Na het vuurwerk komt de gemeentereiniging

We steken het zelf af, maar zo goed als niemand is bereid het ook zelf op te ruimen. Dus lagen de straten op nieuwjaarsdag en ook vandaag nog vol met duizenden kilo's vuurwerkafval....

Jaap Wortel, directeur Stadsbeheer bij de gemeente Den Haag, weet het uit ervaring. 'Thuis vindt iedereen het heel normaal om na een feestje op te ruimen. Maar de openbare ruimte ervaren we niet meer als van onszelf. Als het daar een troep is, moet de overheid het maar doen. En die overheid verzint dan vervolgens ingewikkelde acties in een poging de mensen aan te spreken op hun gedrag. Het is een vicieuze cirkel.'

In het stadsdeel Laak hield de gemeente Den Haag vorig jaar zo'n actie. Grote posters riepen de bewoners op hun vuil niet zomaar op straat te gooien. Elke week haalden de ongeveer 65 straatvegers in Laak twintigduizend kilo zwerfvuil van straat. Dat bestond niet alleen uit weggewaaide kranten, maar er zaten ook bedden bij. Elke week hadden de straatvegers in Laak er 2500 uur werk aan. De actie had effect. Tenminste, eventjes.

'Waar het ons normbesef betreft zijn we door de bodem gezakt. We lopen tegen de grens aan van ons eigen gedrag', oordeelt Wortel. 'In de jaren zeventig schamperden wij op het ethisch reveil waartoe de toenmalige premier Van Agt opriep. De schamperaars van toen vinden nu dat het te ver is doorgeschoten. Maar wat je in twintig jaar hebt afgebroken, bouw je niet zomaar weer op.'

Niet iedereen schuift het vuil richting de overheid. Er zijn burgers die zich wél verantwoordelijk voelen voor de openbare ruimte voor hun deur. Maar die bewoners vragen zich inmiddels af waarom ze de wekelijkse veegpartij nog volhouden. Altijd zijn het dezelfden die het vuil van de buurman opruimen. Bovendien heeft de gemeente de aanpak van het vegen veranderd: als een straat er schoon uitziet, gaat de gemeentelijke veegploeg er niet nog een keer met zijn bezems doorheen.

Het klinkt heel logisch. Thuis poets je ook niet, als het niet nodig is. Maar er zijn Haagse bewoners die deze redenering niet vinden opgaan als het om de straat gaat. Want is dat geen premie op vervuilen? De welwillenden betalen tenslotte belasting voor het vegen, maar doen het voor het grootste deel zelf. Terwijl in de straten waar maar vervuild wordt, er mogelijk zelfs vaker wordt geveegd.

Wortel is daar heel nuchter over. 'Dat is de tragiek van onze samenleving. Degene die zich niet aan de regels houdt, heeft altijd een voorsprong. Het spreekwoord luidt niet voor niks: de brutalen hebben de halve wereld.'

Wilbert Stolte, CDA-wethouder stadsbeheer, vindt dat de Haagse burger moet kijken hoe de gemeente de 21 miljoen gulden veeggeld zo efficiënt mogelijk inzet. 'De burger zou eigenlijk tevreden moeten zijn dat wij geen straten meer vegen die schoon genoeg zijn.'

Maar dreigt de goedwillende burger niet af te haken als de straat naast hem wél wordt geveegd door de overheid? 'Tot nu toe veegden die burgers ook, en hadden ze als gevolg daarvan een schonere straat dan die ernaast. Dus zoveel verandert er niet', kaatst Wortel terug. 'Sterker nog,' voegt Stolte daar aan toe, 'We willen zelfs nog verder gaan. En proberen te bereiken dat we in bepaalde straten helemaal niet meer hoeven te komen. Daar krijgen de burgers dan wel iets voor terug. Zitbankjes, bomen of een fietsenrek.'

Wie betrapt wordt op vervuilen, zou harder moet worden aangepakt, vindt de wethouder. Maar de gemeenten stuiten daarbij op problemen. 'Door rijksbeleid moeten wij het handhaven grotendeels overlaten aan degenen die tot voor kort de Melkertbaners heetten. Door de goede arbeidsmarkt kunnen zij nu doorstromen naar reguliere banen. Prima. Maar wij kunnen geen nieuwe mensen vinden en daardoor komt de handhaving onder druk te staan. Ik ben er heilig van overtuigd dat er minder poep op de stoep zou liggen als de pakkans groter is. De hoogte van de boete maakt volgens mij dan niet eens zoveel uit.'

Het probleem kan worden opgelost als de gemeente het geld in handen krijgt van de opgelegde boetes. 'Nu stroomt dat geld nog in de rijkskas. Opbrengst en kosten van de handhaving zouden in één hand moeten zijn.'

Wortel weet een rigoureuzere oplossing voor het terugdringen van de grote aantal kilo's zwerfvuil. Gewoon de burger een tijdje met zijn neus in zijn eigen rotzooi duwen. 'De vraag is of de politiek de gok aandurft. Maar in 1993 voerde de reinigingsdienst stiptheidsacties uit. Alles wat niet op de juiste manier of juiste dag op straat werd gezet, lieten ze staan. Eerst werd het een gigantisch zooitje, maar daarna was het netter dan ooit. Het zou een manier zijn om de vicieuze cirkel te doorbreken.'

Meer over