Mister Anne Frank gaat niet meer naar de Oorlog

Professor Annetje wordt hij thuis genoemd, vanwege Anne Frank. David Barnouw neemt volgende week afscheid van zijn instituut, het Niod. Loskomen van de oorlog doet hij nooit. Hij leeft ervan. Hij is een 'oorlogswinstmaker'. Een wijsneus bovendien, met hoofdletter W.

David heeft iets wijsneuzerigs, zegt zijn vriendin Elma Verhey. Hij weet veel, ook Twee-voor-Twaalf-feiten. Je kunt hem midden in de nacht wakker maken voor de vreemdste vragen. De kinderen Barnouw waren vroeger thuis altijd bezig met feiten. Als ze iets niet wisten, moesten ze het van hun vader, een vrijzinnig dominee die eindigde als rector van een lyceum, opzoeken in de Winkler Prins Encyclopedie.


David Barnouw is een databank voor vragen over de Tweede Wereldoorlog, vooral over Anne Frank. Voor journalisten uit binnen- en buitenland is hij een zegen, bondig en onverbloemd serveert hij hapklare brokken, een statement, een kwinkslag.


Professor Annetje wordt hij thuis genoemd, die elke dag naar de Oorlog gaat, zoals Barnouw het instituut noemt. Deze week neemt Mister Anne Frank afscheid van het Niod, dat stond voor Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie en tegenwoordig het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies is. Volgende week wordt hij 65.


Het is puur toeval dat Barnouw zich heeft gestort op Anne Frank. Een jaar nadat hij bij het Niod aan de slag was gegaan, liet Anne's vader, Otto Frank, de originele dagboeken na aan de staat. Twee bleken het er te zijn. Het oorspronkelijke dagboek en de deels door Anne herschreven versie.


Met twee collega's stelde Barnouw een vuistdik boek samen met de twee versies en het door Otto Frank bewerkte, in 1947 uitgegeven Het Achterhuis. Aangevuld met een inleiding over het verraad van het achterhuis en een hoofdstuk waarin de aanval op de echtheid van het dagboek wordt afgeslagen.


Dat er twee originele versies boven water waren gekomen, was koren op de molen van Holocaustontkenners. Het dagboek moest wel verzonnen zijn.


Van de drie samenstellers groeide Barnouw uit tot dé Anne Frankspecialist. Hij schreef drie boeken en talloze artikelen over haar. Het voerde hem over de hele wereld.


Hij raakte gefascineerd door het dagboek, dat hij niet eerder had gelezen. Zijn fascinatie heeft te maken met de reuzesprongen die een jong meisje als schrijver maakte. In twee jaar leerde ze knap schrijven.


Barnouw is ook gegrepen door de naoorlogse geschiedenis van Anne Frank. Hoe de wereld is omgesprongen met haar en Het Achterhuis. Hoe het dagboek de wereld veroverde en iedereen zijn eigen Anne heeft.


Pedagogen zien in Het Achterhuis het bewijs dat een liberale opvoeding werkt. Feministen zien haar als het toonbeeld van de geëmancipeerde vrouw. Vrijheidsstrijders en andere actievoerders gingen met Anne aan de haal. In Amerika staat ze symbool voor de Holocaust. Japanners stellen haar gelijk met de slachtoffers van de atoomaanvallen - een bizarre gedachte.


Toen de kastanjeboom in de tuin van het achterhuis in 2006 gekapt dreigde te worden, brak er een opstand uit. De kastanje was een symbool, alleen was niet duidelijk waarvan. Van de Holocaust? Van Anne Frank? De oorlog? Vrede? De onschuld? Of het verraad?


Anne had tien regels gewijd aan de boom waarop ze uitkeek. Barnouw bezag hoofdschuddend de hysterie en schreef over 'de boom van vrijheid en verzet'. De kap werd zelfs verraad genoemd. Kon het nog gekker?


Barnouw is gegrepen door de oorlog, vooral de Tweede Wereldoorlog met alle nasleep, de veranderende kijk erop, hoe we ermee omgaan. 'Voor David, die van de oorlog leeft', liet hij Hugo Claus schrijven in Het Verdriet van België.


'OW'er, pestte Eric Slot, vriend en journalist die Barnouw geregeld raadpleegt. Oorlogswinstmaker, een beladen term, Barnouw zag er de humor wel van in.


Zelf kwam Barnouw ooit met de term Anne Frankindustrie, waarvan hij onderdeel uitmaakt. Zonder Anne zou hij niet worden uitgenodigd om lezingen te geven in Amerika. De Anne Frank Stichting, die het achterhuis en het Anne Frankmuseum in Amsterdam beheert, was woest en probeerde hem via de directie van het Niod de mond te snoeren. Tevergeefs.


Toen de Anne Frank Stichting vorige maand bekendmaakte dat de knikkers van Anne zijn opgedoken bij een vroeger buurmeisje van de familie Frank, noemde Barnouw ze meteen roofknikkers. Een gevoelige benaming, een verwijzing naar de roof van joodse bezittingen tijdens de Tweede Wereldoorlog ligt voor de hand. Het is zijn manier om te zeggen dat hij die knikkers maar aanstellerij vindt.


Mythes mag hij met een sardonisch genoegen doorprikken. Die van het grote aantal Nederlandse bordelen van de Wehrmacht, bijvoorbeeld. De bordelen waren snel gesloten, er was geen behoefte aan. De Duitse soldaten hadden vriendinnetjes genoeg in Nederland.


Of dat de Duitsers onze fietsen roofden. Barnouw mag graag wijzen op een onderzoek dat heeft vastgesteld dat in de eerste jaren van de oorlog de diefstal van rijwielen inderdaad spectaculair toenam, maar dat het gros werd gejat door Nederlanders.


