'Minister moet nu ingrijpen bij banken'

Om de risico's van onze grote banken af te dekken, moeten nutsdeel en zakenbankdeel worden gesplitst of moet de kapitaalbuffer 20 procent zijn. Dat betoogt econoom Rens van Tilburg.

OPINIE - Rens van Tilburg
Minister Jan Kees de Jager van Financien tijdens een gastles aan leerlingen van scholengemeenschap Randstad in Rotterdam over de schuldencrisis en het op orde brengen van de overheidsfinancien. Beeld anp
Minister Jan Kees de Jager van Financien tijdens een gastles aan leerlingen van scholengemeenschap Randstad in Rotterdam over de schuldencrisis en het op orde brengen van de overheidsfinancien.Beeld anp

Woensdag spreekt de Tweede Kamer met minister De Jager over de vraag of extra nationale waarborgen nodig zijn voor de stabiliteit van de bankensector. De minister vindt van niet en de Nederlandse grootbankiers zijn het roerend met hem eens, zo bleek vorige week bij hun bezoek aan het parlement. Met deze opstelling loopt Nederland internationaal uit de pas. We dreigen het land te worden met de grootste financiële sector met de kleinste waarborgen voor stabiliteit.

Afhankelijk van de precieze maat is de omvang van de door de Nederlandse banken beheerde gelden vijf- tot zesmaal onze jaarlijkse productie. Hiermee behoort Nederland tot de topdrie van de wereld.
De grootbanken benadrukken dat dit, in de beste VOC-traditie, past bij een handelsland als Nederland. Probleem is alleen dat deze economische globalisering niet heeft geleid tot een vergelijkbare internationalisering van het toezicht op en de garanties voor de banken.

Bankieren is naar zijn aard een risicovol vak. Het hebben van heel grote banken betekent dan ook dat we blootstaan aan heel grote risico's. Zo noopte ING's niet bijster spannende Amerikaanse spaarbank de Nederlandse overheid tot een garantstelling van 20 miljard op een berg rommelhypotheken.

Kapitaalbuffers
Als het met onze grote banken misgaat, staat ons kleine landje er helemaal alleen voor. Om die reden kozen de andere wereldtoppers al voor extra nationale waarborgen, zoals hogere kapitaalbuffers (Zwitserland) of het boekhoudkundig afscheiden van de binnenlandse nutsbankactiviteiten van het internationale en risicovolle zakenbankdeel (Verenigd Koninkrijk).
Onze minister en bankiers maken een andere afweging door de risico's van 'niets extra doen' te bagatelliseren en de kosten van splitsing op te blazen.

Minister De Jager stelt in geval van nood de nutsdelen 'uit de bank' te willen halen. De grote vraag is of dat wel kan, gegeven de structuur van de Nederlandse banken die juist gericht is op integratie, op het vertalen van de synergie tussen de afzonderlijke delen in een (internationaal) concurrentievoordeel. De commissie-Vickers die het Britse kabinet adviseerde over de toekomst van de banken stelt dat de door haar voorgestelde knip (let wel: geen volledige splitsing) juist nodig is om in geval van crisis de nutsdelen te kunnen redden.

Splitsen 'voor' of 'tijdens' een crisis zijn dus geen inwisselbare maatregelen zoals de minister betoogt, het één is een voorwaarde voor het ander. Ben je niet bereid vooraf een duidelijke scheiding aan te brengen tussen nuts- en zakenbankactiviteiten, dan moet volgens Vickers de kapitaalbuffer (het eigen vermogen als deel van de totale balans) omhoog naar 20 procent. Niet toevallig het niveau waar Zwitserland voor heeft gekozen. In Nederland stokt de teller voor de grootste banken vooralsnog rond de 10 procent.

Tegenover de zonnige inschatting van de mogelijkheid om in crisistijd een bank te splitsen, zetten bankiers en minister een gitzwart scenario als voor splitsing vooraf wordt gekozen. Uitgaand van de meest vergaande vorm daarvan voorspellen zij kreupele Nederlandse bankjes, onmachtig nog iets te betekenen voor een vaderlands bedrijfsleven dat daarmee is overgeleverd aan buitenlandse banken die zich enkel tegen de meest ongunstige voorwaarden in ons koude kikkerlandje wagen.

Het oranjegevoel vierde hoogtij in de Kamer toen de voorheen zo kosmopolitische bankiers betoogden voor de Nederlandse economie op deze wereld te zijn gezet. Een opvallend ander geluid dan de ronkende internationale ambities die nog altijd van de websites spetteren. Zo wil ABN Amro tot de wereld topdrie blijven behoren op het gebied van 'energy, commodities & transportation', Rabobank gaat voor de 'world's leading food & agri bank' en ING mikt op een leven als een 'toonaangevende Europese bank', inclusief het zakenbankieren.

Nummer 1 van de wereld
Nu is enige lokale activiteit nodig om een internationaal kantorennet te kunnen onderhouden. Maar om het Nederlandse bedrijfsleven in den verre te dienen hoef je niet de nummer 1 van de wereld te zijn. Ondertussen delen alle Nederlanders in de risico's van de olieleidingen die vanuit het nieuwe kantoor van ABN Amro in Dallas van kapitaal worden voorzien.

Nodig is een nuchtere beschouwing van de internationale activiteiten die nodig zijn om het Nederlandse bedrijfsleven te ondersteunen en welke risico's hieraan kleven. Omdat minister en bankiers hier niet toe in staat blijken, moet ook in Nederland hiertoe een onafhankelijke commissie worden ingesteld.

Er was ook goed nieuws. In lijn met de gedachte dat zij ten dienste moeten staan van de 'echte economie' steunden de bankiers een verbod op handel voor eigen rekening. Een helder principe dat, mits een wakkere toezichthouder de geest hiervan bewaakt, ons in de toekomst veel ellende kan besparen.

Dat is echter niet genoeg. En als we nu de bakens niet verzetten, komt het er niet meer van. Spijt zullen we daar pas van hebben na de volgende boom en bijbehorende bust. De hier besproken ingrepen kosten enkele tienden economische groei, terwijl een financiële crisis al gauw tientallen procenten kosten. De geschiedenis leert dat alleen in crisistijd de benodigde stabiliteit bevorderende ingrepen kunnen worden gepleegd. Om de wankele kredietverlening nu niet verder in gevaar te brengen kan aan lange overgangstermijnen worden gedacht.

Keuze
Nederland staat voor de keuze: beschermen we de binnenlandse nutsdelen door er een hek omheen te plaatsen, al dan niet zo hoog als bij de Engelsen, of kiezen we voor Zwitserse kapitaalseisen. Voor die afweging mag de politiek niet weglopen.

Rens van Tilburg is econoom.

undefined

Meer over