Morales belooft burgers 20 procent meer loon

SANTA CRUZ - De Boliviaanse president Evo Morales heeft een loonsverhoging van 20 procent in de publieke sector aangekondigd om de sterke stijging van de benzineprijs te compenseren en de protesten van de bevolking en de vakbonden te temperen.


Benzine werd deze week in Bolivia in één klap 73 procent duurder, dieselolie zelfs 82 procent. De maatregel, waarmee de regering een einde maakte aan jaarlijkse subsidies op brandstof van 380 miljoen dollar (2 procent van 's lands bbp), heeft sinds het kerstweekeinde wilde stakingen, prijsverhogingen van alle basisproducten en groot ongenoegen onder de bevolking veroorzaakt.


In een poging de kalmte te herstellen, zei Morales woensdag dat het minimumloon (nu 95 dollar) volgend jaar met 20 procent zal stijgen. De salarissen in het leger, de politie, de gezondheidszorg en het onderwijs zullen met hetzelfde percentage worden verhoogd.


Bovendien verklaarde Morales dat het overheidspersoneel - hijzelf, zijn vice-president en de ministers uitgezonderd - in 2011 een dubbele kerstgratificatie ontvangt. 'Ik maak me meer zorgen om de Boliviaanse economie dan om mijn eigen imago', zei de president in een door alle nationale radio- en tv-stations uitgezonden toespraak. 'De afschaffing van de subsidies op brandstofprijzen is in het belang van het vaderland. We kunnen niet langer toestaan dat gesubsidieerde benzine via smokkel naar de buurlanden verdwijnt.'


Volgens regeringsberekeningen zal de verhoging van de benzineprijs, in combinatie met de inflatie over 2010, de prijzen van consumptiegoederen 20 procent opdrijven. 'De salarisverhoging zal die stijging compenseren', verzekerde Morales.


Een woordvoerder van de regering zei dat de loonstijging in de publieke sector zal dienen als referentie bij salarisonderhandelingen tussen de vakbonden en particuliere ondernemingen. De president beloofde ook steunmaatregelen voor arme kleine boeren. Verder garandeerde hij dat de tarieven van gas, water, licht en telefoon gelijk zullen blijven.


Met dit pakket hoopt de regering de protesten in het land te temperen. Niettemin hielden duizenden bewoners van de armenstad El Alto, dicht bij La Paz, donderdag een grote manifestatie tegen wat zij 'el gasolinazo' (de benzineklapper) noemen. 'Geen enkele verzachtende maatregel zal afdoende zijn. De regering moet het benzinedecreet intrekken', zei Fanny Nina, voorzitster van El Alto's federatie van buurtraden Fejuve.


Lokale en nationale busondernemingen sloten zich bij het protest van Fejuve aan. Ook in andere Boliviaanse steden werden manifestaties en vervoersstakingen gehouden. Ruim 5.000 arbeiders van Huanuni, 's lands grootste tin- en zilvermijn, eisten donderdag zelfs het aftreden van Morales. De overkoepelende vakcentrale COB zal waarschijnlijk komende maandag een landelijke staking organiseren. 'Chaos zal het land regeren zolang de regering niet wil buigen', zei Ramiro Condori, een van de COB-leiders.


Maar ondernemers verdedigen de maatregel. De Kamer van Gas- en Olieproducenten verklaarde dat de subsidies op de benzineprijzen 'een veel te grote last' vormen voor de overheidsfinanciën.


Meer over