Dat Anne belangrijk is geweest voor Nelson Mandela, zoals hij zei nadat hij president was geworden van Zuid-Afrika - Barnouw gelooft er niets van. En al helemaal niet dat Het Achterhuis blaadje voor blaadje langs de cellen op Robbeneiland is gesmokkeld.


Barnouw heeft er lak aan dat men het niet prettig vindt dat hij het gangbare beeld verstoort. Hij is een enorme debunker en dat is maar goed ook, want er wordt een hoop onzin beweerd.


Zijn vriend Slot mag hem graag persifleren in een fake-interview. 'Meneer Barnouw, de Tweede Wereldoorlog...' Waarop Slot zich omdraait en antwoordt als Barnouw: 'Nou, oorlog, oorlog...'


De Britse auteur Carol Ann Lee was de zoveelste die kwam met een theorie over de verrader van Anne Frank. Ook deze schoot Barnouw af. Slot: 'Mogelijk terecht, maar zij had zoveel nieuw materiaal gevonden dat je je afvraagt waarom het Niod die documenten niet heeft gevonden.'


Barnouw is allang tot de teleurstellende conclusie gekomen dat we er nooit achter zullen komen wie Anne heeft verraden.


Een ander stokpaardje van hem is zijn verzet tegen het grijs waarbij het Kwaad als grijs wordt weggezet. Er is wel degelijk een verschil tussen fout en fout. Tussen laf toekijken en heulen met de vijand, tussen geen onderduiker opnemen en een onderduiker verraden. Grijs is een grove versimpeling. Bovendien: als het een grijze brei is, zijn er ook geen helden meer.


Barnouw is er faliekant tegen dat 4 mei wordt herdacht met Duitsers. De 4de mei herdenken wij onze slachtoffers. Als Duitse soldaten ook tot de slachtoffers behoren, waar zijn de daders dan nog? Prima dat we ons verzoenen met de Duitsers van nu, maar waarom zouden we ons verzoenen met de Duitsers van toen?


Beschaafd, misschien past bedaagd beter, evenwichtig, op het laconieke af. Op een manier waarop een goede bestuurder zich staande houdt. Barnouw moet niet onmiddellijk een oplossing voor een probleem hebben.


Hij zou een zenboeddhist kunnen zijn, maar daarvoor drinkt hij te veel. Vaak is hij te vinden in De Zwart, het journalisten- en schrijverscafé op het Spui in Amsterdam. In De Zwart wordt in een moordend tempo ingenomen.


Barnouw drinkt bier uit een klein glas, een bolletje, waar de gemiddelde habitué kloeke vazen tot zich neemt. Hij is de enige, het glas is naar hem vernoemd. Geregeld klinkt aan de bar: 'Bram, drie pils en een David.'


Als student politicologie voerde Barnouw actie tegen hoogleraar Daudt, die naar de zin van de opstandige studenten niet 'maatschappijkrities' genoeg was. Het is een geruchtmakende episode van de studentenrevolte. Barnouw wist dat Daudts vader in de oorlog een foute politieman was geweest. Hij heeft die wetenschap nooit gebruikt.


Hij is niet gepromoveerd, had dat makkelijk gekund, maar Barnouw is van de korte baan. Bovendien heeft hij de status van professor Annetje toch al. Hier laat zijn calvinistische opvoeding, een mens moet woekeren met de hem gegeven talenten, het afweten.


Voor schrijver-journalist Sytze van der Zee is Barnouw een Wijsneus met een hoofdletter W. Van der Zee is een van de auteurs die een verrader van Anne aanwijst. 'Hij is bijzonder behulpzaam als je hem wat algemeens vraagt over de Tweede Wereldoorlog. Du moment dat je over Anne Frank schrijft, krijg je te maken met zijn territoriumdrift en is de boodschap: waar bemoei je je mee?'


Barnouw heeft zich Anne toegeëigend, vindt Van der Zee, die in de kolommen van de Volkskrant en Vrij Nederland menig robbertje met hem heeft uitgevochten. 'Ik had hem een pdf gestuurd van Vogelvrij. De jacht op de Joodse onderduiker. Het was amper uit of hij probeerde het op alle manieren onderuit te halen. Pertinente onjuistheden haalde hij erbij.'


In 2002 won Barnouw de Wir-haben-es-nicht-gewusst-kwis van de VPRO, maar de aflevering is nooit uitgezonden, omdat het programma van de buis werd gehaald. Als winnaar had hij de kijker een minuut mogen toespreken.


Hij riep in die minuut op tot een verbod van waxinelichtjes en beertjes op de openbare weg als uiting van rouwbeklag. Gek werd Barnouw van al dat openlijke rouwbetoon met betrekking tot mensen, die je alleen van de televisie of 'de bladen' kende, zoals Lady Di en Pim Fortuyn. Het had niets met rouw te maken, maar met opfokking door de media en moest radicaal gedebunkt worden.


Dat die oproep nooit is uitgezonden, daar baalde hij nog het meest van.


CV DAVID BARNOUW

1949 Geboren 11 maart, Retranchement.


1969 - 1976 Politicologie, Universiteit van Amsterdam.


1976 - 1979 Beleidsmedewerker psychologiefaculteit, Universiteit


1979 - 2014 Wetenschappelijk medewerker Niod, Amsterdam.


1996 - 2014 Persvoorlichter en woordvoerder van het Niod.


Barnouw woont samen met de journalist Elma Verhey. Zijn belangrijkste boeken zijn De Correspondentie van Rost van Tonningen 1942-1945 en De Dagboeken van Anne Frank.

Meer over