Nieuws

Nederlandse blushelikopter helpt in Albanië: ‘Als we niets doen, krijg je hier ook Griekse taferelen’

De brandweer van Albanië krijgt sinds zaterdag ondersteuning van een Nederlandse blushelikopter om de bosbranden in het zuiden van het land te bestrijden. Dat gevecht is nog niet gewonnen. ‘Het grote gevaar is dat het overslaat naar dorpen of een natuurgebied in de buurt.’

Water uit de Golf van Vlorë wordt over de vlammen op het Albanese schiereiland Karaburun uitgestort. Beeld Hille Hillinga
Water uit de Golf van Vlorë wordt over de vlammen op het Albanese schiereiland Karaburun uitgestort.Beeld Hille Hillinga

‘Dit soort branden heb ik in Nederland nooit gezien’, zegt eerste luitenant vlieger Michiel, amper drie uur nadat hij met een Defensiehelikopter is teruggekeerd van het bluswerk op het Albanese schiereiland Karaburun. ‘Op berghellingen zie je brandweermannen bij kleine vuurtjes staan, waarvan je hoopt dat ze die in de hand kunnen houden. Wij klimmen met onze helikopter naar onherbergzamer gebied. Hele dennenbomen gaan in vlammen op. Als we niets doen, krijg je hier ook Griekse taferelen.’

Al meer dan een week moeten verscheidene mediterrane landen toezien hoe duizenden hectaren natuur ten prooi vallen aan grote branden, veelal aangewakkerd door hoge temperaturen, extreme droogte en een verraderlijke wind. In Griekenland – dat eerst zijn hoofdstad Athene bedreigd zag worden en vervolgens duizenden mensen van het eiland Evia moest halen – is die wind inmiddels wat gaan liggen. In Turkije viel zondag op sommige plaatsen wat verlossende regen. Maar in Italië moesten diezelfde dag nog vierhonderd mensen geëvacueerd worden uit een badplaats aan de Adriatische Zee.

Ondertussen is Albanië, aan de andere kant van de Adriatische Zee, nog altijd in een tweefrontenoorlog verwikkeld: zowel in het noorden als in het zuiden woeden hevige bosbranden. Met name in het zuidelijke Karaburun, in een rotsachtig gebied van enkele vierkante kilometers, was de strijd tegen de vlammen voor de Albanese brandweer alleen te zwaar.

Europese hulp

Daarom deed Albanië, dat met de Europese Unie onderhandelt over toetreding, vorige week een beroep op het rescEU-systeem, waarmee landen bij natuurrampen om bijstand kunnen vragen. Woensdag zegde Nederland hulp toe. In de twee dagen daarna vlogen twee Chinook-transporthelikopters van de Nederlandse luchtmacht naar het getroffen schiereiland aan de Albanese kust.

Sinds zaterdag wisselt de bemanning elkaar en drie ploegen af om zo van zonsopgang tot zonsondergang water uit de nabijgelegen Golf van Vlorë te scheppen en over de vlammen uit te storten. Een van de bemanningsleden is Michiel, een 31-jarige, uit Groningen afkomstige militair, die niet met zijn achternaam in de krant wil. Soms behoudt hij tijdens een helikoptervlucht als gezagvoerder het overzicht. Maandag had Michiel als co-piloot de stuurknuppel zelf in handen.

Achter in de helikopter zitten twee zogenaamde loadmasters, die hun ogen continu op de omgeving gericht kunnen houden. ‘Zij zijn bezig met het echte bestrijden van het vuur’, zegt Michiel. ‘Als we water hebben gestort, kunnen zij zien wat het effect was.’

De helikoptercrew wordt gecompleteerd door een Albanese man, die tussen de andere vier bemanningsleden in zit. Hij houdt via WhatsApp contact met zijn landgenoten op de grond. ‘Wij hebben hier geen radiocontact’, legt Michiel uit. ‘Het moet daarom een beetje met handen en voeten.’

Bovenste vuurlijn

Om te voorkomen dat het vuur de bewoonde wereld bereikt, bevochtigen de blussers grondstroken aan de rand van de brandhaarden. ‘Stoplijnen noemen we dat. In deze heuvels kruipt het vuur meestal omhoog. Wij bestrijden de bovenste lijn van het vuur. Omdat het water vervolgens naar beneden loopt, is dat het meest effectief.’

‘We kunnen daar een beetje mee spelen’, zegt Michiel. ‘De bucket doet er ongeveer tien seconden over om leeg te stromen. Hoe harder je vliegt, hoe langer de stoplijn wordt, maar ook hoe minder water er per vierkante meter valt. Die inschatting maken de loadmasters.’

Overigens wordt niet de volledige capaciteit van de waterzak onder de helikopter gebruikt. In plaats van de maximale tienduizend liter water schept de helikopter steeds zeven- à achtduizend liter uit zee. Dat komt, zegt Michiel, omdat de luchtdichtheid bij temperaturen die richting de 40 graden gaan, laag is. ‘Vanuit zee moeten we ongeveer een kilometer de hoogte in. Een volle waterzak is dan voor de helikopter te zwaar.’

Bij een brand zo dicht bij zee, biedt een blushelikopter vele voordelen boven een -vliegtuig. Een helikopter is sneller gevuld en neemt – zelfs met de huidige capaciteit – meer water mee. Op de steile hellingen komt ook de wendbaarheid van de helikopter goed van pas. ‘Een blusvliegtuig heeft een hogere minimumsnelheid. Wij kunnen behoorlijk langzaam vliegen. Daardoor kunnen we een brandhaard in een keer een flinke klap geven.’

Voor brandstof moet de helikopter terug naar de uitvalsbasis in de hoofdstad Tirana, hemelsbreed zo’n 110 kilometer verderop, maar er wordt naarstig naar tankmogelijkheden dichter in de buurt gezocht. Michiel hoopt dat dat dinsdag geregeld is. ‘Het aantal vlieguren op een dag is beperkt. Je wilt zo veel mogelijk boven de branden hangen.’

null Beeld
Meer over