Moederbedrijf Lovers koopt busonderneming

CGEA, het Franse moederbedrijf van Lovers Rail, is in vergaande onderhandelingen over de overname van het Limburgse busbedrijf Hermes. Hermes is nu nog onderdeel van busgigant VSN en heeft een jaarlijkse omzet van ongeveer 230 miljoen gulden....

Van onze verslaggever

Harry van Gelder

AMSTERDAM

Onlangs is Hermes een onderzoek begonnen naar een fusie met Stadsbus Maastricht. De conclusie daarvan wordt binnenkort verwacht. Door de overname krijgen de Fransen vrijwel het hele busvervoer in Limburg in handen. Alleen het Britse Arriva rijdt ten oosten van Maastricht nog enkele buslijnen.

CGEA stelt zich echter niet tevreden met de buslijnen. De Franse transportpoot van multinational Vivendi wil ook het spoor op. Volgens ingewijden wil het bedrijf zelfs de miljoenen kostende spoordienst van Amsterdam naar Haarlem inruilen voor lijnen elders in het land. In Limburg heeft het bedrijf vooral interesse in de onrendabele lijnen in Zuid-Limburg. CGEA wil de spoorlijnen integereren met de bussen, zodat één vervoersgebied ontstaat.

Direkt na het vertrek van Lovers-directeur Sul heeft CGEA de strategie totaal veranderd. Het Franse bedrijf zet zich niet langer af tegen de NS en de overheid, maar zoekt de net als elders in Europa de samenwerking.

De dag na Sul's vertrek stond CGEA al op de stoep bij de NS. De Fransen kwamen daar om de Limburgse spoorlijnen vragen. De NS willen wel van de onrendabele spoorlijnen af, maar verwezen CGEA naar het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Die heeft namelijk de zeggenschap over de exploitatie van de sporen.

In een contract tussen minister Netelenbos van Verkeer en de NS is namelijk vastgelegd dat de rijksoverheid zelf een vervoerder kan aandragen. Doet ze dat niet, dan wordt het contract met de NS met een jaar verlengd en blijft de NS voor een bepaald bedrag de lijnen bedienen.

Door de verkoop van Hermes raakt busgigant VSN weer een deel van zijn marktpositie kwijt. Vorige week ondertekende VSN de verkoop van de Noordelijke busbedrijven Hanze en Veonn aan het Britse Arriva. De Britten betaalden er 150 miljoen gulden voor. Het Brabantse BBA was al eerder uit het moederbedrijf gestapt.

VSN houdt alleen nog een randstadbedrijf over, het zogenoemde VSN-1. Dit busbedrijf heeft 65 procent van het streekvervoer in handen. Dat is volgens het beleid van het kabinet nog altijd te veel. Vanaf volgend jaar worden de regionale busgebieden openbaar aanbesteed. Bedrijven die meer dan 50 procent in handen hebben mogen daar niet aan meedoen.

Om die reden besloot bestuursvoorzitter Sevenstern van VSN het bedrijf op de schop te nemen en het op te splitsen in een randstedelijk en een regionaal bedrijf. Ruim dertienhonderd werknemers, voornamelijk kantoormedewerkers, moesten het bedrijf verlaten. Inmiddels zijn daarvan al vele honderden vertrokken.

Meer over