Muurgeneratie laat zich horen

Ze hebben de val van de Muur nog net meegemaakt en worstelen nu met hun identiteit. Ze zetten zich af tegen hun 'DDR'-ouders, maar strijden ook tegen de vooroordelen die de Wessi's hebben tegen de Ossi's.

Ze voelen zich soms een beetje als indianen. Alsof ze in nieuw, pas in 1989 ontdekt, land wonen. 'Neuland', noemen veel West-Duitsers het oosten van Duitsland, het land waar de voormalige DDR lag. Hoezo, Neuland, brommen de jonge Oost-Duitsers. We zijn hier in de jaren zeventig en tachtig geboren. Niks nieuw land.

Moet erg geweest zijn, daar achter die Muur met al die Stasi's, vragen diezelfde West-Duitsers. Ga weg, roepen ze dan, de jonge 'Ossies'. We waren kinderen, we hebben geen slechte herinneringen aan die tijd. De ellende begon pas later, na de 'Wende', na het ineenstorten van de DDR.

'Ze', dat zijn de jonge Duitsers die tussen 1975 en 1985 in de DDR, tussen Oostzee en Ertsgebergte, zijn geboren. In totaal zo'n 2,5 miljoen mensen, die de laatste dagen van de 'sozialistischer Staat der Arbeiter und Bauern' nog net meebeleefden. Ze hadden geen idee wat de teksten precies inhielden van de liedjes die ze 's ochtends op de appèlplaats voor het schoolgebouw zongen: 'Und wenn ich mal groß bin, damit ihr es wisst, dann werde ich auch so ein Volkspolizist.' Laat staan dat ze weet hadden van 'Republikflucht' of de maandagprotesten in Leipzig, gericht tegen het regime van Erich Honecker. Ze waren te jong.

Deze jonge Oost-Duitsers, inmiddels dertigers en veertigers, vormden de derde - en laatste - generatie die in de DDR opgroeide. De eerste generatie, die der grootouders, had de nazitijd nog meegemaakt. Soms als daders, vaker als jonge meelopers. Zij bouwden de DDR op, als 'het betere Duitsland'. De tweede generatie, die van de ouders, doorliep vanaf hun jeugd de gehele DDR-tijd, tot het onherroepelijke einde in 1989.

undefined

Verbittering

Een aantal van de derde generatie Oost-Duitsers heeft zich sinds een paar jaar verbonden in de organisatie 'Dritte Generation Ost'. De club wil vooroordelen bij West-Duitsers (die roepen dat er uit het oosten slechts 'nazi's, Stasi's en werklozen komen') wegnemen. Daarnaast willen ze hun ouders en grootouders vragen voorleggen als: 'Wat deed jij eigenlijk in de DDR?' 'Mag ik je Stasi-dossier inzien?' en: 'Waarom zijn jullie niet gevlucht?'

Dat zijn geen gemakkelijke vragen. Die oudere generatie blijkt niet zo spraakzaam. De vaders - gekneed in een rigide systeem waar eigen initiatief niet op prijs werd gesteld - zaten na de Wende vaak verbitterd thuis. Werkloos geworden in het weer verenigde Duitsland, veroordeeld tot permanent schoffelen in de moestuin. Psychisch geknakt, eigenwaarde weg.

'Meine Vater wurde nicht mehr gebraucht', zei een jonge vrouw onlangs tijdens een van de Dritte Generation-bijeenkomsten in Rostock. De andere deelnemers knikten, ze herkenden het beeld.

Ook wordt door de deelnemers tijdens discussieavonden gesproken over het gezamenlijk verleden, met de onvermijdelijke worsteling rond de eigen identiteit. Soms gebeurt dat met 'Ostalgie', want: 'Niet alles was slecht in de DDR.'

undefined

Verval

Je hoort tijdens die avonden teksten als: 'De DDR, dat was voor mij niet louter slachtoffers bij de Muur, onrechtstaat of sportdoping, het was vooral een land met 17 miljoen mensen, met een eigen cultuur, mentaliteit en normen en waarden.'

Maar het is niet louter hunkeren naar Rotkäppchen-Sekt, Bautz'ner mosterd en de augurken uit het Spreewald, geliefde DDR-producten die je anno 2014 overigens gewoon in de schappen van de supermarkt aantreft.

Sommigen betreuren het dat hun geboortestad na de Wende zo vervallen is geraakt: 'Ik reis niet graag terug naar Dessau. De ooit levendige stad is haar ziel kwijtgeraakt. De werkloosheid is er hoog. De stad vervalt.'

25 jaar na de val van De Muur verschenen er de afgelopen maanden diverse boeken over het verdwenen land. Met titels als: Eisenkinder, die stille Wut der Wendegeneration (Sabine Rennefanz); Der Osten ist ein Gefühl, über die Mauer im Kopf (Anja Goerz); Generation Mauer (Ines Geipel); en het al wat oudere, maar hoogst informatieve interviewboek Dritte Generation Ost.

