Reportage

Naar Nederland gevluchte docenten kunnen na bijscholing aan de bak: ‘Ik mis de kinderen, ik mis mijn baan’

Aan de Hogeschool Utrecht is een bijscholingstraject gestart om bevoegde wiskundedocenten uit met name Turkije zo snel mogelijk voor de klas te krijgen, iets wat ook interessant kan zijn voor gevluchte Oekraïense docenten. Bijkomend voordeel: de tekorten in het onderwijs worden opgevuld.

Irene de Zwaan
Turkse statushouders worden omgeschoold tot wiskundedocent bij de Hogeschool Utrecht. Docent Radha Gangaram Panday geeft uitleg tijdens het vak didactiek.   Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Turkse statushouders worden omgeschoold tot wiskundedocent bij de Hogeschool Utrecht. Docent Radha Gangaram Panday geeft uitleg tijdens het vak didactiek.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

‘Wie durft als eerste de rol van leraar op zich te nemen?’ Docent Radha Gangaram Panday, verbonden aan de Hogeschool Utrecht, speurt tijdens de les algemene didactiek de klas rond. Vijftien paar ogen proberen haar blik angstvallig te mijden. ‘Kom op’, spoort Gangaram Panday aan. ‘Niemand kan het fout doen. In jouw land is het misschien anders, maar hier zijn we veilig met elkaar. Het is puur een oefening.’

Dan staat een vrouw weifelend op. Ze zal zich later voorstellen als Gonca, afkomstig uit Istanbul, en sinds twee jaar woonachtig in Nederland. De andere studenten worden door Gangaram Panday naar de gang gestuurd, met de opdracht om de leerkracht uit de dagen. Het is een rol die ze niet makkelijk afgaat: in het land waar ze vandaan komen, houden leerlingen zich doorgaans gewoon aan de regels.

Zachtjes pratend en giechelend – ‘sorry, sorry’ – komen ze de klas binnengeslopen. Een student heeft zijn capuchon opgedaan, een ander laat muziek uit zijn telefoon schallen. ‘Niet overdrijven!’, roept Gonca een paar keer. Om privacyredenen wil ze niet met haar volledige naam in de krant. Als dat niet helpt, klapt ze drie keer in haar handen. ‘We gaan beginnen!’ Dat kan ze in Nederland beter niet doen, zal Gangaram Panday haar als feedback geven. ‘Het is niet heel fout, maar het het veroorzaakt ruis. Zo gaan leerlingen niet naar je luisteren.’

Intensief

Het rollenspel is onderdeel van het bijscholingstraject Docentvluchteling voor de Klas, een initiatief van de Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren en belangenorganisatie Vluchtelingenwerk om nieuwkomers die in hun land van herkomst wiskundedocent waren de mogelijkheid te bieden om diezelfde baan in Nederland te vervullen.

In anderhalf jaar tijd krijgen ze aan de Hogeschool Utrecht tweemaal per week intensief Nederlandse les aangeboden, een taal die ze dankzij hun inburgeringscursus al aardig beheersen, maar nog niet voldoende om ad rem te kunnen reageren op pubers. Ook de vakken didactiek en pedagogiek en een stage op een school zijn onderdeel van het programma.

‘Er is in Nederland een schrijnend tekort aan wiskundedocenten’, zegt Inke Logtenberg van het samenwerkingsverband Leraar in het Gooi, dat het project met subsidie van het ministerie van Onderwijs bekostigt. ‘Dus het mes snijdt aan twee kanten.’

De eerste lichting studenten, die vorige maand is begonnen, bestaat uit veertien Turkse statushouders. De meesten hebben in hun thuisland ruime ervaring opgedaan als wiskundedocent, totdat de mislukte coup van 15 juli 2016 hun ontslag inluidde. Hakkelend leggen de studenten tijdens de Nederlandse les van die ochtend uit wat hiervan de reden was: ze werden ervan beticht banden te hebben met met Fethullah Gülen, de islamitische geestelijke die door de Turkse president Recep Tayyip Erdogan is aangewezen als het brein achter de gepoogde machtsgreep.

‘Wij hebben allemaal één doel’, zegt een student, achter in de klas, die maanden gevangen heeft gezeten, omdat hij les gaf op een zogenaamde ‘Gülen-school’. ‘Wij willen ons leven weer oppakken, als leraar in Nederland.’ De student naast hem vult aan: ‘Ik mis de kinderen, ik mis mijn baan.’

Datzelfde geldt voor Magda Rahman, de enige niet-vluchteling uit de groep. De liefde bracht haar naar Nederland. ‘Ik kom uit Polen’, zegt ze. ‘Ik was daar tien jaar wiskundedocent. Ik vind het ongelofelijk leuk om voor de klas te staan, maar mijn taal is nog niet goed genoeg om op een school te werken.’

Diplomawaardering

Dat de klas vrijwel louter uit Turken bestaat, is geen toeval: hun diploma’s worden in Nederland het vaakst ‘gewaardeerd’, zoals dat heet. Volgens cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) zijn sinds 1 januari 2015 aan 831 leerkrachten lesbevoegdheden toegekend, op basis van een in Turkije behaald diploma. Daarmee staat het land met stip op één, gevolgd door Groot-Brittannië, Zuid-Afrika en Griekenland. Ter vergelijking: een land als Syrië staat op plek 19, met 116 erkende lesbevoegdheden. Hoeveel van deze leraren als vluchteling naar Nederland zijn gekomen, wordt door DUO niet geregistreerd en is dus ook niet bekend.

Wel maakt de huidige Oekraïnecrisis eens te meer duidelijk dat het loont om docent-vluchtelingen in te zetten. Nu al springen veel Oekraïense leerkrachten bij om het onderwijs toegankelijk te maken voor de vele nieuwe leerlingen die vanuit het oorlogsland in Nederland zijn neergestreken en de taal nog niet machtig zijn.

Mochten de Oekraïense leerkrachten langere tijd blijven, dan kunnen zij via DUO een Nederlandse lesbevoegdheid aanvragen. Maar net als voor de Turkse statushouders geldt voor deze groep dat ze dan nog niet in staat zijn zelfstandig een klas te begeleiden. Een traject in de vorm zoals die nu in Utrecht wordt aangeboden, zou uitkomst kunnen bieden.

‘Vanuit Den Haag is al interesse getoond’, zegt projectleider Inke Logtenberg. Een voorwaarde om dit te doen slagen is volgens haar dat het project landelijk wordt uitgerold, zodat de studenten stage kunnen lopen niet ver van de buurt waar ze wonen. ‘Omdat het nu nog een regionaal project is, moeten de studenten verplicht stage lopen op een school in het Gooi’, zegt Logtenberg. ‘Dat is ook voor hun banenkansen niet handig.’

Baklava

In de klas heeft Gonca na het rollenspel weer plaatsgenomen aan haar tafeltje. ‘Is het in Nederland toegestaan om een capuchon op je hoofd te hebben in de klas?’, wil ze weten. ‘En als iemand een jas aan heeft, wat moet ik dan doen?’

Docent Gangaram Panday kijkt haar lachend aan: ‘Op elke school is dat anders. Jullie maken thuis baklava, daar is toch ook niet één recept voor?’ Daarna is het de beurt aan de volgende student om de rol van leraar op zich te nemen. ‘Wie wil?’, klinkt het voor de tweede keer. Weer blijft het stil.

Meer over