Nergens thuis

Hij was de helft van het powerpopduo The Posies, speelde in R.E.M, werkt met een keur aan Nederlandse muzikanten, onder wie Carice van Houten. En nu pas neemt Ken Stringfellow zijn solocarrière serieus.

Een Parijzenaar voelt Ken Stringfellow (43) zich na negen jaar nog altijd niet, maar het levendige kruispunt in het elfde Parijse arrondissement is wel zijn buurtje geworden. De uitbater van het café op de hoek, pal tegenover het appartement dat hij met zijn gezin bewoont, verwelkomt hem joviaal. Zijn vrouw Dominique komt langs om hem een kus en een boodschappenlijstje te brengen. Na een uur praten moet hij even weg om zijn dochter Aden (8) van school te halen.

Stringfellow zegt zich vereerd te voelen dat de interviewer bereid was naar zijn woonplaats te komen, waar een afspraak in Amsterdam voor de hand had gelegen: hij is 'belachelijk vaak' in de Nederlandse hoofdstad. Eergisteren nog. Volgende week opnieuw.

Het aantal Nederlandse projecten van de Amerikaanse indierocker, vooral bekend van The Posies en als ex-huurling van R.E.M. (1998-2008), heeft inderdaad een opmerkelijke vlucht genomen. Zijn pas verschenen soloalbum Danzig In The Moonlight heeft een opvallend Nederlands tintje.

De laatste jaren werkte hij als producer en vaak ook als gastmuzikant met onder anderen JB Meijers, Sonja van Hamel, Eva Auad en Carice van Houten ('Ze heeft dappere keuzes gemaakt. Als beroemde actrice had ze veel luier kunnen zijn dan ze was'), maar ook 'kleine' Nederlandse bands als Avant La Lettre, BEP, Drive By Wire en Reveller.

Veel van hen leveren op Danzig In The Moonlight hun tegenprestatie. Achterin het cd-boekje staan, onder Meijers en Van Hamel (die ook de albumverpakking ontwierp), de namen van Pim Kops (De Dijk), Benjamin Herman, drummer Joost Kroon en een aardige stoet anderen.

'Het begon allemaal toen JB Meijers contact opnam. Hij is Posies-fan en had kennelijk op internet gezien dat ik tamelijk dichtbij woon. Hij vroeg of ik naar Brussel kon komen, want daar ging hij een soloplaat opnemen. Het was te kort dag, ik was al geboekt voor die periode. Ik zei: ik heb één dag vrij, in Malaga, Zuid-Spanje. Regel een studio en kom hierheen, dan gaan we aan het werk. Hij deed het, het klikte en we zetten de samenwerking voort.'

Ze bleken veel gemeen te hebben, Stringfellow en Meijers: hun indiewortels, hun vaste gastrol in een gearriveerde rockband (Stringfellow in R.E.M., Meijers in De Dijk), hun instrumentale veelzijdigheid, hun belangstelling voor opnamestudio's, hun toewijding.

Veel van Stringfellows Nederlandse klussen, zeker de eerste handvol, werden hem toegeschoven door Meijers, die meer kreeg aangeboden dan hij kon uitvoeren: Stringfellow mixte in Brussel een Acda & De Munnik-single en werd in Amsterdam door Meijers voorgesteld aan Sonja van Hamel, Dusty Stray en Avant La Lettre. Hij ontfermde zich over alle drie, soms in samenwerking met Meijers. Ook met de Chinese groep Hanggai namen ze samen een album op.

'JB heeft veel opgenomen in de ICP-studio in Brussel: mijn favoriete studio, maar wel een dure. Begin dit jaar belde JB: hij kon bij ICP opnemen tegen een gunstig tarief. Hij zei: 'Laten we wat mensen optrommelen en gelijktijdig allebei een plaat opnemen.' Zo is het gegaan. We hadden twee studio's en konden twee weken ongestoord werken. Mijn plaat is er nu; het album van JB moet nog verschijnen. Ze zijn simultaan opgenomen door dezelfde groep mensen, maar klinken totaal verschillend.'

De titel van Stringfellows sterke nieuwe was aanvankelijk een betekenisloos grapje: Danzig In The Moonlight, omdat 'Danzig' een beetje op 'dancing' lijkt. Maar hoe langer hij erover nadacht, hoe meer betekenis het zinnetje kreeg.

Was Danzig niet de stad die ooit door Duitsland en Polen geclaimd werd en daarom tot geïsoleerde Vrije Stad werd uitgeroepen, die bij geen van beide landen hoorde? Zo ziet Stringfellow zichzelf ook: in de VS herkent hij zich steeds minder in zijn landgenoten, maar Fransman is hij ook niet. 'Ik gedij het best op plaatsen waar ik me nét niet thuis voel. Mijn Frans is oké, maar slecht genoeg om te kunnen uitklokken wanneer ik wil.'