Ook in de literatuur blijft het thema schrijvers beroeren. In Nederland was Der Hals der Giraffe (De lessen van mevrouw Lohmark) van Judith Schalansky vorig jaar een bescheiden succes. En lees bijvoorbeeld ook het prachtige Vor dem Fest van Saša Stanišic, een boek over het fictieve dorp Fürstenfelde in de Uckermark.

Rode draad: er wordt door Oost-Duitsers wel degelijk een achterstelling gevoeld ten opzichte van de generatiegenoten in het westen. Ook is er veelal weemoed te bespeuren naar een geborgen leven in een land dat niet langer bestaat.

Voor de allerjongsten onder de derde-generatieleden is het ook speuren naar een verleden waar ze nauwelijks deel aan hebben gehad. Een vaak weggemoffelde historie die wel deels je verdere leven - en dat van je familie - bepaalt.

De Berlijnse fotograaf Sven Gatter, afkomstig uit Halle waar hij in 1978 geboren werd, gaat regelmatig terug naar de 'Heimat' om met oudere familieleden te praten. Hij heeft er een fotoproject van gemaakt. 'Maar nog weet ik lang niet alles.'

Duitsers die in of net na de Tweede Wereldoorlog zijn geboren, hebben het vaak over de 'Gnade der späten Geburt', de genade van de late geboorte. Ze waren goddank te jong om actief te hebben meegedaan aan de verschrikkingen van de nazitijd. Voor de leden van de Dritte Generation Ost geldt hetzelfde - al valt de DDR-tijd uiteraard niet te vergelijken met de gruwelijke twaalf jaren die het Hitler-tijdperk duurde.

In het westen vocht de generatie van '68 in de jaren zestig en zeventig een verbitterde en soms zelfs bloedige vete uit met hun ouders, over hun kwalijke rol ten tijde van het nationaal-socialisme. Een dialoog die openlijk werd gevoerd. In het oosten is, na de val van de Muur, veeleer sprake van een stil generatieconflict, dat tot dusver verre van 'laut' wordt gevoerd.

Hebben wij als Nederlander vooral de beelden van de euforie van de val van de Muur voor ogen, tijdens die historische avond van 9 november 1989, in de DDR opgegroeide jongeren als Sabine Rennefanz blijken dat toch anders te hebben beleefd, blijkt uit haar boek Eisenkinder.

Als meisje rijdt Rennefanz met haar ouders vlak na de openstelling van de grens naar West-Berlijn. In haar dagboek noteert ze 'schaamte' te voelen over het gedrag van haar landgenoten. 'Als verhongerde roofdieren, als bedelaars, werpen ze zich op producten uit het westen.' En: 'Onze Trabbi (Trabant) ziet er lachwekkend uit naast al die Mercedessen. Ik voel me als die kleine Trabbi.' Conclusie: 'Der große Jubel über die große Freiheit blieb aus.'

Journaliste Rennefanz werpt nog een andere vraag op. Waarom zijn veel jongeren van mijn generatie na de Wende in de jaren negentig zo geradicaliseerd? Ze geeft zelf het antwoord: we waren de richting kwijt. Ze spreekt van een tijdperk van vervreemding, van een metafysisch daklozenbestaan. Zelf werd ze een tijdlang een fanatieke fundamentalistische christen, andere generatiegenoten schoren hun koppen kaal en werden neonazi.

Ze zoekt in Jena de moeder van Uwe Böhnhardt op, een van de drie leden van de terreurgroep Nationalsozialistischer Untergrund (NSU), die begin deze eeuw verantwoordelijk was voor ettelijke moorden op allochtonen. De jeugd van de zoon die door de moeder wordt beschreven, is voor de auteur heel herkenbaar. De anarchie die na de Wende op de scholen heerst, de ouders die de greep op hun kinderen verliezen, de onmogelijkheid om een baan te vinden.

De hulpeloosheid van de moeder van Böhnhart doet Rennefanz denken aan de apathie van haar eigen ouders. Angstige mensen, voor wie het invullen van een formulier om een studiebeurs voor hun kinderen aan te vragen al confronterend bleek.

De generatie van de ouders van Rennefanz wil liefst niet aan de pijnlijke facetten van de DDR-tijd worden herinnerd. Toen het op het nostalgische Oost-Duitse publiek gerichte weekblad SUPERillu een paar jaar terug een interview plaatste met Roland Jahn, de directeur van de dienst die de archieven beheert van de voormalige Oost-Duitse geheime dienst Stasi, regende het klachten van lezers. Het moest nu eindelijk eens afgelopen zijn met die Stasi-kwestie.

undefined

Verdachtmakerij

Het is een 'allergie' die chefredacteur Robert Schneider (zelf 'Ossie') wel kan begrijpen. Het zijn vooral West-Duitsers die gefascineerd zijn door dat verleden, zegt hij, terwijl hij erop wijst dat in datzelfde West-Duitsland direct na de Tweede Wereldoorlog juist vele nazi's weer gewoon aan het werk konden als rechter of leraar. 'Wanneer houdt die verdachtmakerij nou eens op dat alle Oost-Duitsers bij de Stasi waren?', zegt hij in Dritte Generation Ost.

