Mooie anekdotes en klassieke foto's

Gijsbert Kamer

Terwijl in de stad honderden bandjes zichzelf in de brandende zon of donkere zaaltjes vanmiddag in het zweet werkten, luisterde ik naar Michael Ochs en keek ik naar de foto's uit zijn drie miljoen foto's tellende Michael Ochs Archives.

Dat archief heeft hij 2 jaar geleden vekocht aan Getty Images maar het is aan zijn verzamelwoede te danken geweest dat klassiek geworden foto's van vooral rock 'n roll helden uit de jaren vijftig allemaal nog bewaard zijn gebleven.

Ochs, achter in de zestig inmiddels vertelde zijn levensverhaal aan de hand van de foto's. Want hij was al vroeg geobsedeerd door rock 'n roll en bezocht als tieners al radioshows van bijvoorbeeld Alan Freedman. Prachtig is de foto die hij zelf maakte (want fotograferen kon de verzamelaar ook) van Pete Townshend, ergens in 1965. The Who was voor het eerst in de States en stonden tussen allerlei grootheden geprogrammeerd maar ergens onderaan op het affiche. Ze mochten maar 8 minuten spelen. Maar dat wel 5 keer op een dag, 9 avonden lang. Tijdens die 45 optredens moest wel een deel van het instrumentarium aan gort worden geslagen, dat hoorde bij hun act.

Vijfenveertig gitaren kon de band natuurlijk niet betalen, dat ze de schade tot vijf gitaren beperkt wisten te houden kwam volgens Ochs omdat na iedere show de scherven bij elkaar werden gezocht en de gitaar weer opnieuw in elkaar werd gezet. Op de foto inspecteert Townshend er een. Hij zou hem later aan Ochs hebben aangeboden. Die bedankte toen. Wat moest hij met zo'n onbruikbaar in elkaar getimmerd geval? Onnodig te zeggen dat Ochs later spijt had van dit besluit.

Fascinerende loopbaan heeft die Ochs gehad. Hij was als journalist een van de eersten die Bob Marley in Jamaica opzocht naar aanleiding van de film The Harder They Come, wat voor de meeste muziekliefhebbers de kennismaking met reggae was.

Hij werkt bij CBS onder meer met Bob Dylan, en was in de jaren zestig manager van zijn broer Phil.
Phil Ochs was volgens zijn broer de op een na beste folkzanger van zijn generatie, en daar ben ik het wel mee eens.

Ook was Ochs verantwoordelijk bij ABC Records voor het hitsucces Before The Next Teardrop Falls van Freddy Fender. Zijn chef op de publiciteitsafdeling had hem verboden er tijd in te steken want wat moest je nu met een Amerikaan van Mexicaanse afkomst die te dik was en ook nog eens een bajesklant was. Alles dacht Ochs en hij werkte toch aan Fender, omdat hij geloofde in het liedje.

Terecht want het werd een enorme wereldhit. Maar Ochs werd wel ontslagen. Of zoals hij zelf zei: 'I got fired for not obeying and the next month my brother killed himself'.

Ochs stond nauwelijks verder stil bij deze dramatische wending in zijn leven, hij ging gewoon door met zijn foto's. Mijn gedachten waren even bij Phil Ochs en zijn ellendige einde. De beloften zijn eigenlijk nooit ingelost. Zijn broer werkt nu aan een documentaire waar ik heel benieuwd naar ben.

Ik had in elk geval geen spijt dat ik de bandjes maar even genegeerd heb, vanavond kom ik weer volop aan mijn trekken.

Gisteren was het al even aardig in het Austin Convention Center. De keynote speech van Quincy Jones trok een dikke duizend man de grote zaal in. Jones vertelde zo uit zijn blote hoofd in naar verluidt tweeënhalf uur zijn levensverhaal. Ik heb het na vijf kwartier voor gezien gehouden, want alle anekdotes kende ik al uit zijn autobiografie en na drie keer gehoord te hebben dat hij zoveel van Ray Charles hield en deze ook van hem (wat hij aantoonde met een filmpje uit Montreux) vond ik het mooi geweest.

Wel een mooie vitale man nog (79 jaar) die Jones en het was prachtig om te zien hoe een zaal vol toch niet de minsten uit de muziekindustrie, minutenlang voor hem applaudiseerde.

Een paar van die prominenten zaten gisteren eerder achter een tafel om te vertellen over de History Of British Indies. Een mooi stel: Seymour Stein (Amerikaan maar van grote invloed op de Britse punk met zijn Sire records waarop Talking Heads en de Ramones zaten); Peter Jenner, entrepeneur sinds de jaren zestig die onder meer werkte met Pink Floyd; Geoff Travis (oprichter van Rough Trade winkel en label) Martin Goldschmidt (Cooking Vinyl) en Simon Raymonde (Bella Union).

Wat je noemt een top-panel. En altijd leuk om te horen hoe in de jaren zeventig de do it yourself gedachte zich manifesteerde onder muzikanten en fans. Alle heren zijn allemaal in de muziek gegaan omdat ze fan waren en allemaal zijn ze min of meer bij toeval platenbaas geworden. Mooi vond ik de uitspraak van Travis die uitlegde dat het keihard werken was, ook fysiek vanwege al het gesjouw met dozen platen, inpakken, versturen etc. Maar: 'The glamour comes being associated with amazing music.'

Het meest bijgebleven vandaag is met het verhaal van Simon Raymonde. Hij werkte begin jaren tachtig in de Rough Trade Shop die zich onder het kantoor van het label 4AD bevond. Als hij de winkel opent is er nog niemand van het label aanwezig maar twee wat verlegen Schotten, een jongen en een meisje, zeggen een afspraak te hebben.

Ze vertellen dat ze een demo hebben opgenomen, of eigenlijk 2. Ze hadden twee cassettebandjes, maar konden die niet kopiëren. Dus speelden ze dezelfde liedjes twee keer. Een bandje was er voor John Peel. De andere wilden ze aan 4AD laten horen. Raymonde luistert er even naar terwijl ze wachten, en is verbijsterd. 4AD later die dag ook. Het contract is meteen getekend.

Raymonde werd vervolgens het derde groepslid van Cocteau Twins en is nu zelf labelbaas van Bella Union dat in de UK momenteel gigantisch scoort met Fleet Foxes.

Een enorme katalysator van de hele Britse punkbeweging was natuurlijk John Peel. Zijn 'ontdekking' van Teenage Kicks van de Undertones werd ook nog even gememoreerd. Een cruciaal nummer van een cruciale band.

Ik moest natuurlijk aan ze denken toen ik vannacht That Petrol Emotion zag. De band die uit Undertones voortkwam. Vreselijk goed optreden, maar wat betekent de band na 19 jaar nog. Wie kent ze eigenlijk nog?

Ik bewonder de broers O'Neill, ze staan hier weer met de Amerikaanse zanger Steve Mack herenigd alleen maar omdat ze daar heel veel zin in hebben. Zo hoort het. Vanavond hoop ik net zo geraakt te worden, ik ga de stad maar weer in, het avondprogramma begint.

Meer over