'Nederland sloom met werkgelegenheidsbeleid'

Nederland maakt te weinig haast met de uitvoering van de Europese werkgelegenheidsrichtlijnen. 'Meer voortgang wordt verwacht', stelde Europees Commissaris Padraig Flynn gisteren in Brussel....

De aanbevelingen zijn bedoeld om de lidstaten van de Europese Unie te bewegen structurele hervormingen door te voeren op de nationale arbeidsmarkten. De werkloosheid in de EU loopt zelfs in tijden van economische voorspoed te langzaam terug, zegt Flynn. Daarom heeft de Commissie de richtlijnen, die voor het eerst in oktober 1997 zijn afgesproken, nog wat aangescherpt.

Hoewel de 'prestaties van de Nederlandse arbeidsmarkt tot de gunstigste van de EU behoren', zou de regering meer moeten doen aan preventie van jeugd- en langdurige werkloosheid. De Europese afspraak is dat alle landen aan jonge werklozen binnen een half jaar een nieuwe startkans moeten geven, terwijl volwassenen binnen het jaar geholpen moeten worden. Nederland heeft nog niet duidelijk gemaakt hoe het aan deze aanbeveling denkt te kunnen voldoen.

De regering schiet bovendien tekort in de informatievoorziening aan Brussel over de maatregelen die zij neemt om werklozen weer aan een baan te helpen. Volgens afspraak moet ten minste eenvijfde deel van alle werklozen betrokken zijn in een of ander activeringsprogramma. Nederland is daarentegen wel sterk in het stimuleren van nieuwe ondernemingen, stelt Flynn vast.

De belangrijkste tekortkomingen in de Nederlandse arbeidsmarkt zijn de geringe participatie van ouderen en vrouwen. Slechts 31 procent van de mensen boven de 55 jaar werkt in een betaalde baan, terwijl dat voor de EU als geheel 40,6 procent is. 80 procent van alle mannen is aan het werk, terwijl maar 56 procent van de vrouwen een betaalde baan heeft. Nederland heft ook nog steeds te veel belasting op arbeid. Daardoor moet een relatief beperkt aantal werkenden veel mensen zonder werk onderhouden.

Meer over