Nederland kan trots zijn op Aboutaleb

De argumenten tegen het lidmaatschap van Ahmed Aboutaleb van een adviesorgaan in Marokko raken kant noch wal. Volgens Mohamed Ajouaou komt die kritiek van het Marokkaanse kader dat niet wil inzien dat Marokko aan het democratiseren is....

HALIM el Madkouri, coördinator van het Samenwerkingsverband van Marokkanen en Tunesiërs, vindt het lidmaatschap van Ahmed Aboutaleb, directeur van het Instituut Forum van een Marokkaans overheidsadviesorgaan een slechte zaak (Forum, 3 juni). Hij wekt de indruk dat zijn oordeel breed gedragen wordt door de Marokkaanse gemeenschap. Dat betwijfel ik. De weerstanden tegen de handelwijze van Aboutaleb komen alleen uit Marokkaans kader dat vanuit het verleden terecht negatieve politieke sentimenten jegens het Marokkaanse regime koestert en geen rekening houdt met de politieke ontwikkelingen daar. Door het nieuwe politieke regime ontstaan mogelijkheden om het democratiseringsproces een impuls te geven.

Als het zijn intentie is om dat proces te ondersteunen, vindt ik het gebaar van Aboutaleb zo slecht niet. Dat die adviesfunctie niet past bij de missie van zijn organisatie vind ik onzin. Laat ik ingaan op enkele argumenten van El Madkouri.

1. De migratiepolitiek van Marokko, dat alleen geïnteresseerd zou zijn in de harde valuta van de Marokkaanse migranten.

2. Werken aan de binding van de Marokkaanse gemeenschap met het moederland staat haaks op de missie van Forum.

3. Marokko en Nederland streven 'naar totaal verschillende doelen met deze gemeenschap'. Adviseur zijn van beide overheden wekt de schijn van dubbele loyaliteit en belangenverstrengeling.

Deze argumenten vind ik slecht onderbouwd. Wie de ontwikkelingen volgt, zal concluderen dat de Marokkaanse migranten door de overheid niet meer met dollartekens in de ogen worden bekeken. Deze omslag is het gevolg van zware druk van maatschappelijke organisaties, volksvertegenwoordiging (in Marokko) en zelforganisaties van Marokkanen (hier). Het democratiseringsproces dat daar gaande is, heeft ook zijn uitstraling. En dat is van belang voor het welzijn van Marokkaanse migranten. De binding van de Marokkaanse gemeenschap met het moederland hoeft niet haaks te staan op het integratiebeleid hier. Integendeel.

Verder is het niet duidelijk wat El Madkouri bedoelt met: 'Nederland en Marokko streven met de Marokkaanse gemeenschap totaal verschillende doelen na'. Vermoedelijk bedoelt hij dat Marokko het integratiebeleid tegenwerkt, en daarom zou het niet geloofwaardig zijn om beide overheden te adviseren.

Ik kan deze stelling niet onderschrijven. Wij zijn tegenwoordig veel losser geraakt van de Marokkaanse overheid. Dit is het gevolg van de politieke ontwikkelingen aldaar (democratisering) en de demografische ontwikkelingen hier (tweede en derde generaties). Marokko houdt zich niet (meer) met integratie bezig, en als het dat wel zou willen, heeft het geen zin. Wij zien juist een tegenbeweging. De Marokkaanse 'migranten' eisen nu zelf de toegang tot Marokko, onder andere om het emancipatieproces daar te steunen, en vragen de Marokkaanse overheid om medewerking. Ingaan op de vraag naar medewerking is het primaire doel van de Marokkaanse overheid geworden, en daar heeft ze genoeg werk aan. Het argument dat Marokko het integratiebeleid hier tegenwerkt klopt dus niet.

Aboutaleb laat zien dat allochtoon kader niet alleen een brug kan slaan tussen de bevolkingsgroepen in Nederland, maar ook tussen Nederland en andere landen. Gewapend met de door zijn integratie verworven manier van denken en doen, durft hij met de Marokkaanse autoriteiten in overleg te treden en hen te adviseren over allerlei moderniseringsvraagstukken. Daar mag Nederland trots op zijn.

Meer over