationeerd in de Bijlmer en Delfshaven', zegt Engbersen. Toch schoten de media, inclusief de Volkskrant, tekort, vindt hij. 'Ze tekenden vooral de couleur locale op, het gekanker op allochtonen. De krant maakte er geen politiek punt van, bijvoorbeeld door politici te confronteren met de problemen in de oude wijken.'

In 1998 betoogde Paul Scheffer in NRC Handelsblad dat zich een 'multicultureel drama' afspeelde. Nederland moest veel meer zijn eigen normen en waarden overdragen aan nieuwkomers, aldus Scheffer. Dit debat landde nooit in de alledaagse realiteit, vindt Engbersen. 'Het werd vooral een sjiek debat voor de bovenkant. In het Amsterdamse Balie-circuit gingen mensen met elkaar debatteren wat precies Nederlandse normen en waarden waren. Daar kom je natuurlijk nooit uit', aldus Engbersen. Ondertussen bleven de straten vuil en onveilig. Kortom: de media besteedden er wel aandacht aan, zegt Engbersen, maar met onvoldoende urgentie. Net als de politiek, overigens.

Engbersen beschouwt de multiculturele samenleving niet als een permanent Kwakoe-festival. Toch ondertekende hij vorige maand een manifest ten faveure van die multiculturele samenleving. 'De Nederland-is-volgedachte miskent gewoon dat de multiculturele samenleving een realiteit is', zegt Engbersen. Nederland heeft al een omvangrijke allochtone populatie en die zal niet kleiner worden. 'Vroeger staken mensen hun hoofd in het zand voor de problemen. Maar het anti-immigratiedenken is ook niet realistisch. Het schept ook verwachtingen bij mensen in de oude wijken, die niet waar gemaakt kunnen worden', zegt Engbersen. De multiculturele samenleving is here to stay, of we dat nou leuk vinden of niet. Er moet flink geïnvesteerd worden om de toestroom van nieuwelingen in goede banen te leiden. Bij een al te polariserende koers komen bevolkingsgroepen tegenover elkaar te staan, vindt hij, en wordt het draagvlak voor die investeringen ondermijnd.

Toch hebben de tragische gebeurtenissen van mei 2002 in elk geval één positief effect, zegt ook Engbersen. De Tweede Wereldoorlog is definitief gediskwalificeerd als deugdelijk argument in het debat over de omgang met andere culturen. Engbersen: 'Dat is altijd slecht geweest. Je moet oppassen met zulke zware metaforen. Ze maken een reëel debat onmogelijk.'

Meer over