'Niet eenzaam, wel op mijzelf'

Beetje internetten, krantje lezen, boodschappen doen. Voormalig drugsadvocaat Paul Bovens (47) heeft weinig meer om handen sinds hij zijn door een bom verwoeste Utrechtse praktijk in 2001 sloot....

tekst Michiel Haighton

'Voor mij vormde de bom een moment van overweging en bezinning. Iedereen kent toch wel zulke momenten in zijn leven? Voor de een is dat het overlijden van een dierbare of het verlies van een baan. Voor mij was dat een bom. Ik maakte de balans op. Vind ik het werk dat ik doe nog leuk? Bevredigt het mij nog wel? Is dit nu alles dat ik uit het leven kan halen? Als die bom er niet was geweest, had dat bezinningsmoment zich ook aangediend, zij het op een later tijdstip en met een andere aanleiding.

'Ik zou hebben behoord tot de top vijf beste strafpleiters van Nederland. Samen met Bram Moszkowicz en Gerard Spong. Over andere namen die dit lijstje complementeren bestaat in het vak veel discussie. Eigenlijk is het kringetje advocaten dat op hoog niveau meespeelt, h klein, veel te klein. Zeker gezien het grote aantal strafzaken dat zich dagelijks in de rechtbank afspeelt.

'Mijn tarief was 450 gulden per uur, vandaag de dag zou dat 450 euro zijn. Als je goed bent, spreekt zich dat rond. Op een bepaald moment kun je honoraria-eisen gaan stellen. Ik onderhandelde n over de prijs. Ik had een vast tarief, en dat moest worden betaald. De rekening kon in kapitale en ingewikkelde zaken makkelijk oplopen tot in de tonnen. Klanten waren slim genoeg mij niet te vertellen hoe ze aan het geld kwamen waarmee ze mij betaalden. Daar vroeg ik ook nooit naar. Waarom zou ik? Als ze mij hadden verteld dat ze mij met drugsgeld betaalden, had het mij niet meer vrij gestaan dat aan te nemen.

'Mijn vader is jurist, mijn zus, mijn zwager, mijn vriendin, mijn eerste grote liefde was dochter van een advocaat, haar broer was advocaat. Allemaal delen we een bovenmatige aanleg voor rechtvaardigheid. Ik heb net zoals mijn vader in Nijmegen gestudeerd. Die studeerde samen met de oude Max Moszkowicz. Mijn vader gaf hem bijles Latijn, Max had door zijn verblijf in een kamp tijdens de oorlog een aantal jaren gymnasium gemist. Mocht m'n vader als tegenprestatie in het weekend Max z'n MG lenen. Kon hij indruk maken op zijn verkering - mijn moeder dus.

'Mijn carri ben ik begonnen bij het kantoor van de Utrechtse advocaat Piet Doedens. Eerst als student-stagiair, later als advocaat-stagiair. Anderhalf jaar werkte ik er. Privonden we het goed vinden, zakelijk minder. Ik vond het te chaotisch toegaan op zijn kantoor. Kon er mijn ei ook onvoldoende kwijt. In die periode is wel mijn interesse voor het strafrecht geboren. In 1996 ben ik mijn eigen kantoor begonnen.'

'De explosie had een enorme kracht. Als ik op het moment van de bomaanslag op kantoor was geweest, had ik het waarschijnlijk niet overleefd: ik zou aan stukken zijn gereten. Ook voor eventuele voorbijgangers op straat had het fataal kunnen aflopen. Dat de aanslag laat op de avond plaatsvond (23.30 uur, MH) doet niets af aan de ernst van het feit. Het kwam best wel eens voor dat ik nog zo laat op kantoor aan het werk was.

'Maar de bomaanslag is niet van invloed geweest op mijn beslissing te stoppen met mijn praktijk. Dat is echt een misverstand, waarschijnlijk gevoed door het feit dat ik zo snel (drie maanden, MH) na die aanslag stopte. Angst heeft echter nooit grip op mij kunnen krijgen, ook niet na die bomaanslag. Ik heb altijd met een latente vorm van bedreiging dit vak uitgeoefend en met spanningen te maken gehad. Dat hoort nu eenmaal bij dit werk, ik was eraan gewend. Mijn cli bestond voor een belangrijk deel uit mensen die zich bewogen in de wereld van de georganiseerde misdaad. Dat zorgt voor een zekere alertheid.

'Als je bang bent uitgevallen, moet je geen strafpleiter willen worden. Krijgt angst toch grip op je, dan is het zaak die angst op de kortst mogelijke termijn te elimineren. Lukt dat niet, dan moet je er subiet mee stoppen.

'Het waren vooral de bijeffecten van het beroep die mij steeds meer begonnen te frustreren. Het 24 uur per dag beschikbaar zijn, het vele reizen, de files, de administratieve rompslomp, de naargeestige sfeer in de gevangenissen, en het gebrek aan gelegenheid om een normaal sociaal leven te leiden. Het had niets te maken met een burn out of andere medische verschijnselen. Het was een weloverwogen en nuchtere beslissing waar ik nog steeds achter sta. Als je iets niet meer leuk vindt, moet je ermee stoppen. Punt uit. Ik verkeerde in de luxe positie dat ik mij zo'n stap ook financieel kon veroorloven.

