Column

'Neem afscheid van de illusie dat de redelijkheid in de wereld regeert'

De kloof tussen de verbale verontwaardiging van westerse leiders over de Russische interventie op de Krim en het feitelijke tegenspel is wel erg groot, schrijft Paul Brill. Nu moet alle energie worden aangewend om nieuwe voldongen feiten te voorkomen. Dus: gespierde sancties bij verdere Russische militaire interventie in Oekraïne.

Minister Frans Timmermans (R) van Buitenlandse Zaken op het onafhankelijkheidsplein in Kiev. Beeld anp
Minister Frans Timmermans (R) van Buitenlandse Zaken op het onafhankelijkheidsplein in Kiev.Beeld anp

Theodore Roosevelt voerde een afgewogen buitenlandse politiek onder het motto: Speak softly and carry a big stick, spreek zachtjes en neem een grote stok mee. Het lijkt wel of tegenwoordig het tegenovergestelde devies van kracht is in Washington, verzuchtte John Judis afgelopen week in The New Republic: Speak loudly and carry a small stick.

Uitgespeeld
Dit openbaarde zich eerst in de Syrische burgeroorlog. In augustus 2011 liet het Witte Huis weten dat president Assad nog slechts één ding te doen stond: zo snel mogelijk het veld ruimen. Zijn rol was uitgespeeld. Een jaar later gaf president Obama een nog concretere waarschuwing: zou het Syrische bewind overgaan tot het gebruik van chemische wapens, dan zou het een 'rode lijn' passeren.

We weten wat daarvan is gekomen. De rode lijn werd overschreden, maar Obama schrok te elfder ure terug voor een strafactie. Assad zetelt nog steeds in het presidentieel paleis en zit eigenlijk vaster in het zadel dan dertig maanden geleden.

In de Oekraïense crisis tekent zich een overeenkomstig patroon af. De sluikse Russische overmeestering van de Krim werd door het Witte Huis resoluut veroordeeld en op 28 februari verklaarde Obama dat verdere stappen richting annexatie niet zonder consequenties zouden blijven voor Moskou. Ook de Europese Unie sprak schande van het Russische optreden en stelde sanctiemaatregelen in het vooruitzicht. Maar in hun ijver de situatie toch vooral te de-escaleren, zwakten de Europeanen die maatregelen zo af dat ze vooralsnog geen enkele indruk maken op Poetin & Co. De Amerikaanse reactie heeft iets meer om het lijf, maar jaagt toch ook niet veel schrik aan.

Voor het grijpen
Daarmee is niet gezegd dat betere opties voor het grijpen lagen. Niemand in het Westen wil aansturen op een oorlog vanwege de Krim, en Poetin weet dat. Een effectief pakket economische en politieke sancties - dat niet direct op onszelf terugslaat - is ook niet een-twee-drie samengesteld.

Maar de kloof tussen de verbale verontwaardiging en het feitelijke tegenspel is wel erg groot. En dat heeft alles te maken met een consequente onderschatting van het revanchisme in het Kremlin, in het bijzonder van Poetin zelf, die het uiteenvallen van de Sovjet-Unie heeft betiteld als 'de grootste politieke catastrofe van de 20ste eeuw'. Het einde van de Koude Oorlog is in het Westen verward met het einde van klassieke machtspolitiek, allerlei overleginstanties, zoals de NAVO-Rusland Raad, zijn ten onrechte aangezien voor een nieuw tijdperk waarin de Oost-West-verhouding niet langer een zero sum-aangelegenheid is, maar alleen nog winnaars kent. Een misvatting die niet slechts op het conto van de regering-Obama kan worden geschreven: ook president Bush zag een stralende toekomst gloren toen hij in de ogen van zijn Russische ambtgenoot keek.

Evenwichtspunt
Waar ligt het precaire evenwichtspunt tussen vastberadenheid en realisme? Morgen spreken de bewoners van de Krim zich uit over aansluiting bij Rusland. De uitkomst van het referendum laat zich niet moeilijk voorspellen. Zoals Stalin zei: bij verkiezingen komt het minder aan op het uitbrengen dan op het tellen van de stemmen. Maar laten we onszelf geen rad voor ogen draaien: ook bij een keurige volksraadpleging zonder intimidatie is er zeer waarschijnlijk een meerderheid voor aansluiting bij Rusland of in elk geval losmaking van Oekraïne.

Dat wil niet zeggen dat de uitslag dan maar lijdzaam moet worden geaccepteerd. Dit referendum blijft neerkomen op een rauwe inbreuk op de territoriale orde - en is derhalve ook niet te vergelijken met de onverkwikkelijke dingen die de Amerikanen in het verleden in hun 'achtertuin' hebben gedaan, zoals hier en daar in een oud-linkse reflex wordt geopperd. Maar het heeft geen zin om te blijven strijden voor het ongedaan maken van wat helaas een voldongen feit is. Beter kan alle energie worden aangewend om nieuwe voldongen feiten te voorkomen.

Dat betekent: eendrachtige en gespierde sancties in het geval van verdere Russische militaire interventie in Oekraïne - en nog een stuk pronter bij enigerlei bedreiging van de Baltische staten met hun etnisch-Russische minderheden. Plus: financiële hulp om de Oekraïense economie op te krikken. Het betekent ook: een politieke deal met Moskou over de status van Oekraïne, die inhoudt dat het land geen lid zal worden van de NAVO, maar verder zijn eigen weg kan volgen. En het betekent vooral: afscheid nemen van de Europese illusie dat we in een postmoderne wereld leven waar de redelijkheid regeert en een grote stok eigenlijk uit den boze is. Na zo'n mentale reset kan de dialoog op gedempte toon worden hervat.

Paul Brill is buitenlandcommentator voor de Volkskrant.

Meer over