Moeders en vaders zijn ver weg

Miljoenen kinderen groeien op bij oma's en opa's, tantes of buren omdat hun ouders op soms duizenden kilometers afstand werken. Afrikaanse kinderen hebben daar het minst last van.

VAN ONZE VERSLAGGEEFSTER MARJON BOLWIJN

AMSTERDAM - Ze zitten op de beste scholen, hebben vaak een goede gezondheid en kunnen soms hun klasgenoten de ogen uitsteken met een eigen mobiel. Een werkende vader en/of moeder in het buitenland heeft economische voordelen voor achterblijvende kinderen in arme streken. Maar er is ook een keerzijde. Veel kinderen hebben emotionele problemen omdat ze zich in de steek gelaten voelen. Zeker als ze hun moeder moeten missen.

Aziatische, Zuid-Amerikaanse en Afrikaanse arbeidsmigranten zoeken hun heil vaker buiten hun eigen land en continent: het Midden-Oosten, Hongkong, Amerika of Europa. Daar valt met laaggeschoold werk in schoonmaak, bouw en horeca een beter inkomen te verdienen. Omdat vrouwen tegenwoordig makkelijker aan laaggeschoold werk komen dan mannen, is de ouder die de koffers pakt vaak een moeder.

Gemigreerde ouders investeren een groot deel van de vergaarde inkomsten in scholing en gezondheid van hun kinderen. Regeringen zien de miljoenen euro's die arbeidsmigranten wereldwijd in eigen land investeren graag binnenstromen. Maar wat betekent het emotioneel voor de verscheurde gezinnen en de achtergelaten kinderen in het bijzonder?

Dat heeft Valentina Mazzucato als eerste serieus onderzocht met een vergelijkend onderzoek onder kinderen in Angola, Ghana en Nigeria met werkende ouders in Nederland, Portugal en Ierland. De hoogleraar Globalisering en Ontwikkeling aan de Universiteit Maastricht viel het op dat gescheiden leven van ouders voor kinderen niet per definitie betekent dat zij emotionele schade oplopen. Afrikaanse kinderen, zo concludeert zij, ondervinden over het algemeen minder hinder van verre ouders dan Aziatische of Zuid-Amerikaanse leeftijdgenoten.

Uit kleinschaliger onderzoeken in de Filipijnen, Sri Lanka en Mexico blijkt dat kinderen met werkende ouders in het buitenland een betere gezondheid hebben en goed onderwijs krijgen, maar relatief vaker slecht presteren op school. Depressie onder meisjes en crimineel gedrag onder jongens komen vaker voor.

Het verschil met Afrika, zegt Mazzucato, komt doordat het daar gebruikelijk is dat ouders de zorg voor hun kinderen overlaten aan familieleden. Bovendien dragen Afrikaanse gezinnen minder dan die in Azië en Latijns-Amerika de last van de katholieke moraal die een gescheiden gezinsleven zonder moeder als hoedster en broedster en vader als pater familias, veroordeelt.

Twee ervaringen van kinderen uit verschillende werelddelen illustreren dit verschil tussen de continenten.

'Mama, zelfs als je geen geld hebt moet je naar huis komen en óók als dat betekent dat we dan geen inkomen zullen hebben, want jouw aanwezigheid is het beste geschenk aan ons.' Analyn uit de katholieke Filipijnen kon deze smekende kinderstem aan de telefoon niet weerstaan en besloot onlangs na bijna negen jaar werken als nanny in Saoedi-Arabië terug te keren naar haar acht kinderen. De kinderen waren opgevoed door afwisselend hun vader en grootouders.

De 13-jarige Gottlieb uit Ghana, wiens moeder al jaren in Engeland werkt: 'De stiefmoeder bij wie ik woon behandelt mij als haar eigen zoon. Ik heb het dus goed. Zij heeft de plaats van een moeder in mijn hart ingenomen, maar mijn moeder blijft degene van wie ik echt heel veel houd.'

Mazzucato vergeleek het welbevinden van kinderen in drie Afrikaanse landen met een of twee gemigreerde ouders met dat van kinderen die opgroeien met beide ouders. Ze ontdekte dat ruim eenderde van de kinderen in Ghana, Nigeria en Angola geen emotionele schade ondervindt van afwezige ouders. Kinderen met wie het goed gaat, onderscheiden zich in een aantal opzichten van kinderen die wel lijden onder het gemis. Ze hebben veel telefonisch contact met hun verre ouders - zien hen minimaal één keer per jaar en wisselen niet van verzorgers.

Gering contact komt door moeilijke leefomstandigheden van de ouders; ze werken hard en leven in stressvolle omstandigheden door onzekerheid over woonruimte, onregelmatige of te weinig inkomsten, uitbuiting in een illegaal circuit. Dit bestaan slokt hen op waardoor zij minder goed in staat zijn hun kind op afstand emotioneel te steunen. In Nederland leven veel arbeidsmigranten met kinderen in het thuisland in deze situatie.

Opvallend is dat kinderen van wie beide ouders op grote afstand wonen en werken beter af zijn dan kinderen met alleen een vader of een moeder overzee. Eén afwezige ouder blijkt vaak tot spanningen te leiden over nieuwe liefdesrelaties en tegenvallende inkomsten overzee. Kinderen lijden daar onder. Een afwezige moeder blijkt meer impact te hebben dan een gemigreerde vader door het gemis aan emotionele steun en stabiliteit in de zorg. Achtergebleven vaders laten de zorg voor hun kinderen na een tijdje nogal eens aan anderen over.

Het weerzien met de ouder(s) jaren later kan pijnlijke taferelen opleveren, op alle drie de continenten. De Nijmeegse antropologe Linda van Dommelen interviewde twee jaar geleden Filipijnse moeders die na lange arbeidzame jaren in het buitenland terugkeerden naar hun gezin. Een vrouw werd niet geaccepteerd door haar jongste zoon. 'Dat is mijn moeder niet', zei hij toen zijn vader hem aan zijn echtgenote voorstelde.

Valentina Mazzucato relativeert sombere uitkomsten van eerdere - kleinschalige - onderzoeken over de nadelige effecten van gemigreerde ouders op kinderen. 'Het merendeel heeft dankzij het hogere gezinsinkomen een betere gezondheid en scholing.' Ook stelt zij dat het kerngezin zoals dat in het Westen de norm is in veel andere culturen niet het enige ideale model is. Uiteengereten gezinnen worden daardoor als minder dramatisch beschouwd dan in Europa en Amerika.

Ratna Saptari, antropoloog en onderzoeker aan de Universiteit Leiden, deelt die visie. In Indonesië is het al generaties een normaal verschijnsel dat moeders én vaders het gezin verlaten om elders een gezinsinkomen te verdienen. 'Er is geen reden aan te nemen dat de afwezigheid van een of beide ouders onmiskenbaar leidt tot een problematische jeugd. Het kerngezin is een mythe, net zoals de onmisbare moeder. '

In Nigeria, Ghana en Angola nam Valentina Mazzucato hetzelfde waar. De 18-jarige Kwabena uit Ghana verwoordt de ervaring van veel kinderen: 'Mijn moeder was er altijd voor mij, ook al was ze niet aanwezig, omdat ze mij vaak belde. Ik vind haar heel aardig want als ik ergens mee zit vertel ik het haar. Dat doe ik, omdat ze er altijd voor mij is geweest.'

undefined

Meer over