'Vroeger kreeg ik als advocaat alle informatie die ik wilde hebben. Nu zit ik op het politiebureau niet als advocaat die namens de verdachte alle beschikbare informatie opeist, maar als slachtoffer. Ik wil stukken zien, maar krijg ze niet. Dat is frustrerend. Maar als oud-advocaat begrijp ik tegelijkertijd heel goed dat de politie mij niet alle ins en outs vertelt. Het primaire belang ligt bij het opsporen van de dader, niet bij het geruststellen van het slachtoffer. Dat heb ik te respecteren.

'Nee, de zaak is nog steeds niet opgelost. Om die reden ben ik nog altijd alert en voorzichtig. De dader zit immers niet achter tralies. De politie beweert nog steeds onderzoek te doen. Ik kan mij niet voorstellen dat er n actuele onderzoekspunten liggen die niet uitgerechercheerd zijn. Nee, ik heb ook echt geen weet van wat ze de afgelopen drie jaar hebben uitgespookt.

'Of ik vermoedens heb wie het heeft gedaan? Sorry, maar ik ben toch geen opsporingsambtenaar. Bovendien ga ik hier nu niet allerlei theorieontvouwen. Ik heb wat mogelijk relevant kan zijn voor de opheldering van deze zaak aan de Utrechtse recherche doorgegeven. Maar dat heeft tot nu toe niet tot enig resultaat geleid. Ik verwacht, misschien tegen beter weten in, dat de daders op een dag gepakt zullen worden. Zij zullen dan te maken krijgen met de oude advocaat Bovens.'

'Contact met voormalige confrs heb ik op een enkeling na niet meer. Ik mis het ook totaal niet, wel lees ik nog steeds de vakliteratuur, al spel ik de jurisprudentie niet meer. De interesse voor het vak is gebleven. Maar jeuken doen mijn vingers niet. Ik word eerder bevestigd in de juistheid van mijn keuze het mer te verlaten. De positie van de strafadvocaat kalft steeds meer af. Hem wordt veel minder ruimte gegegeven dan nodig is om de waarheid te achterhalen.

'De sfeer in het gerechtsgebouw spreekt mij ook niet meer aan. Nu mag je als advocaat alleen nog maar de rechtszaal binnenlopen als je eerst door een metaaldetectiepoortje loopt. Alsof ze er rekening mee houden dat de advocaat een vuurwapen overhandigt aan een cli. Vroeger konden we in de kantine een broodje eten. Mag ook niet meer. Er wordt een klef broodje uit een automaat aangeboden. Koffie wordt niet langer door een vriendelijke juffrouw ingeschonken: voor advocaten is er lauwe automatenkoffie op de gang. Het zijn misschien triviale zaken, maar voor mij spreekt er een bepaalde minachting uit voor de advocatuur. Wist je trouwens dat het in Belgisance is dat de president van de rechtbank de deur van zijn paleis voor de advocaat openhoudt. Zo hoort het!'

'Ik heb mijn familie, mijn vriendin, mijn vrienden. Ik ben een mooi weer fietser. Als het mooi weer is, het zonnetje schijnt, het niet te koud en vooral droog is stap ik op het fietsje. Moet er wel een doel zijn. Met een vriend een kop koffie drinken op een terras in Utrecht bijvoorbeeld. Verder belt er wel eens iemand voor een of ander adviesje, pro deo uiteraard. Wat ik verder zoal doe? Beetje internetten, de kranten lezen. Ik volg de actualiteiten op de voet, ik ben een nieuwsjunk.

'Ik doe wel de boodschappen. Koken doe ik niet. Tot grote teleurstelling van mijn vriendin. Ik heb er geen enkel plezier in. Ik zou haar eigenlijk moeten ontlasten, probeer dat op andere manier te doen. Maar niet door te roeren in een pan.

'Ik sta niet buiten de maatschappij, ik sta buiten de werkende maatschappij. Drie jaar terug was ik een gevierd man, wilde iedereen van alles van mij weten. Dat hoorde bij het werk dat ik deed. Ik ontleende er niet mijn identiteit aan. Daarom ben ik niet in een zwart gat gevallen. Ik vind mijzelf niet eenzaam, ik ben wel op mijzelf.

'Ik heb nog geen ander werk gevonden. Nu heb ik er ook niet naar gezocht. Ik ben alleen maar advocaatje geweest. Ik weet ook niet of ik iets anders kan. Ik weet ook niet wat ik wil. Of ik iets wil. Ik heb ook niet de drang om te presteren. Wel voel ik de drang om mij op een of andere manier dienstbaar te maken. Mensen kunnen altijd een beroep op mij doen.'

Meer over