Nieuw leven in het meer

De bodem is gereinigd, het water verhelderd en het weglekken ervan voorkomen: het Naardermeer is opgeknapt. Nederlands eerste natuurgebied lijkt goed hersteld van eerdere narigheid....

Marieke Aarden

LAAT HET woord Naardermeer vallen en menig natuurliefhebber begint over de oervader Jac. P. Thijsse. Dankzij zijn acties is het meer voor de ondergang behoed. In 1904 lanceerde Amsterdam het plan er zijn huisvuil te storten en dus het Naardermeer te dempen. 'Een waardeloze plas', oordeelde het gemeentebestuur over dit 1120 hectare grote water met moerasbossen, hooilanden en trilvenen, waar planten en dieren met zwierige namen huizen, zoals de moeraswederik, het puntdragend glanswier, het trompetkroesmos, de ruige dwergvleermuis, de wintertaling, de grote roodoogjuffer en de steenrode heidelibel.

Thijsse zou nu opnieuw tevreden kunnen zijn. Want de grondige opknapbeurt die het Naardermeer de laatste jaren ondergaat, begint resultaten af te werpen.

Heel wat Amsterdammers kwamen in 1904 in opstand tegen het vuilstortplan. Ze waren waarschijnlijk aan het denken gezet door Thijsse en zijn vriend Eli Heimans, die veelgelezen krantenrubrieken over dit onderwerp volschreven in het Handelsblad en de Groene Amsterdammer. Zij spraken schande over het Amsterdamse plan. Hun pleidooi viel goed, want de belangstelling voor natuur groeide in de zich industrialiserende wereld. Het gemeentebestuur haalde bakzeil.

Maar voor Thijsse was de dreiging niet definitief geweken. Altijd kon er weer een onverlaat proberen het meer in te polderen - er waren al eerder pogingen ondernomen - en dus was aankoop de enige manier om het meer veilig te stellen. Besloten werd een vereniging op te richten en zo ontstond de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten.

'De nieuwbakken natuurbeschermers aarzelden', schrijft Toon Fey in het boek Onder de waterlelies van het Naardermeer. Zouden ze de rente op de lening voor de aankoop wel kunnen terugbetalen? De doorslag gaf dat jacht, riet en visserij in het meer jaarlijks vijfduizend gulden zouden opbrengen. In 1906 was de aankoop van het Naardermeer rond en daarmee stond het eerste natuurmonument in Nederland op de kaart. Voor de somma van 155 duizend gulden.

De afgelopen acht jaar is het vuile slib van de bodem geschraapt. De omliggende polders kregen van buitenaf een grote hoeveelheid water om te voorkomen dat het Naardermeer erin zou leeglopen. Er is geplagd in de riet- en hooilanden. En de brasems die met hun kop voortdurend door de bodem woelen en daardoor het water vertroebelen, zijn deels opgevist.

'Het is iedere bezoeker duidelijk dat het goed gaat met het Naardermeer. Het water is helder, er groeien overal waterplanten en je kunt de vissen onder de boot door zien zwemmen; het lijkt wel alsof je door een aquarium vaart', aldus de jubelzang van Natuurmonumenten, die valt te lezen in de Monitoring over het herstelplan Naardermeer.

Slechts een enkeling kan dat beamen, aangezien Natuurmonumenten het wetland zo goed als ontoegankelijk heeft gehouden. Varend kan men mee op excursie, een beperkt aantal dagen per jaar. De fietser wordt op een flinke afstand gehouden en voor de wandelaar - over het laarzenpad - zijn enkele loopplanken door de modder uitgelegd om bij één van de twee observatiehutten, direct aan het Naardermeer, te komen. Daar is het beter trainspotten dan bird watchen, omdat er om de haverklap een trein door het gebied dendert. De drukke lijn Amsterdam-Hilversum doorkruist het Naardermeer en ook de auto's op de A 1 scheiden heel wat decibellen af.

Een 'dotterteller' van Natuurmonumenten kruist ons pad. Hij heeft optimistische geluiden over de bloemen die in aantal toenemen. Veel onnatuurlijker geel dan dat van bloemen schreeuwt tegemoet uit de oren van de Galloway-runderen. Zelfs in een natuurgebied wordt de grazers een merkteken door de oren geboord, hoewel tegenwoordig in de natuur ook een bruin oormerk is toegestaan.

De aalscholvers vliegen af en aan naar het IJsselmeer waar ze hun voedsel halen. Het Naardermeer kan zich met tweeduizend nesten beroepen op een van de grotere aalscholverkolonies van Europa. Maar omdat het meer maar één meter diep is, kunnen de vogels er niet goed in duiken om vis op te halen. Dus pendelen ze een paar keer per dag naar het diepere IJsselmeer. Speciaal voor de 'forenzen' zijn de hoogspanningsleidingen verlaagd. Zeg dus niet dat Naarden, Bussum en omgeving niets over hebben voor hun gasten.

