Natuurkundecolleges van bongo spelende lefgozer

Zijn finest hour beleefde fysicus Richard Feynman ongetwijfeld toen hij eind 1986 met een bekerglas ijswater en een rubber ring de wereldpers liet zien waarom het ruimteveer Challenger op 28 januari was ontploft....

De Vrolijke Wetenschap. Dinsdag, Radio 5, 09.02 uur.

Zijn sonore stemgeluid was al door de jaren verzwakt, zijn playboy-achtige trekken gegroefd door de kanker in zijn lichaam, maar het bleef imposant hoe een paar van zijn woorden een hele wereld konden verklaren. Een paar maanden later was hij dood, de volgens velen beste leraar van deze eeuw.

Vanaf morgen zendt de VPRO-radio delen uit van college's die Feynman begin jaren zestig twee jaar lang gaf aan eerstejaars studenten van Caltech University. College's zoals de meeste eerstejaars ze nooit zullen horen, vol snelle geestelijke penseelstreken en zonder één formule.

Vorig jaar bracht uitgeverij Addison Wesley een box uit met zes cd's en een boek, Six Easy Pieces, waarop integrale geluidsopnamen van Feynmans beroemde inleidende college's uit 1961 en '62 waren vastgelegd. Dat was een pakket voor de liefhebber, voor professionele fysici van wie er velen zijn opgeleid met de serie Feynman Lectures on Physics onder handbereik, de beroemde leerboeken waar voorin lefgozer Feynman bongo spelend voor de foto poseerde. Niets voor een argeloze radioluisteraar.

De negen afleveringen van 'De Vrolijke Wetenschap' laten zien dat dat wat te snel geoordeeld was. De colleges worden schatkamers van intrigerende ideeën door de krenten uit de pap te vissen en daarover door de praten met studiogasten als bioloog Huub Schellekens, astronoom Vincent Icke en de fysici Gerard 't Hooft en Ad Lagendijk. Dan gaat het niet over het proton of lichtgolven, maar over de natuurkunde als basis van de natuurwetenschappen, over wat fysici niet weten, waarom quantumtheorie onbegrijpelijk is, de ontwikkeling van kennis, waarom je het heelal nog niet begrijpt al weet je alle regels, over wat waarheid is. Feynman sprak altijd in termen van ideeën, of het nu voor de klas was of in zijn eigen theoretische werk. Voor het corvee, of het nu rekenen was of het uitwerken van dictaten, had hij zijn assistenten.

Zijn didactische stijl was en is zo ongekend helder dat de luisteraar bijna uit het oog zou verliezen dat de colleges ruim dertig jaar oud zijn. In die tijd is er veel gebeurd, binnen en vooral ook buiten de natuurkunde. In details zit Feynman er daardoor soms naast, een punt waarop de gasten in 'De Vrolijke Wetenschap' soms iets te zeer de nadruk lijken te leggen.

De knorrigste kritiek is te horen van biofysicus Wim van der Grind, die weinig moet hebben van Feynmans globale behandeling van biologie en scheikunde. En dat is vreemd, want zelfs de grootste fan accepteert dat de grootmeester bij uitstek zijn eigen vakgebied met reuzenstappen en oogkleppen behandelt, op zoek naar echt inzicht.

Martijn van Calmthout

Meer over