Nederlands atletiekelftal faalt of valt bij WK

De val van Bram Som in de halve finale van de 800 meter was symbolisch voor de afgang die de Nederlandse atletiek afgelopen weekeinde bij de tiende WK indoor beleefde....

Een jaar eerder haalde het toen uit negen atleten bestaande team in Birmingham vier medailles, inclusief het brons van een toen sterk springende Blom. De Limburger, die zondag als laatste Nederlander de arena betrad, had geen verklaring voor zijn falen.

'Dit hoort bij het polsstokspringen', zei hij, terwijl tranen in zijn ogen glommen. Blom was zaterdag nog makkelijk over 5.70 meter gegaan, hij ging als tweede naar de finale. Met een snelle 5.70 had hij een dag later in de medailles gesprongen, hij miste nu driemaal op 5.60. De Rus Pavlov pakte goud (5.80).

Dramatisch was de val van Bram Som. De atleet voelde zich 'beresterk', hij snelde zaterdag bij het ingaan van de laatste 200 meter naar voren, maar ging te vroeg naar links en raakte een medeloper. Hij viel en stond even later uit frustratie de boarding van de hal te bewerken.

Som was gisteren in dit veld (zonder grote namen als Kipketer, Schumann, B en Borzakovski) medaillekandidaat geweest, nu restte verdriet.

Van de ploeg presteerden verder Gert-Jan Liefers (zesde op de 3000 meter) en Gregory Sedoc (halve finale 60 horden, in een persoonlijk record) naar behoren. Een stevige teleurstelling was er voor Rutger Smith en Lieja Tunks-Koeman met de kogel. Zij kwamen niet in de buurt van hun persoonlijke records.

Arnoud Okken (800 m) bereikte de halve finale, Marko Koers (1500 meter) sneuvelde in de serie. Voor debutante Lotte Visschers (800 meter) bleek het mondiale niveau te hoog. De beste prestatie leverde een andere rookie, Karin Ruckstuhl, op de vijfkamp. De studente geofysica werd vrijdag onbevangen vierde.

Meer over