Die laten zoveel poep in het meer vallen, dat het danig verontreinigd raakte. Daar is een oplossing voor gevonden. De waterhuishouding van het aalscholkolonie wordt afgesloten van de rest van het meer, zodat de dierlijke vervuiling niet de natuur verderop indringt.

De aankoop van natuurterreinen betekent nog niet dat het gebied intact blijft, leert het Naardermeer. In en rond het meer hebben de uitbreidende landbouw met zijn overdadige bemesting en beregening, de oprukkende bebouwing en de infrastructuur afgelopen eeuw behoorlijk huisgehouden. Er was te weinig water en van slechte kwaliteit, er waren te veel algen, te weinig waterplanten en een verstoorde visstand.

Het hydrologisch isoleren van de aalscholverkolonie, het opbaggeren van vervuild bodemslib én het defosfateren van het water uit de Vecht hadden de beste effecten op de helderheid van het water. Een andere aanslag op het Naardermeer, de onttrekking van grondwater, is bezworen. Industrie en huishoudens halen hun drinkwater niet meer uit de grond, maar zijn voor een groot deel overgeschakeld op oppervlaktewater - het grondwater kan zodoende weer naar het Naardermeer opwellen. En om de bodem tegen verdroging te beschermen, gaat het regenwater in nieuwe wijken van Naarden en Bussum niet meer het riool in, maar mag het in de bodem zakken.

Water van goede kwaliteit en in de goede hoeveelheid is de sleutel voor de soortenrijkdom in het Naardermeer, met de aanpalende meren Bovenste Blik en Veertigmorgen. Helder water geeft kranswieren, waterlelies en gele plomp kansen, die insecten aantrekken waar vogels op afkomen. In het riet broedt sinds 1995 de zeldzame roerdomp. Grauwe ganzen broeden er sinds 1989 - zij halen hun voedsel in de omliggende weilanden.

Natuurmonumenten wil doorgaan met het aankopen van die omliggende graslanden, soms nog in eigendom van boeren. Om een natuurgebied hoort een buffer te liggen om al te abrupte overgangen te vermijden. Boeren willen geen natte terreinen, dus wordt voor hen het grondwaterpeil laag gehouden. Daardoor lekt water uit het Naardermeer weg naar het lager gelegen boerenland. Als Natuurmonumenten eigenaar is, hoeft zij geen rekening meer te houden met het boerenbelang en kan zij naar eigen inzicht het waterpeil verhogen.

Als de natuur in de zone rond het Naardermeer niets in de weg wordt gelegd, kan ook een betere verbinding ontstaan met de omliggende natuur in de Vechtplassen en het IJsselmeer. Want hoe beter de verbindingszones zijn, des te groter is de kans dat dieren en planten kunnen migreren. Een zeldzame soort is dan niet aangewezen op één gebied maar kan zich elders vestigen als de situatie ter plekke verslechtert. In Naarden ligt bijvoorbeeld een stobbenwal naast de fietstunnel. De oude boomkluiten geven wezels, egels en muizen de beschutting om zich ónder in plaats van óver de weg te verplaatsen.

Aan het leven onder en op het water is te merken dat er veel vooruitgang is. De verbeteringen buiten het water zijn nog niet zo duidelijk. Het aantal broedvogels, zoals de zwarte stern, de havik en de buizerd, neemt toe. Het is moeilijk meetbaar of dit te danken is aan het herstelplan. Natuurmonumenten hoopt dat de visarend weer in dit gebied gaat broeden en misschien is er in de toekomst ook weer plaats voor de otter.

In het Verkadealbum legde Thijsse al de rijkdom van het Naardermeer vast. 'Van de fonteinkruiden groeien hier bijna alle soorten en het is een van mijn prettigste herinneringen hoe ik op een augustusmorgen in een frissche bries op het wijdste gedeelte van de Noordoosterplas voor anker heb gelegen, om bloem voor bloem te zien opengaan en het lichte stuifmeel in wolken te zien wegvliegen over de krullende golfjes', schreef hij in 1905 in Levende Natuur, het blad van zijn net opgerichte vereniging.

In een dichtbevolkte streek als de Randstad moeten heel wat kunstgrepen worden uitgehaald om een natuurmonument als het Naardermeer goed te houden. Voorkomen dat die restjes natuur er ook nog aangaan, was wat Natuurmonumenten beoogde met de actie tegen aanleg van de Amsterdamse wijk IJburg. Voor het Naardermeer vraagt de vereniging zich voorzichtig af of er meer publiek in moet worden toegelaten. Want anders blijft het vooral dat stuk natuur waar de bunker van Wim de Bie staat.

Meer over