Het nummer met het interview met Jahn, die in de DDR een tijdlang in de gevangenis zat, verkocht slecht. 'Ostalgische' verhalen over de DDR zijn oké, constateert Schneider, confronterende zijn niet gewenst.

Van de zogenoemde tweede generatie zijn er twee lichtende voorbeelden die het - tegen de stroom in - wel 'gemaakt' hebben in het nieuwe Duitsland. De eerbiedwaardige Joachim Gauck (1940) schopte het tot bondspresident. En natuurlijk Angela Merkel (1954), bondskanselier en de machtigste vrouw van Europa.

undefined

Succesvolle vrouwen

Merkel zal tot haar genoegen zien dat vooral vrouwen uit de derde DDR-generatie ook succesvol zijn. In Berlijn zijn jonge vrouwelijke 'Ossies' als Katja Kipping (partijchef Die Linke) en Manuela Schwesig (als SPD-minister) actief. Ze zijn niet de enigen. Een relatief groot aantal jongere Oost-Duitse vrouwen heeft haar draai gevonden, blijkt uit studies. In Oost-Duitsland zijn er procentueel zelfs meer vrouwen in leidende posities werkzaam dan in het westen. Ook zijn er meer Oost-Duitse moeders in hoge posities actief, liefst 70 tegen 36 procent.

Mogelijke oorzaak? In de DDR was de vrouw al geëmancipeerder dan in West-Duitsland, kinderopvang was goed geregeld. Op de kleuterschool zongen de kindjes in de late jaren zeventig het liedje: 'Wenn Mutti früh zur Arbeit geht'. Die trend heeft zich doorgezet.

De jonge Oost-Duitse vrouwen slaan hun vleugels uit, veel mannen blijven eenzaam achter in de leeg druppelende Uckermark en de Altmark, blijkt uit diezelfde onderzoeken. Werkloos, zonder opleiding, niet zelden radicaal in hun politieke overtuiging, xenofoob. Niet voor niets is de neonazistische NPD relatief groot in het oosten.

Het zijn vooral deze mannen die ervoor zorgen dat de emancipatie tussen oost en west, bijna 25 jaar na de val van de Muur, verre van voltooid is. Dat het in het oosten op veel plekken nog steeds 'Jammertal Ost' is, zoals Der Spiegel ooit schreef. De werkloosheid in delen van het oosten ligt veel hoger dan in het westen, de salarissen en uitkeringen liggen er op een lager niveau, van oudsher toch al troosteloze steden als Eisenhüttenstadt lopen leeg.

Na de Wende zijn anderhalf miljoen Oost-Duitsers definitief naar het westen getrokken, op zoek naar werk. De stroom in de andere richting, van west naar oost, is veel kleiner (Berlijn uitgezonderd). Sterker nog, één op de vijf West-Duitsers is nog nooit in de voormalige DDR geweest. Wat moet ik daar, bromt de Hamburgse taxichauffeur. 'Het is mijn land niet.'

Een lid van de Dritte Generation Ost zegt: 'De DDR is er niet meer. En dat is maar goed ook. Maar de vooroordelen zijn er nog steeds.'

DRITTE GENERATION OSTDEUTSCHLAND

undefined

Portretten

Ze zijn tussen 1975 en 1985 geboren en noemen zich de Dritte Generation. De Berlijnse fotograaf Sven Gatter (1978) portretterde in zijn Oost-Duitse Heimat generatiegenoten.

Johannes Staemmler (opgegroeid in Dresden): 'Wij houden ons met ons eigen verleden bezig en tot mijn verbazing reageren velen, jong en oud, daarop met een 'dat speelt toch geen rol meer'.' Isabel Hempel (Jena en Hofheim): 'Door de crisiservaringen tijdens en na de omwenteling ben ik niet automatisch deskundige geworden. Maar een zeker reflectievermogen kan je wel sterker maken.' Juliane Cieslak (Seifhennersdorf): 'Ik zie mijzelf pas sinds kort als Oost-Duitse. Dat maakt het mogelijk erover na te denken waar ik eigenlijk vandaan kom en waar mijn wortels liggen.'

undefined

Volkskrantreis naar Berlijn

Van 7 tot en met 12 november, tijdens de herdenking van 25 jaar val van de Muur, organiseert Agora Europa een bijzondere Volkskrantreis naar Berlijn. U wordt tijdens deze masterclass rondgeleid door experts in de turbulente geschiedenis van Duitsland. U ontmoet ooggetuigen en prominenten uit politiek en cultuur uit Oost en West. Voor het volledige programma en aanmelden, ga naar agora-europa.nl.

undefined

Meer over