Nieuws

Minister wil zelfonderzoek van de Gezondheidsraad na trage start boostercampagne

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) wil dat de Gezondheidsraad de eigen advisering over het nut en de noodzaak van de boostervaccinaties gaat onderzoeken. De minister volgt in de regel deze adviezen op. Mede daardoor begon in Nederland de boostercampagne veel later dan in veel andere landen.

Charlotte Huisman
60-plussers wachten op hun boosterprik in een GGD vaccinatielocatie. Beeld Remko de Waal / ANP
60-plussers wachten op hun boosterprik in een GGD vaccinatielocatie.Beeld Remko de Waal / ANP

In september, toen al veel landen waren begonnen met het zetten van de boosterprikken, adviseerde de Gezondheidsraad nog dat een boosterprik niet meteen nodig was, behalve voor patiënten met een ernstige afweerstoornis. Wel zouden er voorbereidingen getroffen moeten worden voor zo’n boostercampagne. Op aandringen van De Jonge kwam de Gezondheidsraad op 2 november met een volgend advies: alle ouderen en bewoners van zorginstellingen moesten toen wél zo’n prik krijgen.

Pas aan het eind van die maand adviseerde het adviesorgaan dat de gehele volwassen bevolking gebaat zou zijn bij zo’n prik. Mede omdat De Jonge had gewacht op dit groene licht van de Gezondheidsraad, begon de Nederlandse boostercampagne pas op 18 november.

Vanwege deze late start kreeg De Jonge veel kritiek van de Tweede Kamer. Daarom vraagt hij de Gezondheidsraad nu te reflecteren op de opeenvolgende adviezen over boostervaccinatie, zowel procesmatig als inhoudelijk. ‘Ik heb de raad daarbij in het bijzonder gevraagd om daarbij de resultaten van de Israëlische praktijkstudies over de boostervaccinatie nader te duiden en te reflecteren op de vraag of op basis van deze Israëlische studies destijds tot een andere afweging gekomen had kunnen of moeten worden met betrekking tot de timing van de boostercampagne’, zo schrijft hij woensdag aan de Tweede Kamer. Begin 2022 verwacht minister De Jonge een reactie van de Gezondheidsraad.

Het verzoek kan worden gezien als verkapte kritiek op de Gezondheidsraad. Vaker in de coronapandemie vond het ministerie van Volksgezondheid dat het te lang moest wachten op de adviezen van het belangrijkste wetenschappelijk adviesorgaan op het gebied van volksgezondheid. Duidelijk is dat veel andere landen in deze pandemie op cruciale momenten veel sneller hebben geschakeld.

Een woordvoerder van de Gezondheidsraad bevestigt dat het adviesorgaan het verzoek van de minister heeft ontvangen, ‘met een duidelijke deadline’. Gezondheidsraadlid Carin Uyl-de Groot, hoogleraar evaluatie van de gezondheidszorg (Erasmus Universiteit) vindt dat minister De Jonge ‘dingen door elkaar haalt’.

‘Deze besmettingsgolf had niet kunnen worden voorkomen met de boosterprikken en de omikronvariant was er nog niet op 14 september’, zegt Uyl. ‘Toen deed de Gezondheidsraad de duidelijke aanbeveling om voorbereid te zijn op de afnemende bescherming tegen ernstige ziekte van de eerste vaccinatieronde, dan zou een boostervaccin nodig zijn. Maar het advies voorbereidingen te treffen voor een snelle start lijkt niet te zijn opgevolgd. De minister heeft vervolgens zelfs besloten dat alles weer moest kunnen en heeft de coronamaatregelen flink afgeschaald. Zijn beleid vind ik ad hoc.’

Meer over