Als muzikant is zijn positie vergelijkbaar. Hij hoort tot de generatie 'nineties indierockers' uit de noordwestelijke VS (The Posies braken in 1993 door), maar hij voelt zich in veel opzichten geen deel van die scene. 'De dogma's over alternatief en mainstream, de opgelegde boosheid... Ik voel me veel meer betrokken bij de indiemuzikanten van nu, maar die zijn dan weer vijftien tot twintig jaar jonger dan ik.'

Hij speelde jarenlang in reünie-incarnaties van de ondergewaardeerde powerpopgroep Big Star van frontman Alex Chilton. Vanaf 1998 huurde R.E.M. hem in. 'Geweldig, maar het waren niet mijn bands.'

Conclusie: 'Ik sta er altijd een beetje tussenin. Vroeger verhuisden we vaak: ik was altijd het nieuwe jongetje in de klas. Het is mijn natuurlijke perspectief geworden en dat zeg ik zonder bitterheid. Ik analyseer de dingen te veel om me ergens deel van te voelen.'

Ken Stringfellow is het Danzig van zijn eigen leven.

Zijn vierde soloalbum is een knappe, avontuurlijke plaat geworden die, in de woorden van Stringfellow, 'all over the map' gaat: kleine liedjes op piano, rockers, georkestreerde stukken, veel afwisseling in sfeer. In Shittalkers! is hij boos, in 110 Or 220V haalt hij als neo-Europeaan uit naar zijn moederland, maar You're The Gold en You're A Sign zijn dan weer 'gewoon' liefdesliedjes voor Aden en Dominique.

Toch is het Stringfellows samenhangendste soloalbum tot dusver, al was het maar omdat de voorgangers (vooral de eerste twee) zo schetsmatig waren.

'Het waren muzikale notitieboekjes. Ik heb mijn solowerk altijd als het roodharige, bebrilde stiefkindje van mijn carrière behandeld: er was altijd wel iets anders wat ik belangrijker vond. Ik keerde gewoon een emmer onaffe demo's om. Soft Commands uit 2004 had al meer coherentie, maar pas nu neem ik mijn solocarrière serieus.'

Het maakt hem kwetsbaar, aan de ene kant: 'Er zijn geen excuses meer. Ik kan niet meer zeggen: ach, ik deed dit er zo'n beetje naast, het was maar een zijstraatje. Dit album, dat ben ik.'

Aan de andere kant biedt het hem juist houvast: niemand die hem nog in de weg kan lopen.

'Ik ben een workaholic. Mijn toewijding is enorm en mijn energieniveau ligt extreem hoog. Ik neem alle risico's, zet alles op het spel, daarin ben ik nog hetzelfde als op mijn 19de. In bandjes heb ik altijd mensen om me heen die remmend werken.'

Hoewel hij ook in de Noorse band The Disciplines speelt en in het verleden kortstondig in The Minus 5, Chariot en Lagwagon, kan het niet anders of hij denkt bij die laatste vaststelling aan Jon Auer, met wie hij in The Posies zo'n intrigerend frontmannenduo vormt: twee uitstekende zangers, de springerige, tomeloos energieke Stringfellow naast de melancholieke treurwilg Auer.

'Ik houd van Jon', zegt Stringfellow, 'maar in slechte tijden heeft hij zelfdestructieve neigingen. Dan grijpt hij naar drugs en alcohol, zorgt hij niet goed voor zichzelf en wil hij niets meer: niet te lang op tournee, niet naar Australië, geen geld uitgeven, geen plaat maken, over álles negatief doen. Dat is het probleem dat ik in bijna elke band vroeg of laat tegenkom: ik zeul altijd wel een dood paard mee. The Posies bestaan nog, ons laatste album Blood/Candy was zelfs verbazingwekkend goed, alleen verkocht het voor geen meter, maar als ik denk aan de manier waarop ik de laatste tijd met al die positieve Nederlanders heb gewerkt, kan ik niet zeggen dat ik veel zin in The Posies heb.'

Ken Stringfellow: Danzig In The Moonlight. LoJinx/Bertus

Optredens

1/11

Paradiso, Amsterdam

2/11

De Unie, Rotterdam

3/11

Mezz, Breda

4/11

Tivoli Oudegracht (Spiegelbar), Utrecht

30/11

Oosterpoort, Groningen

In Amsterdam zal Stringfellow worden begeleid door een band van Nederlandse vrienden; de overige optredens zijn solo.

The Posies

Ken Stringfellow en Jon Auer begonnen in 1987 als singer-songwriterduo. Een bescheiden doorbraak volgde toen het duo een powerpopband werd en als labelgenoot van Nirvana (bij Geffen) het meesterlijke Frosting On The Beater (1993) uitbracht. Amazing Disgrace (1996) was bijna even goed, maar grootschalig succes bleef uit en de verhouding tussen de twee frontmannen verslechterde. Na de breuk (1999) traden ze al snel weer als duo op. In 2005 werd The Posies weer een echte band, die twee albums maakte: Every Kind Of Light (2005) en het geflopte, maar sterke Blood/Candy (2010).

undefined

Meer over